Kwartierstaat van George (Gerhardus) WIERENGA


 
Bestand:C:\PG35\NL\DATA\WIERENG3
Datum:05-06-2026
Selectie:'Personen in kwartierstaat van George (Gerhardus) WIERENGA [213]'
Sortering:Kwartiernummer

Generatie I

 
1    George (Gerhardus) WIERENGA, geboren op 11-02-1867 te Pieterburen, De Marne, Groningen, Netherlands, overleden op 29-01-1920 te Fulton, Whiteside County, Illinois, USA op 52-jarige leeftijd, begraven te Fulton, Whiteside County, Illinois, USA, zoon van Jannes WIERENGA (zie 2) en Neeltje DIJKEMA (zie 3).
Gehuwd 1891 te USA met Etta (Hendriktje) WIERSEMA, geboren op 02-10-1867 te Eenrum, Groningen, Netherlands, overleden op 06-06-1927 te Fulton, Whiteside County, Illinois, USA op 59-jarige leeftijd, begraven op 09-06-1927 te Fulton, Whiteside County, Illinois, USA.
 
Generatie II

 
2    Jannes WIERENGA, geboren op 03-02-1841 te Pieterburen, overleden op 17-03-1909 te Pieterburen op 68-jarige leeftijd, zoon van Gerardus (George) Jans WIERENGA (zie 4) en Hendrikje (Jennie) Jans WIERSEMA (zie 5).
Gehuwd op 25-jarige leeftijd op 18-05-1866 te Eenrum met de 29-jarige
3    Neeltje DIJKEMA, geboren op 02-09-1836 te Wierhuizen, overleden op 04-04-1905 te Pieterburen op 68-jarige leeftijd, dochter van Hindrik Edes Klaassens DIJKEMA (zie 6) en Ida STUIT (zie 7).
Gehuwd (1) op 29-jarige leeftijd op 18-05-1866 te Eenrum met Jannes WIERENGA, 25 jaar oud (zie 2).
Gehuwd (2) met N.N..
Uit het eerste huwelijk:
   1.  George (Gerhardus), geboren op 11-02-1867 te Pieterburen, De Marne, Groningen, Netherlands (zie 1).

Generatie III

 
4    Gerardus (George) Jans WIERENGA, Boerenknecht, wagenaar, geboren op 30-01-1813 te Leens, Groningen, Netherlands, overleden te USA, zoon van Jan Gerhardus WIERINGA (zie 8) en Aafke Jelles ZWART (zie 9).
Gehuwd op 24-jarige leeftijd op 07-12-1837 te Eenrum, Groningen, Netherlands met de 22-jarige
5    Hendrikje (Jennie) Jans WIERSEMA, Dienstmeid, geboren op 22-05-1815 te Eenrum, Groningen, Netherlands, overleden te USA, dochter van Jan Jakobs WIERSEMA (zie 10) en Grietje Jacobs SIKKEMA (zie 11).
Uit dit huwelijk:
   1.  Jannes, geboren op 03-02-1841 te Pieterburen (zie 2).

6    Hindrik Edes Klaassens DIJKEMA, geboren op 03-01-1811 te Pieterburen, gedoopt op 20-01-1811 te Pieterburen, overleden op 30-03-1855 te Wierhuizen op 44-jarige leeftijd, zoon van Klaas Edes DIJKEMA (zie 12) en Barber ELTES (zie 13).
Gehuwd op 24-jarige leeftijd op 29-01-1835 te Eenrum met de 22-jarige
7    Ida STUIT, geboren op 16-10-1812 te Kloosterburen, overleden op 27-11-1885 te Pieterburen op 73-jarige leeftijd, dochter van Hindrik Klaassens STUIT (zie 14) en Neeltje Harms BOLHEEM (zie 15).
Uit dit huwelijk:
   1.  Neeltje, geboren op 02-09-1836 te Wierhuizen (zie 3).

Generatie IV

 
8    Jan Gerhardus WIERINGA, geboren 12-1784 te Leens, gedoopt op 05-12-1784 te Leens, overleden op 13-02-1862 te Pieterburen, zoon van Gerhardus Jans WIERINGA (zie 16) en Hilje Jacobs RENNES (zie 17).
Gehuwd op 17-01-1808 te Leens met
9    Aafke Jelles ZWART, geboren 02-1784 te Houwerzijl, gedoopt op 08-02-1784 te Niekerk, overleden op 04-12-1826 te Westernieland, dochter van Jelle HINDRIKS (zie 18) en Jantje MENNES (zie 19).
Uit dit huwelijk:
   1.  Gerardus (George) Jans WIERENGA, geboren op 30-01-1813 te Leens, Groningen, Netherlands (zie 4).

10    Jan Jakobs WIERSEMA, Landbouwer, geboren 05-1789 te Pieterburen, gedoopt op 31-05-1789 te Pieterburen, overleden op 05-01-1855 te Pieterburen, zoon van Jacob Garmts WIERSEMA (zie 20) en Martje GEUTJES (zie 21).
Gehuwd op 07-05-1812 te Eenrum met de 22-jarige
11    Grietje Jacobs SIKKEMA, geboren op 06-01-1790 te Schouwerzijl, gedoopt op 30-01-1790 te Pieterburen, overleden op 21-01-1848 te Vierhuizen, Groningen op 58-jarige leeftijd, dochter van Jacob TONNIS (zie 22) en Hindrikje HINDRIKS (zie 23).
Uit dit huwelijk:
   1.  Hendrikje (Jennie) Jans, geboren op 22-05-1815 te Eenrum, Groningen, Netherlands (zie 5).

12    Klaas Edes DIJKEMA, geboren op 08-12-1782 te Pieterburen, overleden op 10-10-1829 te Westernieland op 46-jarige leeftijd, zoon van Ede KLAASSENS (zie 24) en Hindrikje JAKOBS (zie 25).
Gehuwd (1) op 33-jarige leeftijd op 20-05-1816 te Eenrum met Bieuwke THOMAS, 38 jaar oud, geboren op 10-05-1778 te Ulrum, overleden op 27-09-1848 te Westernieland op 70-jarige leeftijd.
Gehuwd (2) met Barber ELTES (zie 13).
Uit het tweede huwelijk:
   1.  Hindrik Edes Klaassens, geboren op 03-01-1811 te Pieterburen (zie 6).
13    Barber ELTES, geboren circa 1774, overleden op 13-01-1815 te Pieterburen.
Uit dit huwelijk: 1 kind (zie onder 12).
 
14    Hindrik Klaassens STUIT, geboren op 24-12-1780 te Oldehove, gedoopt op 11-02-1781 te Oldehove, overleden op 11-02-1812 te Kloosterburen op 31-jarige leeftijd, zoon van Klaas HENDRIKS (zie 28) en Itje Hendriks STOIT (zie 29).
Gehuwd op 25-jarige leeftijd op 11-05-1806 te Hornhuizen met
15    Neeltje Harms BOLHEEM, geboren 06-1782 te Kloosterburen, gedoopt op 16-06-1782 te Hornhuizen, dochter van Harmen Jans BOLHEEM (zie 30) en Anje BENES (zie 31).
Gehuwd (1) op 11-05-1806 te Hornhuizen met Hindrik Klaassens STUIT, 25 jaar oud (zie 14).
Gehuwd (2) op 31-03-1816 te Kloosterburen met Geert Jans KUIPERS, geboren 07-1790, gedoopt op 07-08-1790.
Uit het eerste huwelijk:
   1.  Ida, geboren op 16-10-1812 te Kloosterburen (zie 7).

Generatie V

 
16    Gerhardus Jans WIERINGA, geboren 07-1750, gedoopt op 02-08-1750 te Leens, overleden op 02-01-1810 te Leens, zoon van Jan Gerrits WIERINGA (zie 32) en Maria BUININGH (zie 33).
Gehuwd op 12-04-1783 te Leens met
17    Hilje Jacobs RENNES, geboren 02-1760 te Zoutkamp, gedoopt op 10-02-1760 te Vierhuizen, Groningen, overleden op 15-10-1826 te Leens, dochter van Jakob RENNES (zie 34) en Corneliske (Aaltje) CORNELIS (zie 35).
Uit dit huwelijk:
   1.  Jan Gerhardus, geboren 12-1784 te Leens (zie 8).

18    Jelle HINDRIKS.
Gehuwd op 26-12-1765 te Niekerk met
19    Jantje MENNES, geboren 03-1746, gedoopt op 16-03-1746 te Ulrum, overleden 12-1808, begraven op 16-12-1808 te Vliedorp, dochter van Menno SIERTS (zie 38) en Fenje TONNIS (zie 39).
Uit dit huwelijk:
   1.  Aafke Jelles ZWART, geboren 02-1784 te Houwerzijl (zie 9).

20    Jacob Garmts WIERSEMA, Dagloner, geboren op 17-02-1756 te Pieterburen, gedoopt op 18-02-1756 te Pieterburen, overleden op 22-02-1811 te Wierhuizen op 55-jarige leeftijd, zoon van Garmt Jacobs WIERSEMA (zie 40) en Anje JANS (zie 41).
Gehuwd op 22-jarige leeftijd op 28-06-1778 te Pieterburen met
21    Martje GEUTJES, Dagloonster, geboren 03-1750, gedoopt op 04-04-1750 te Den Andel, overleden op 07-04-1819 te Wierhuizen, dochter van Geutjes JANS (zie 42) en Bouwke POUWELS (zie 43).
Uit dit huwelijk:
   1.  Jan Jakobs, geboren 05-1789 te Pieterburen (zie 10).

22    Jacob TONNIS, geboren 03-1749, gedoopt op 03-04-1749 te Vierhuizen, Groningen, overleden voor 1828, zoon van Tonnis BENES (zie 44) en Eltien JACOBS (zie 45).
Gehuwd op 23-11-1783 te Pieterburen met de 24-jarige
23    Hindrikje HINDRIKS, geboren op 25-06-1759 te Pieterburen, gedoopt op 01-07-1759 te Pieterburen, overleden na 1828, dochter van Hindrick HARMS (zie 46) en Grietje PIETERS (zie 47).
Uit dit huwelijk:
   1.  Grietje Jacobs SIKKEMA, geboren op 06-01-1790 te Schouwerzijl (zie 11).

24    Ede KLAASSENS.
Gehuwd met
25    Hindrikje JAKOBS.
Uit dit huwelijk:
   1.  Klaas Edes DIJKEMA, geboren op 08-12-1782 te Pieterburen (zie 12).

28    Klaas HENDRIKS, geboren circa 1745, overleden op 01-04-1796 te Oldehove.
Gehuwd op 08-04-1770 te Oldehove met
29    Itje Hendriks STOIT, geboren 01-1750, overleden op 20-06-1793 te Oldehove, dochter van Hindrik Lammerts STOIT (zie 58) en Klaaske Roelfs UILLERSMA (zie 59).
Uit dit huwelijk:
   1.  Hindrik Klaassens STUIT, geboren op 24-12-1780 te Oldehove (zie 14).

30    Harmen Jans BOLHEEM, Landbouwer op Bolheim te Kloosterburen, geboren 09-1746 te Pieterburen, gedoopt op 13-09-1746 te Pieterburen, overleden op 02-02-1813 te Kloosterburen, zoon van Jan LUITJENS (zie 60) en Sybricht HARMS (zie 61).
Gehuwd op 05-11-1769 te Pieterburen met
31    Anje BENES, geboren 12-1739 te Westernieland, gedoopt op 27-12-1739 te Pieterburen, overleden op 06-10-1818 te Pieterburen, dochter van Bene GARMTS (zie 62) en Trijnje LUITJES (zie 63).
Uit dit huwelijk:
   1.  Neeltje Harms, geboren 06-1782 te Kloosterburen (zie 15).

Generatie VI

 
32    Jan Gerrits WIERINGA, Veehandelaar, geboren 03-1707 te Usquert, gedoopt op 20-03-1707 te Usquert, overleden 1753 te Leens, zoon van Gerrit (Jans) JACOBS (zie 64) en Margien WILLEMS (zie 65).
Gehuwd op 12-04-1739 te Leens met
33    Maria BUININGH, geboren 05-1716, gedoopt op 01-06-1716 te Niezijl, dochter van Gerhardus BUININGH (zie 66) en Margaretha Tobias UNTZELMAN (zie 67).
Uit dit huwelijk:
   1.  Gerhardus Jans, geboren 07-1750 (zie 16).

34    Jakob RENNES, geboren 05-1730, gedoopt op 07-05-1730 te Vierhuizen, Groningen, zoon van Rinne JACOBS (zie 68) en Hilje SASSES (zie 69).
Gehuwd op 10-02-1754 te Ulrum met
35    Corneliske (Aaltje) CORNELIS.
Uit dit huwelijk:
   1.  Hilje Jacobs, geboren 02-1760 te Zoutkamp (zie 17).

38    Menno SIERTS, zoon van Sijrt FRERICKS (zie 76) en Jantjen MENNES (zie 77).
Gehuwd op 19-03-1741 te Hornhuizen met
39    Fenje TONNIS, geboren 07-1713, gedoopt op 19-02-1713 te Leens, dochter van Tonnis PETERS (zie 78) en Bregje REIJNTS (zie 79).
Uit dit huwelijk:
   1.  Jantje MENNES, geboren 03-1746 (zie 19).

40    Garmt Jacobs WIERSEMA, Landbouwer aan de Oosterweg in Pieterburen. Geboren 12-1728 te Warffum, gedoopt (Ned. Hervormd) op 09-01-1729 te Warffum, overleden 02-1806, begraven op 25-02-1806 te Pieterburen, 6 nov 1753: Garmt Wijrsema * Anje Jans
Hunsingo: Ellerhuizen (734/213, 33), hb
de e. Garmt Wijrsema x de deugdzame jonge dochter Anje Jans
Brg: Duirke Wijrsema moeder, Jan Hindriks oom
Brd: Hindrik Arents stiefvader, Grietjen Doewes moeder, Roekes Doewes oom en sibbe voogd, Trijnje Freriks moeij, Tonnis Doewes oom, Jantjen Veltings moeij, Frerik Jans voormond

RA. XLVI.a**. 15 May 1754. Willem Stevens Kremer als voormond, Jacob Hansen sibbe en Eyzo Wyrsema vreemde voogt over de minderjarige kinderen van wijlen Jacob Klasen en wijlen Lienje Hansen, verkoopen aan Garmt Jacobs en Anje Jans, egtel., der pupillen plaatse, groot 43? jukken Land, waarvan 25 jukken, 85 gl. huur aan den heer Alberda van Dijksterhuis, 18 jukken, huur 54 gl. aan de kerk van Eenrum en ? juk huur 1 gl. 10 st. aan de kerk van Pieterburen. Koopsom 1000 car. gl. Dit laatste perceel ligt op het Eenrumer Aagt, ongescheiden in 1 juk, waarvan de andere helft behoort bij de naast aangelegen boerderij bij de haven van Pieterburen. (Bron: OG), zoon van Jacob HINDRIKS (zie 80) en Duircke WYRSEMA (zie 81).
Gehuwd op 25-11-1753 te Warffum met de 27-jarige
41    Anje JANS, geboren op 27-01-1726 te Rasquert, overleden 10-1810, begraven op 25-10-1810 te Pieterburen, 11 Juni 1811. Voor Mr. H. van Bolhuis, Griffier bij het Vredegeregt in het Canton Winsum, Arrondissement Appingedam, Departement van de Westereems en in die qualiteit bij decreet van zijne Majesteit den Keizer en Koning van den 2 February 1811 tot het passeren dezes gemagtigd. Jan Garmts te Onderdendam, Cornelske Garmts Ehevrouw van Eelke Lammerts te Warffum, Duurke Garmts en Albertus van der Beek te Groningen, Martje Goitjes, Wedwe. wijlen Jacob Garmts als Moeder en voogdesse over hare 9 minderjarige kinderen bij wijlen genoemde haren Eheman in egte verwekt te Pieterburen, de wedman Jan Willems te Pieterburen en Gerrit Bennes te Baflo, tezamen voogden over de minderjarige dogter van den medicus Roelf Graatsma te Baflo bij wijlen Grietje Garmts allen gezamentlijke erfenamen van wijlen Anje Jans, wedwe. van Garmt Jacobs te Pieterburen verkoopen aan Albert Sjabbes en Luizina Michiels Ehelieden te Pieterburen Een Boerenplaats met de beklemminge van 55 en een half Jukken Land, staande en gelegen te Pieterburen, hebbende tot naasten zwetten, enz. enz. waar onder Een Juk onuitgewezen in het Eenrumer Aagt is gelegen, doende in genere voorschreven land aan diverse eigenaren 195 gulden 10 st. Koopsom 5398 gl. 15 st.

Verder is nog aanwezig eene acte zonder jaartal en datum: Conditien waarop de E. Jan Willems Gerigtswedman te Pieterburen cum annexe presenteert te verkopen in qq. de Erven Anje Jans, wed. wijlen Garmt Jacobs een aanzienlijke Boerenbehuizinge met hut, Beneffens de beklemminge van 43 ? Jukken Land, waarvan in Eigendom toebehoord an de Hoog Welgeboren Mevrouw Alberda van Bloemersma 25 Jukken doende tot huire een Summa van 95 gulden, alsnog 18 Jukken waar van de Eigendom toebehoort an de kerk van Eenrum doende tot huire 54 guldens, alsmede ? Juk Land doende tot huire an de kerk van Pieterburen 1 Gulden 10 stuiver, alsnog de vaste beklemminge van 12 Jukken Land, welks eigendom toebehoord an de kerk van Pieterburen, doende Jaarlijks tot huire 45 gudlens. Dochter van N.N. (zie 82) en Grietjen DOEWES (zie 83).
Uit dit huwelijk:
   1.  Jacob Garmts, geboren op 17-02-1756 te Pieterburen (zie 20).

42    Geutjes JANS.
Gehuwd met
43    Bouwke POUWELS.
Uit dit huwelijk:
   1.  Martje GEUTJES, geboren 03-1750 (zie 21).

44    Tonnis BENES, geboren 10-1719, gedoopt op 04-10-1719 te Westernieland, zoon van Jurrien WILLEMS (zie 88) en Renske TONNIS (zie 89).
Gehuwd op 18-05-1749 te Westernieland met
45    Eltien JACOBS, geboren 05-1724, gedoopt op 21-05-1724 te Westernieland, dochter van Jacob JACOBS (zie 90) en Trijnje REINDERS (zie 91).
Uit dit huwelijk:
   1.  Jacob TONNIS, geboren 03-1749 (zie 22).

46    Hindrick HARMS.
Gehuwd (1) op 21-03-1727 te Hornhuizen met Hiske (Hitske) LUITJES, geboren 09-1692, gedoopt op 11-09-1692 te Pieterburen.
Gehuwd (2) op 10-05-1744 te Pieterburen met Grietje PIETERS (zie 47).
Uit het tweede huwelijk:
   1.  Hindrikje HINDRIKS, geboren op 25-06-1759 te Pieterburen (zie 23).
47    Grietje PIETERS.
Uit dit huwelijk: 1 kind (zie onder 46).
 
58    Hindrik Lammerts STOIT, geboren 02-1727, gedoopt op 16-02-1727 te Oldehove, overleden 11-1788 te Oldehove, begraven op 26-11-1788 te Oldehove, zoon van Lammert HINDRIKS (zie 116) en Itien JACOBS (zie 117).
Gehuwd 07-1749 te Oldehove met
59    Klaaske Roelfs UILLERSMA, geboren 02-1729 te Oldehove, gedoopt op 14-02-1729 te Oldehove, overleden 04-1801 te Oldehove, begraven op 27-04-1801 te Oldehove, dochter van Roelef Derks UILERSMA (zie 118) en Ettien Franssen VONCK (zie 119).
Uit dit huwelijk:
   1.  Itje Hendriks, geboren 01-1750 (zie 29).

60    Jan LUITJENS, Landbouwer op Deijkum te Wierhuizen. Geboren circa 1705, overleden 1781, begraven op 09-11-1781 te Wierhuizen. RA. XLVI.k.5. 14 Mei 1782. Jacob Jans, Corneliske Jans en Rentjen Jans, Dietjen Jans en Jan Klasen, Luitjen Jans, Willem Jans en Jantje Jans, Berent Jans als voormond, Mechiel Hellenius en Jacob Garmts als voogden over 2 minderjarige kinderen van Jan Luitjens en Ebeltje Jans, nog Harm Jans, Jacob Hendriks, Luitjen Benes en Gaje Pieters als voogden over de pupillen van wijlen Hilje Jans en genoemde Jacob Hendriks, allen erfgenamen van Jan Luitjens en Ebeltje Jans, verkoopen aan Cornelis Willems hunne mandeelige boerenbehuizinge met 2 hutten te Wierhuizen bij Deijkum, binnen de oude dijk, verder de huur van 6 jaar van Gregory 1782 tot 1788 van sodaene hoek lege quelder als bevorens bij Reynder Willems plaatse heeft behoort, 60 gl. huur. Koopprijs 4750 car. gl. (Bron: OG), zoon van Luitien JACOBS (zie 120) en Anje TAKENS (zie 121).
Gehuwd (1) op 09-11-1738 te Pieterburen met Sybricht HARMS (zie 61).
Gehuwd (2) op 30-11-1749 te Pieterburen met Ebelje JANS, geboren circa 1720, overleden 01-1779, begraven op 28-01-1779 te Wierhuizen.
Uit het eerste huwelijk:
   1.  Harmen Jans BOLHEEM, geboren 09-1746 te Pieterburen (zie 30).
61    Sybricht HARMS, overleden voor 1749.
Uit dit huwelijk: 1 kind (zie onder 60).
 
62    Bene GARMTS, overleden 12-1759 te Pieterburen, begraven op 11-12-1759 te Pieterburen.
Gehuwd met
63    Trijnje LUITJES, geboren 12-1700 te Wierhuizen, gedoopt op 06-12-1700 te Pieterburen, dochter van Luitien JACOBS (zie 120) en Anje TAKENS (zie 121).
Uit dit huwelijk:
   1.  Anje BENES, geboren 12-1739 te Westernieland (zie 31).

Generatie VII

 
64    Gerrit (Jans) JACOBS, Landbouwer op de Oude Laan te Usquert. Geboren 07-1671 te Usquert, gedoopt op 16-07-1671 te Usquert, zoon van Jan GERRITS (zie 128) en Trijntje Jans KNOL (zie 129).
Gehuwd op 02-03-1703 te Leens met
65    Margien WILLEMS, geboren 02-1683, gedoopt op 04-03-1683 te Leens, dochter van Willem ROELFS (zie 130) en Margien HINDRIKS (zie 131).
Uit dit huwelijk:
   1.  Jan Gerrits WIERINGA, geboren 03-1707 te Usquert (zie 32).

66    Gerhardus BUININGH, Doctor, zoon van Lubbertus BUININGH (zie 132) en Greetjen Jansen MARINUS (zie 133).
Gehuwd op 09-04-1705 te Lettelbert met
67    Margaretha Tobias UNTZELMAN, geboren te Wehe, dochter van Tobias UNTZELMAN (zie 134) en Fennechien JACOBS (zie 135).
Uit dit huwelijk:
   1.  Maria, geboren 05-1716 (zie 33).

68    Rinne JACOBS, geboren 04-1695 te Vierhuizen, Groningen, gedoopt op 01-05-1695 te Vierhuizen, Groningen, overleden circa 1743 te Vierhuizen, Groningen, zoon van Jacob ALLERTS (zie 136) en Jantjen LEUS (zie 137).
Gehuwd (1) met Luiktje PIETERS.
Gehuwd (2) met Hilje SASSES (zie 69).
Uit het tweede huwelijk:
   1.  Jakob RENNES, geboren 05-1730 (zie 34).
69    Hilje SASSES, geboren 03-1702, gedoopt op 02-04-1702 te Zuurdijk, dochter van Sasse CORNELIS (zie 138) en Brechtje GEERTS (zie 139).
Uit dit huwelijk: 1 kind (zie onder 68).
 
76    Sijrt FRERICKS.
Gehuwd 1693 te Leens met
77    Jantjen MENNES.
Uit dit huwelijk:
   1.  Menno SIERTS (zie 38).

78    Tonnis PETERS, Landbouwer te Grijssloot, geboren circa 1675, overleden circa 1730, zoon van Peter THUNNIS (zie 156) en Aaltje EISSES (zie 157).
Gehuwd circa 1697 te Leens met
79    Bregje REIJNTS.
Uit dit huwelijk:
   1.  Fenje TONNIS, geboren 07-1713 (zie 39).

80    Jacob HINDRIKS, geboren 11-1695 te Warffum, gedoopt op 24-11-1695 te Warffum, zoon van Hindrick CORNELIS (zie 160) en Anje JANS (zie 161).
Gehuwd op 14-02-1723 te Warffum met
81    Duircke WYRSEMA, geboren circa 1700 te Warffum, overleden na 1753. Lidmatenboek Warffum: Aangenomen als lidmaat te Warffum op 10 maart 1724. (Bron: Menne Glas), dochter van Garbrand Jurjens WYRSEMA (zie 162) en Syben SIERTS (zie 163).
Uit dit huwelijk:
   1.  Garmt Jacobs WIERSEMA, geboren 12-1728 te Warffum (zie 40).

82    N.N..
Gehuwd met
83    Grietjen DOEWES, dochter van Doewe N.N (zie 166) en N.N. (zie 167).
Uit dit huwelijk:
   1.  Anje JANS, geboren op 27-01-1726 te Rasquert (zie 41).

88    Jurrien WILLEMS, geboren 01-1688, gedoopt op 08-01-1688 te Pieterburen, zoon van Willem WIJPKES (zie 176) en Hilje JURJENS (zie 177).
Gehuwd op 20-08-1719 te Westernieland met
89    Renske TONNIS, geboren 12-1699, gedoopt op 15-12-1699 te Westernieland, dochter van Tonnis BENES (zie 178) en Frouwke PETERS (zie 179).
Uit dit huwelijk:
   1.  Tonnis BENES, geboren 10-1719 (zie 44).

90    Jacob JACOBS.
Gehuwd op 26-04-1722 te Westernieland met
91    Trijnje REINDERS.
Uit dit huwelijk:
   1.  Eltien, geboren 05-1724 (zie 45).

116    Lammert HINDRIKS, geboren circa 1699.
Gehuwd op 24-03-1724 te Niehove met
117    Itien JACOBS, geboren 03-1698, dochter van Jacob JANS (zie 234) en Reenje ALLERTS (zie 235).
Uit dit huwelijk:
   1.  Hindrik Lammerts STOIT, geboren 02-1727 (zie 58).

118    Roelef Derks UILERSMA, geboren 07-1706, gedoopt op 18-07-1706 te Noordhorn, zoon van Dirk GERBRANTS (zie 236) en Trijnje JANS (zie 237).
Gehuwd 05-1728 met
119    Ettien Franssen VONCK, geboren 05-1705, gedoopt op 10-05-1705 te Oldehove, dochter van Frans VONCK (zie 238) en Claaske Pieters SICCAMA (zie 239).
Uit dit huwelijk:
   1.  Klaaske Roelfs UILLERSMA, geboren 02-1729 te Oldehove (zie 59).

120    Luitien JACOBS, Landbouwer in Pieterburen. Landdagscomparant voor Vierhuizen. Geboren circa 1671 te Pieterburen (gezindte: Ned. Hervormd), overleden circa 1747, zoon van Jacob LUITJES (zie 240) en Maretie N.N. (zie 241).
Gehuwd op 11-10-1691 te Eenrum met
121    Anje TAKENS, geboren voor 1671, gedoopt (Doopsgezind.) op 16-03-1694 te Vierhuizen, Groningen.
Uit dit huwelijk:
   1.  Hiske (Hitske) LUITJES, geboren 09-1692, gedoopt op 11-09-1692 te Pieterburen.
Gehuwd op 21-03-1727 te Hornhuizen met Hindrick HARMS (zie 46).
   2.  Trijnje LUITJES, geboren 12-1700 te Wierhuizen (zie 63).
   3.  Jan LUITJENS, geboren circa 1705 (zie 60).

126 =    120 Luitien JACOBS.
127 =    121 Anje TAKENS.
 
Generatie VIII

 
128    Jan GERRITS, Landbouwer op de Oude Laan te Usquert. Geboren circa 1633 te Maarhuizen, zoon van Gerrit JANS (zie 256) en N.N. (zie 257).
Gehuwd op 03-07-1664 te Rottum met
129    Trijntje Jans KNOL, geboren circa 1631 te Rottum, dochter van Jan Klaassens KNOL (zie 258) en Duircke HARMSEN (zie 259).
Uit dit huwelijk:
   1.  Gerrit (Jans) JACOBS, geboren 07-1671 te Usquert (zie 64).

130    Willem ROELFS.
Gehuwd te Leens met
131    Margien HINDRIKS.
Uit dit huwelijk:
   1.  Margien WILLEMS, geboren 02-1683 (zie 65).

132    Lubbertus BUININGH, Predikant. Curator der Hoogeschool van Stad en Lande. Geboren 10-1648, gedoopt op 03-11-1648 te Groningen, overleden 1694 te Zuidhorn. Grafschrift: ", zoon van Gerhardus BUININGH (zie 264) en Hendrikje POLLINGE (zie 265).
Gehuwd 09-1665 met
133    Greetjen Jansen MARINUS, dochter van Johannes MARINUS (zie 266) en N.N. (zie 267).
Uit dit huwelijk:
   1.  Gerhardus (zie 66).

134    Tobias UNTZELMAN, geboren te Hameln, Hameln-Pyrmont, Niedersachsen, Germany.
Gehuwd op 13-01-1678 te Groningen met
135    Fennechien JACOBS.
Uit dit huwelijk:
   1.  Margaretha Tobias, geboren te Wehe (zie 67).

136    Jacob ALLERTS.
Gehuwd met
137    Jantjen LEUS.
Uit dit huwelijk:
   1.  Rinne JACOBS, geboren 04-1695 te Vierhuizen, Groningen (zie 68).

138    Sasse CORNELIS, geboren 09-1661 te Houwerzijl, gedoopt op 29-09-1661 te Niekerk, zoon van Cornelis WILLEMS (zie 276) en Anna SASSES (zie 277).
Gehuwd (1) 07-1685 met Ebeltje ALLES.
Gehuwd (2) met Brechtje GEERTS (zie 139).
Uit het tweede huwelijk:
   1.  Hilje SASSES, geboren 03-1702 (zie 69).
139    Brechtje GEERTS.
Uit dit huwelijk: 1 kind (zie onder 138).
 
156    Peter THUNNIS.
Gehuwd met
157    Aaltje EISSES.
Uit dit huwelijk:
   1.  Tonnis PETERS, geboren circa 1675 (zie 78).

160    Hindrick CORNELIS.
Gehuwd op 03-05-1691 te Warffum met
161    Anje JANS.
Uit dit huwelijk:
   1.  Jacob HINDRIKS, geboren 11-1695 te Warffum (zie 80).

162    Garbrand Jurjens WYRSEMA, Landbouwer op Oldorp bij Uithuizen. Landbouwer te Bellingeweer en/of Ranum, daarna te Breede Landbouwer te Warffum, geboren circa 1650 te Oldorp (gezindte: Ned. Hervormd), overleden te Oldorp. Als lidmaat te Bellingeweer in het jaar 1693 met attestatie van Usquert, aangenomen als lidmaat te Warffum op 6 september 1709 samen met met zijn vrouw, zij kwamen met attestatie van Breede. Zoon van Jurrien Garbrands WYRSEMA (zie 324) en Duircke JACOBS (zie 325).
Gehuwd 1685 met
163    Syben SIERTS, geboren circa 1662, dochter van Sijrt LIPPES (zie 326) en Battruit MINDELTS (zie 327).
Uit dit huwelijk:
   1.  Duircke, geboren circa 1700 te Warffum (zie 81).

166    Doewe N.N.
Gehuwd met
167    N.N..
Uit dit huwelijk:
   1.  Grietjen DOEWES (zie 83).

176    Willem WIJPKES.
Gehuwd (1) op 20-02-1687 te Pieterburen met Hilje JURJENS (zie 177).
Gehuwd (2) op 26-04-1705 te Pieterburen met Marretjen UBBES.
Uit het eerste huwelijk:
   1.  Jurrien WILLEMS, geboren 01-1688 (zie 88).
177    Hilje JURJENS.
Uit dit huwelijk: 1 kind (zie onder 176).
 
178    Tonnis BENES.
Gehuwd met
179    Frouwke PETERS.
Uit dit huwelijk:
   1.  Renske TONNIS, geboren 12-1699 (zie 89).

234    Jacob JANS. Bron: Vliedorp dopen (transcr. Menno de Lange)
Bron: http://home.hetnet.nl/~mennodel/niekerkvliedorp.htm.
Gehuwd op 04-11-1694 te Niekerk met
235    Reenje ALLERTS, geboren 02-1676 te Vliedorp, gedoopt op 03-03-1676 te Vliedorp, dochter van Allert PETERS (zie 470) en Luijckjen DERRICKS (zie 471).
Uit dit huwelijk:
   1.  Itien JACOBS, geboren 03-1698 (zie 117).

236    Dirk GERBRANTS.
Gehuwd op 05-04-1705 te Noordhorn met
237    Trijnje JANS.
Uit dit huwelijk:
   1.  Roelef Derks UILERSMA, geboren 07-1706 (zie 118).

238    Frans VONCK, Grietman, geboren 07-1674, gedoopt op 02-08-1674 te Oldehove, overleden circa 1729, zoon van Jacob Harmens VONCK (zie 476) en Ettje Fransen DORENBUSCH (zie 477).
Gehuwd op 24-03-1704 te Oldehove met
239    Claaske Pieters SICCAMA, geboren 09-1685, gedoopt op 27-09-1685 te Den Ham, overleden op 03-10-1721, dochter van Pytter Elzes SICCAMA (zie 478) en Nieske HARMENS (zie 479).
Uit dit huwelijk:
   1.  Ettien Franssen, geboren 05-1705 (zie 119).

240    Jacob LUITJES, Landbouwer. Zijlrechter en volmacht voor Vierhuizen. Geboren voor 1639 (gezindte: Ned. Hervormd), overleden op 18-06-1677 te Pieterburen. In de jaren 1661-1666 komt Jacob Luitjens voor als landdagscomparant, als volmacht voor Wierhuizen. Ook komt hij voor als zijlrechter. (Bron: OG).
Gehuwd 1659 met
241    Maretie N.N..
Uit dit huwelijk:
   1.  Luitien JACOBS, geboren circa 1671 te Pieterburen (zie 120).

252 =    240 Jacob LUITJES.
253 =    241 Maretie N.N..
 
Generatie IX

 
256    Gerrit JANS.
Gehuwd met
257    N.N..
Uit dit huwelijk:
   1.  Jan GERRITS, geboren circa 1633 te Maarhuizen (zie 128).

258    Jan Klaassens KNOL, Landbouwer op Doodstilsterweg 1 te Rottum. Geboren na 1595 te Rottum, overleden op 30-04-1662 te Rottum. Wapen: rechts: een dwarsbalk, beladen met drie klaverbladen, de dwarsbalk vergezeld van drie knollen met afgesneden loof. Links: Gedeeld: I. een omgewende gezichtswassenaar, vergezeld van een ster; II. een dwarsbalk, vergezeld van drie klaverbladen. Helmteken: een knol met afgesneden loof. Zoon van Johannes KNOL (zie 516) en Luitjen CLAESEN (zie 517).
Gehuwd 1625 met
259    Duircke HARMSEN, geboren na 1611, overleden op 14-10-1672 te Rottum. Wapens: Rechts: Gedeeld: I. een omgewende gezichtswassenaar, vergezeld
van een ster; II. een dwarsbalk, vergezeld van drie klaverbladen. Links: Gedeeld: I. een dwarsbalk, beladen met drie klaverbladen, de dwarsbalk vergezeld van drie knollen met afgesneden loof. Helmteken: een vlucht, waartussen een ster.
Uit dit huwelijk:
   1.  Trijntje Jans, geboren circa 1631 te Rottum (zie 129).

264    Gerhardus BUININGH, Vaandrig, Curator en Ged. Staten, Raadsheer, geboren 1615, zoon van Lubbertus BUININGH (zie 528) en Trijntje SCHUYRINK (zie 529).
Gehuwd op 08-06-1639 te Groningen met
265    Hendrikje POLLINGE, dochter van Willem POLLINGE (zie 530) en Martien HILLEBRANDTS (zie 531).
Uit dit huwelijk:
   1.  Lubbertus, geboren 10-1648 (zie 132).

266    Johannes MARINUS.
Gehuwd met
267    N.N..
Uit dit huwelijk:
   1.  Greetjen Jansen (zie 133).

276    Cornelis WILLEMS.
Gehuwd met
 
277    Anna SASSES.
Gehuwd (1) op 27-05-1664 te Niekerk en Vliedorp met Alger PAUWELS.
Gehuwd (2) met Cornelis WILLEMS (zie 276).
Uit het tweede huwelijk:
   1.  Sasse CORNELIS, geboren 09-1661 te Houwerzijl (zie 138).

324    Jurrien Garbrands WYRSEMA, Landbouwer op Oldorp bij Uithuizen. Zijlrechter op Zijlbrugge bij het Schouwerzijlvest. Landbouwer op Ombtedaheerd te Oldorp. Geboren circa 1618 te Klein Maarslag, overleden 1661 te Oldorp, begraven te Usquert. Verhuisde blijkbaar naar Uithuizermeeden. Begraven in de kerk te Usquert.

Uit de scheidingsacte van de nalatenschap van Claesjen Wichers, weduwe van Garbrand Weersema d.d. 14 Juni 1651:
Ten sevenden sall Jurrien Weersema beholden sodane vijff duisent car.gulden als hij te boedel heeft genooten.Ende is hem voor sijn partt van de Landen bij Lottinge te deele gevallen Tijn grasen osseweide bij Munnekedijck gelegen vrij van behuisinge soo Jurrien Roelof aldaermeijerwijse gebruickt ende 3 grasen vrij van behuisinge in Mecken-Campbij Ematil gelegen, soo Wobbichjen Claesen weduwe van wijle Jan Claesenop de Lege-Meeden meijerwijse gebruickt, mede noch ontfangen honderttvijff en 't seventich dealer aen gelt van sijn broeder Albert gelijckboven is schreven.

Jurrien Weersema en zijn broer Eisse Weersema komen voor op de monsterrol van de Landdagcomparanten 1606-1609.Aan het bezit van eene heerd met minstens 30 jukken eigen land, waren verschillende rechten verbonden. Een daarvan was het recht om te verschijnen op den Ommelander Landdag en de vergaderingbij te wonen van de Staten van Stad en Lande,welk recht meest in handenwas van adelijke personen en van slechts enkele "eigen erffde" boeren. Zoon van Garbrand Cornelis WYRSEMA (zie 648) en Claesjen WICHERS (zie 649).
Gehuwd 1648 met
325    Duircke JACOBS, geboren circa 1630 te Usquert, overleden circa 1665 te Oldorp, begraven te Usquert.
Gehuwd (1) 1648 met Jurrien Garbrands WYRSEMA (zie 324).
Gehuwd (2) op 24-05-1663 te Usquert met Albertus AVERES, Predikant te Warffum. Geboren 1639 te Zeerijp. {Hij is later gehuwd op 13-08-1682 te Aduard.}
Uit het eerste huwelijk:
   1.  Garbrand Jurjens, geboren circa 1650 te Oldorp (zie 162).

326    Sijrt LIPPES, geboren circa 1630, zoon van Lippe SYERTS (zie 652) en Trijntje JANS (zie 653).
Gehuwd (1) 03-1656 te Baflo met Battruit MINDELTS (zie 327). BRON: Baflo en Raskwerd, DTBL NH, T:1648-1750 BAF01.
Gehuwd (2) met Swaantie N.N.
Gehuwd (3) met Martjen N.N.
Uit het eerste huwelijk:
   1.  Syben SIERTS, geboren circa 1662 (zie 163).
327    Battruit MINDELTS, geboren 1630, overleden circa 1683.
Gehuwd (1) op 21-10-1632 te Tinallinge met Jan REMGES. BRON: Tinallinge, DTBL NH, T:1607-1750 TIN01.
Gehuwd (2) 03-1656 te Baflo met Sijrt LIPPES (zie 326). BRON: Baflo en Raskwerd, DTBL NH, T:1648-1750 BAF01.
Uit het tweede huwelijk: 1 kind (zie onder 326).
 
470    Allert PETERS, overleden op 04-10-1690 te Vliedorp.
Gehuwd op 17-12-1671 te Vliedorp met
471    Luijckjen DERRICKS.
Uit dit huwelijk:
   1.  Reenje ALLERTS, geboren 02-1676 te Vliedorp (zie 235).

476    Jacob Harmens VONCK, Landbouwers op Ritsemaheerd op Kenwerd, geboren circa 1635 te Oldehove, overleden op 25-07-1695 te Oldehove, zoon van Harmen VONCK (zie 952) en Pieterke N.N (zie 953).
Gehuwd 1660 te Oldehove met
477    Ettje Fransen DORENBUSCH, geboren circa 1638, overleden voor 1704.
Uit dit huwelijk:
   1.  Frans, geboren 07-1674 (zie 238).

478    Pytter Elzes SICCAMA, geboren circa 1658, overleden circa 1696, zoon van Else Jansen SICCEMA (zie 956) en Baeucke Peters WIERSMA (zie 957).
Gehuwd op 11-05-1683 te Aduard met
479    Nieske HARMENS.
Uit dit huwelijk:
   1.  Claaske Pieters, geboren 09-1685 (zie 239).

Generatie X

 
516    Johannes KNOL, geboren 1563, overleden 1595, zoon van Claas Hermans KNOL (zie 1032) en Grete up den KNOL (zie 1033).
Gehuwd met
517    Luitjen CLAESEN, geboren na 1569, overleden na 1619.
Uit dit huwelijk:
   1.  Jan Klaassens, geboren na 1595 te Rottum (zie 258).

528    Lubbertus BUININGH, geboren circa 1587 te Groningen, zoon van Gerhardus BUININGH (zie 1056) en N.N. (zie 1057).
Gehuwd op 15-10-1614 met
529    Trijntje SCHUYRINK.
Uit dit huwelijk:
   1.  Gerhardus, geboren 1615 (zie 264).

530    Willem POLLINGE.
Gehuwd met
531    Martien HILLEBRANDTS.
Uit dit huwelijk:
   1.  Hendrikje (zie 265).

648    Garbrand Cornelis WYRSEMA, Landbouwer en zijlrechter op Rollingeweer. Geboren circa 1580 te Maarslag, overleden op 09-06-1623 te Maarslag, begraven te Maarslag. Garbrand wordt in de dijkrol van Maarslag, opgesteld in 1573, genoemd als opvolger van achtereenvolgens Anna Dorenbusch tho Rollingeweer en Cornelis Wijrsema.(Bron: Henk Nieborg)

Grafschrift: "Anno 1623, den 9 juny, is de eerb. und fr... Garbrant Wiersema, kerckvoogd in der tit, christlick in de Heren gerust, verwachtende eensalige opstandinge in Christo. Gedenck, o mensch, die dit siet of leest, dat ik eertyts ben geweest...........do bist tot alt werden gelickick byn tot stof oneerden." Overleden te Rollingeweer. Scheiding van den nalatenschap: 14-6-1651, waarin de kinderen genoemd worden.

Wapen: Rechts een pelikaan met drie jongen. Links: een aanziende ossekop (Op grafzerk te Maarslacht).

Hun grafstenen lagen in de later afgebroken kerkje van Maarslag. En steentje thans in de gang van het woonhuis is ingemetseld, vertoont hunwapens, van hem de pelikaan, van haar een aanziende ossenkop. Ook geeft deze steen een weergave van het Salomo's oordeel. Een 2e steen vermeldt het jaartal 1618 in welk jaar een nieuw huis gebouwd zal zijn.

Garbrand Wiersema wordt vermeld op de kerkklok van Maarslacht, in het begin van de 20ste eeuw overgebracht uit de klokstoel op het kerkhof van Maarslacht naar de kerktoren van Mensingeweer. Daar sedert 1943 niet meer aanwezig.(Bron: Henk Nieborg)
Henrick Wegewart goet my tot Campen anno 1621, do Garbrant Weersma und Tamme Tammes karckfogden waeren.
Wapen GW: huismerk nr 383
Wapen TT: huismerk nr 384
Op de klok staat o.a. het huismerk van Garbrant: GDW huismerk nr. 383

Garbrand Wiersema wordt, namens jonker Allard Gaickenga, als schepper van Ter Borch beëedigd. (Bron: De Marne, een geschiedkundige beschrijving. J. Zijlma)

Maarslag Aduart Fol:87 vso
Garbrant Wiersema wed: Claasjen tot Rollingeweer gebr: 109 juck:
Ao:1639 de soon Albert Wiersema ende Fockje
Ao:1664 de kinderen
Ao:1668 een van de kinderen met naam Maria getr: an Jacob Iwema
Ao:1689 de wed: Maria getr: an Jacob Ennens
Ao:1692 Eijlke Wijrsema
Ao:1694 getr: an Tiaart Wijrsema
Ao:1719 de kinderen Albert en Abel Wijrsema

Cornelis Doorenbosch bezit veel land en bewoont een grote boerderij bij Oosternieland. Ondanks zijn welvaart plaatst Cornelis niet zijn naam, maar zijn huismerk vermits hij niet schryven kan. Zon merk werd vaak gebruikt door analfabeten. Maar ook mensen die wel konden schrijven bleven hun huismerk gebruiken op bijvoorbeeld grafzerken en als eigendomsteken op vee en gereedschap. De jonkers zetten vrijwel allemaal een stevige en zelfbewuste krabbel. Dat hebben ze vast niet op het plaatselijke dorpsschooltje geleerd.

Wanneer Garbrand Wiersema, een halfbroer van Cornelis, op 25 februari 1617 zijn ganzeveer in de inktpot doopt, is hij druk bezig met de herbouw van zijn boerderij Rollingeweer bij Maarslag. Ten tijde van zijn vader Cornelis was de vorige boerderij in brand gestoken als wraakactie van, nota bene, Staatse troepen. Garbrand laat ook de kerk van Maarslag herstellen en zorgt er door zijn zeven zonen voor dat er vandaag de dag aan Wiersemas bepaald geen gebrek is. (Uit: Pronkjewail, Lijst eed van trouw van Johan Waterborg)
https://www.groningerarchieven.nl/actueel/blog/309-pronkjewail-lijst-van-trouw, zoon van Cornelis WYRSEMA (zie 1296) en Anna ABELS (zie 1297).
Gehuwd op 19-03-1603 te Groningen met
649    Claesjen WICHERS, geboren circa 1583, overleden op 01-04-1650 te Maarslag. In ca. 1635 bezat ze land in Groningen stad. Claesjen Wyrsema, weduwe van Garbrant Wyrsema verkoopt 19 Juni 1642 hare 3 1/3 jucken land,liggende onverscheiden in de plaats Sandfoort te Saaxumhuizen, welke verkoop op drie achtereenvolgende zondagen in de kerkdoor den predikant werd afgekondigd.

Het schatregister van de verponding in 1630 vermeldt onder Maerslacht (Maarslag):
Claesien Wiersema 113 jucken.(Bron: Henk Nieborg)

In het register van kloostermeijers (archief Staten van Stad en Lande) staat:
Klooster Aduard, te Maarslag 109 jucken in gebruik bij Garbrant Wiersema Wed. Claasjen tot Rollingeweer.(Bron: Henk Nieborg)
Ao. 1639 de soon Albert Wiersema ende Fockje
Ao. 1664 de kinderen.

Maarslag Aduart Fol:87 vso
Garbrant Wiersema wed: Claasjen tot Rollingeweer gebr: 109 juck:
Ao:1639 de soon Albert Wiersema ende Fockje
Ao:1664 de kinderen
Ao:1668 een van de kinderen met naam Maria getr: an Jacob Iwema
Ao:1689 de wed: Maria getr: an Jacob Ennens
Ao:1692 Eijlke Wijrsema
Ao:1694 getr: an Tiaart Wijrsema
Ao:1719 de kinderen Albert en Abel Wijrsema

Op haar grafzerk:"anno 1650, den 1 aprilis, is die deuchtsa me Claesien Wichers, weduwe van wijlen Gerbrant Weersema, in den Here ger uist, verwachtende een salige opstandinge in Christo en leicht alhier. Wapen: Rechts: een omgewende pelikaan met drie jongen; Links: een aanzien de ossekop. Begraven. (GDW 2449) Omdat ons levent kort en lichgaem wort tot eerde daerom doetaltit wel, soo blijft u naem in weerde".

SCHEIDINGSACTE van de nalatenschap van Claesjen Wichers, wed. Garbrant Weersema. 1651. (Bron: OG)

Wolter Clant, ten Buir, Thesinge en Garmerwolde Jonker ende Hovelinck, betuige met desen openen Scheidebrieff, dat voor my in egener personen zijn erschenen Wicher Weersema ende Grietjen Cornelis sijn huisvrouwe woonachtigh op Olde Maarslacht, Cornelis Weersema ende Abeltjen Jacobs sijn huisvrouwe toe Eendrum op de Grede, Albert Weersema ende Fockjen Eltkens sijn huisvrouwe toe Maerslacht op Rollingeweer, Claes Willems ende Annechien Weersema toe Eendrum op Here-Atema Heerdt, Bonne Weersema ende Nanne Eltkens sijn huisvrouwe toe Tinaldigum op Sijrsema, Derck Weersema ende Tonnisjen Nombdes sijn huisvrouwe toe Lutke Saaxum, Jurrien Weersema ende Duircke Jacobs sijn huisvrouwe toe Wthusen op Oldorp ende Eisse Weersema met Aeilke Tjeerts sijn huisvrouwe, woonachtigh in 't Westernijelandt op Zijlbrugge, beleden ende bekanden een ijder in 't besonder voor haer ende haeren erfgenamen, hoe dat sij de Goederen ende Landen soo haer sal. L. vader Garbrandt Weersema ende haer sal. L. Moeder Claesjen Wichers haer hebben nagelaten vriendeliken ende lieffelijken in presentie ende ten overstaen van haer zal. L. moeder hebben gescheiden ende gedeelet gelijck hier nabeschreven.
Eerstelyken, dat Wycher Weersema sall beholden sodane Vier duisent Car. guldens als hij van sijn sal. L. moeder met sijn eerste huisvr. Grietjen Boelens voor sijn boedel heeft ontfangen, ende daer en boven noch hebben ende beholden duisent guldens voor sodane duisent ende tijn guldens, soo hij ende sijn tegenwoordige huisvr. van achterstallige landthuir ende geschenck aen haer zal. L. moeder, ende ?t Starffhuis ten achteren is. Ende is Wicher Weersema voor sijn partt van de Landen toegestaen, de gerechte helfte van de behuisde Landen in de heerdt so hij nu tegenwoordigh gebruickt groot een en twintich Jucken vijff achten deelen min een roede, noch andelhalff Jucken vrij van behuisinge toe Menscheweer op de Valge geleegen, soo hij onlangs aen sijn broeder Albert Weersema heeft verkoft. Noch een halff juck toe Maerslacht in de Meeren gelegen vrij van behuisinge soo hij tegenwoordig selvest gebruickt.
Ten tweeden, dat Cornelis Weersema sal beholden sodane Vier dusent Car. gulden als hij aen sijn plaetse heeft gecortet, soo hij van sijn sal. L. Moeder gekoft, ende daer en boven van sijn Broeder Albert Weersema ontfangen twee hondert vijftich gulden, soo hij te rugge moet keeren van sodane vijf duisent, twee hondert vijftich gulden als hij te boedel heeft genooten, ende van sijn Broeder Derck Weersema vijff hondert Car. guldens als hij te boedel heeft ontfangen, ende dan nog twee hondert vijftich gulden van de resteerende Landthuiren ende geschenken uijt het Starffhuis ofte van de samptlijcke vrienden. Ende is Cornelis voor sijn partt van de Landen bij Lottinge te deele gevallen negende halff jucken vrij van behuisinge toe Menscheweer gelegen, soo sijn Broeder Albert Weersema tegenwoordigh van hem in de huire heeft, noch het heem, huis, hoff, tune ende geboomte, soo Jan Berents toe Menscheweer meijerwijse gebruickt met alle sijne Gerechtigheiden ende toebehoren, ende eendelijcken noch drie Jucken vrij van behuisinge toe Petersburen gelegen, soo Haye Derx meijerwijse gebruickt, ende op dese Landen noch te hebben anderhalff hondert Daler an goedt, soo hij van sijn broeder Derck Weersema sall ontfangen door dien dat Derx part soo vele beter als zijnen is gerekent.
Ten derdes sall Albert Weersema beholden vijff duisent Car. gulden, van sodane vijff duiseat twee hondert vijftich gulden als hij te boedel heeft genooten ende de overige twee hondert vijftich gulden aen sijn broeder Cornlis Weersema gelijck boven verhaelt te rugge keeren. Ende is Albert voor sijn partt van de Landen bij Lottinghe te deele gevallen de gerechte vierde partt van Sickema goedt in 't Westernijelandt gelcegen, waer van Peter Jansen aldaer d'eene, ende Lambert Harmens oock aldaer woonachtich d'ander Helfte gebruicken onverscheijden, waer onder vierdehalff jucken vrij van behuisinghe met sijn Quelder ende Anwas in aller gestalte gelijck haer L. moeder deselve van haer L moeye Lijsbet Nebels sijn aen-gearvet.
Noch de gerechte helffte met de vierde partt van d'ander helffte van een klein Heertjen landes, soo Cornlis Jurcks op 't Westernijelandt meijerwijse gebruickt. Eindelicken een anpartt in een Heemstede, soo Jan Aibes gebruickt, soo groot ende kleen als haer zalige L. moeder daer heeft konnen verdedigen, mits te rugge kerende darde halff hondert daler, waervan sijn Broeder Bonne vijff ende 't seventich ende Broeder Jurrien honder vijff en 't seventich sullen hebben.
Ten vierden sullen Claes Willems ende Annechien Weersema beholden sodane vier dusent Car. guldens als sij voot haer bruitschatt hebben genooten, ende daer-en-boven van haer broeder Eisse ontfangen Negen hondert vijff ende 't seventich Gr. guldens soo Eisse te rugge sal keeren van de halve heerdt Landes, soo sijn Broeders, Swager ende Suster ten overstaen van haer zal. L Moeder hem voor sijn part van de Landen in scheijdinge hebben toegestaen, ende dan noch ontfangen vijff ende twintich gulden van de resteerende Landthuiren.
Ende is haer voor haer partt van de Landen bij Lottinge te deele gevallen acht jucken, met een partt van een heem toe Menscheweer geleegen vrij van behuisinge, soo Eept Willems aldaer meijerwijse, noch vijff Jucken vrij van behuisinghe toe Petersburen soo Duirt Jansen in de Praebende meijerwijse gebruickt, noch drie jucken toe Eendrum onverscheiden in Groesterheerdt gelegen, soo Renje Tammes aldaer meijerwijse gebruickt, eindelicken noch twee jucken vrij van behuisinge bij Schaaphalster zijll gelegen, namentlijken 't eene jaer een stuck uitterdijck buten dyx gelegen, ende 't ander jaer de helffte van een Camp bij Meerten Benens huis, waer van Reinder Berents d'ander helffte gebruickt, in aller gestalte gelijck de nu tegenwoordigh van Wicher Weersema gebruickt worden.
Ten vijfden sall Bonne Weersema beholden sodane vijff dusent Car. gulden als hij te boedel heeft ontvangen, ende is hem bij Lottinge voor sijn partt van de Landen te deele gevallen Negen grasen Osseweide vrij van behuisinge bij Ematil gelegen, soo Sijtse Meinerts weduwe ende Luitjen Jansen bij Ematil meijerwijse gebruiicken, noch sess graesen bij Ematill aen de Mattsloot geleegen vrij van behuisinghe soo Peter Baltzars bij de Munnickedijck in de huire heeft, ende hijr en boven vijff en 't seventich daler soo Peter Baltzars bij de Munnickedijck in de huire heeft, ende hijr en boven vijff en 't seventich daler
van sijn broeder Albert Weersema ontfangen gelijck verhaelt.
Ten sesten sall Derck Weersema beholden vijff dusent Car. gulden van sodane sesste halff duisent Car. guldens als hij te boedel heeft genooten ende de resteerende vijff hondert guldens aen sijn broeder Cornelis Weersema gelijck boven verhaelt te rugge keeren. Ende is Derck voor sijn partt van de Landen door 't Lott te deele gevallen vier jucken de Kengel genaemt vrij van behuisinge toe Maerslacht gelegen aan 't Schouwerzijlster Maer tegen Schouwen over, soo hij tegenwoordigh selvest gebruicket, noch twaalf grasen bij Ematill vrij van behuisinge waer van seven grasen aen de Leegen wegh, ende vijff aen de mattsloott zijn gelegen, soo Ijle Meints meijerwijse gebruickt. Eindelicken noch vijff grasen toe Oostum gelegen vrij van behuisinge soo Simon Oopkes weduwe in de huire heeft, mits te rugge keerende aen sijn broeder Cornlis Weersema anderhalf hondert daler gelijck boven verhaelt.
Ten sevenden sall Jurrien Weersema beholden sodane vijff duisent Car. gulden als hij te boedel heeft genooten. Ende is hem voor sijn partt van de Landen bij Lottinge te deele gevallen Tijn grasen Osseweide bij Munnekedijck gelegen vrij van behuisinge soo Jurrien Roelofs aldaer meijerwijse gebruickt ende 3 grasen vrij van behuisinge in Mecken-Camp bij Ematill gelegen, soo Wobbichjen Claesen weduwe van wijlen Jan Claesen op de Lege-meeden meijerwijse gebruickt, mede noch ontfangen hondertt vijffen 't seventich daler aen gelt van sijn broeder Albert gelijck boven is schreven.
Ten achten ende laetsten sall Eysse Weersema beholden de gerechte helffte van Zijllbrugge, groot sijnde seven en dertigste halve jucken, met sijn Quelder ende aenwas daer en boven, ende alle sijn andere Gerechtigheden ende toebehoren, so sijn zal. L. moeder, broeders, swager ende suster aen hem ende Aylcke sijn huisvrouwe hebben verkoft aen betalinge van Eysse belovede boedel voor vijff duisent twee hondert vijftich gulden, waervan hij de hondert Rijx daler, soo hem nae luit Hijlixvorwoorden sijn geschoncken niet sal in brengen, ende belangende de resteerende Duisent gl. in hilixvoorwoorden belovet, daer van sullen Eisse ende Aylcke opgemelt ofte haer Arffgenaemen nu offte tot geenen tijden ijeets hebben te eisschen, door dien dat de boedels ende bruitschatt op vijff duisent gulden sijn vereffent: ende is Eysse Weersema voor sijn partt van de Landen toegestaen, de andere helffte van Zijlbrugge, groot sijnde gelijck boven verhaelt, met de Queller ende anwas daer en boven ende alle sijn andere Gerechtigheden ende toebehooren, mits dat hij te rugge sal keeren aen sijn swager Claes Willems ende suster Annichjen Weersema negen hondert vijff ende 't seventigh Car. gl., gelijck boven verhaelt, door dien de halve Heerdt grooter ende soo voele beter als een van d'andere parten Landen is geestimeert. Ende sall een jegelick sijn partt van boven gespecificerde Landen, soo groot ende kleen, goed ende quaat die in haer swetten gelegen zijn van nu voortaen in d'eigendom aentasten, ende in alles sijn vrije wille daermeden mogen doen gelijck nae Recht geoirloved is. Belangende de andere goederen, namentlijck geldt, goldt, silver, gemundt ende ongemunted sinnde, linnen ende andere huisraedt dat selves in acht gelijcke parten gedielet ende daer van heeft een ijeder het sijne genooten, gelijck hem 't selve bij 't Lott te deele is gevallen. Beloven derhalve bovengemelde scheidinghe wal te achtervolgen ende daerinne ak vrede-levende Broeders ende susters haer zalige L. moeders wille gehoorsamen. Welverstaende nochtans dat bij aldient buitten vermoeden muchte gebeuren dat eenige actie op voorschr. Landen muchte moveeren, soo sall dieghene op wiens Landen d'actie ofte aensprake wordt gedaen, d'anderen bij tijdes sulx te kennen geven, ende sullen hem alle te samen mainteneeren, ende de schade soo hij daer bij muchte lijden, een jegelijck voor zijn quota vergoeden. Sonder argelist, in oirconde der waerheijt ende tot meerdere vestenisse soo bent hiervan ten versoecke van Comparanten acht gelijckluidende scheijdebrieven gemaeckt, deur mij Joncker ende Hovelinck opgemelt onderteekent ende met mijn angebooren Adelicke zegul confirmeert. In 't Jaer Duisent seshondert een ende vijftich, den veertijnden dagh Junij.

w.g. Wolter Clant. 14 Junij 1651,, dochter van Wicher van EMDEN (zie 1298) en Lysbet Alberts van HASELUNNE NEBELS (zie 1299). Dit huwelijk werd afgekondigd in de St Maartens Kerk (Martinikerk) te Groningen.

In het trouwboek vindt men: "19 merty 1603. Garbrandt Wiersema absedt, daer voer Jurijen Nobels frouwe caverdt, ende Claessijen Wijchers mede absendt, daer voer vr. Aelke Hebels caverdt, is den 19 merty d'publicatioenge accorderth. Landwerts gecopulerth". (op het land getrouwd). Overleden op Rollingeweer.
Uit dit huwelijk:
   1.  Jurrien Garbrands, geboren circa 1618 te Klein Maarslag (zie 324).

652    Lippe SYERTS, Landbouwer op Wilkemaheerd, Wilkemaweg 11 te Startenhuizen, Kantens. Geboren 1608 te Huizinge, overleden op 31-05-1679 te Startenhuizen, Kantens, zoon van Syerds LIPPES (zie 1304) en Geertruid JACOBS (zie 1305).
Gehuwd (1) 1637 met Trijntje JANS (zie 653).
Gehuwd (2) 1655 met Aechtje JANS, geboren 1631, overleden op 27-06-1696 te Startenhuizen, Kantens, begraven op 07-07-1696 te Startenhuizen, Kantens.
Uit het eerste huwelijk:
   1.  Sijrt LIPPES, geboren circa 1630 (zie 326).
653    Trijntje JANS, geboren 1615, overleden op 03-08-1653.
Uit dit huwelijk: 1 kind (zie onder 652).
 
952    Harmen VONCK.
Gehuwd met
953    Pieterke N.N.
Uit dit huwelijk:
   1.  Jacob Harmens, geboren circa 1635 te Oldehove (zie 476).

956    Else Jansen SICCEMA, Landbouwer te Burum. Geboren circa 1622 te Burum, Kollumerland C.A., Friesland, overleden voor 1663 te Burum, Kollumerland C.A., Friesland. Landbouwer te Burum. Mw. A.C. Fokkema-Siccama, De Siccama's
(Kollum, 1973), p 201, Openbare Bibliotheek Groningen. "Bij de dood van zijn
vader Jan Reinersz (Eijsinga) woonde Aelse met zijn moeder in de Buyren te
Burum, het sterfhuis was lang vijf vakken met een schuur. In het Weesboek
van Kollumerland, fol. 69, staat: gebruiken 58 1/2 ponden land van Gerkesklooster en 12 ponden daarbij en 13 1/2 pond eigen land (3 ponden zijn ca. 1 ha). Bij het verdelen der bezittingen is sprake van "Saaten en landen bij Jan Rijners Eijsinga en Pieter Jacobs beide van Burum" en van de goederen van hun bestevader Pieter Luwes Wiersma, die een plaats had in de Ruigewaard (Weesboek Kollumerland p 23, fol 54). Curator over de kinderen werd Harcke Siccama, de neef van Aelse Jans.", zoon van Jan Reyners EIJSINGA (zie 1912) en Attje SIJCKEMA (zie 1913).
Gehuwd op 28-10-1643 te Grijpskerk met
957    Baeucke Peters WIERSMA, geboren circa 1627, overleden op 03-12-1663 te Burum, Kollumerland C.A., Friesland, dochter van Pieter Luwes WIERSMA (zie 1914) en Neeltje Jans BAAS (zie 1915).
Uit dit huwelijk:
   1.  Pytter Elzes SICCAMA, geboren circa 1658 (zie 478).

Generatie XI

 
1032    Claas Hermans KNOL, geboren na 1531, overleden na 1590 te Eppenhuizen. Claes verkreeg het "gildrecht"in 1538 en komt voor in het rekeningboek van
kloostergoederen. Hij was provinciemeyer, d.w.z. hij huurde 100 grazen land.
Claes Hermanns heeft in 1550 het stapelrecht geschonden. Hij bracht zijn
goederen niet via de markt in de stad Groningen. Hij bewoonde in 1540 een
"heerdt toe Eppingahuysen". Zoon van Herman KNOL (zie 2064) en N.N. (zie 2065).
Gehuwd met
1033    Grete up den KNOL.
Uit dit huwelijk:
   1.  Johannes, geboren 1563 (zie 516).

1056    Gerhardus BUININGH. Gerhardus Buining werd uit Groningen verbannen na het verraad van Rennenberg, was rector te Bremen, doch werd in 1594, na inmenging van Groningen door Prins Maurits en Greef Willem Lodewijk, als rector te Groningen benoemd.
Gehuwd met
1057    N.N..
Uit dit huwelijk:
   1.  Lubbertus, geboren circa 1587 te Groningen (zie 528).

1296    Cornelis WYRSEMA, Landbouwer en zijlrechter op Rollingeweer te Klein Maarslacht. Geboren circa 1550 (gezindte: Gereformeerd), overleden op 23-06-1609 te Maarslag, begraven circa 1609 te Klein Maarslag. Prothocol van den landmeter Gerrit Hopper II. K.K. Anno 1586 den 12 May tho Maerslacht dorch versoeck Johan Peters ende Cornellis Wyrsema de landen gemeten so se mitten ander aldo to scheyden to deelen hadden Witsemaheert under den Klockslach Menscheweer. In den ersten de landen so Johan Peters ten scheydinge gefallen bint. De landen achter upte valge 175 Rode en de anderlant mitte heem 2157 Rode, maken 7 1/4 juck mit 5 Rode Hyr scheelt noch an 146 Rode de maken 1/2 juck mit 6 Rode, so worts mit Jacops lant gelijck. Dese landen heft Cornellis vorss. untfangen: 7 3/4 juck; '* tusschen beyde werde alwaer de herewech ende de notwech beyde sint uogemeten bleven 3/4 juck. (Jacops lant is natuurlijk fout. Moet zijn Johans lant.). (Bron: OG)

Op 26 april 1586 moest Derck Reynerts te Maarhuizen in een zaak over schulden tegen Cornellys Wierzuma, Meerten Dorenbusch en Jacob Halsema als erfgenamen van wijlen Johan Dorenbosch en Abel tho Rollingeweer met beter bewijs komen dan een "olde geschoerde rekenschop" van 16 april 1571. In januari 1588 blijkt, dat Jacob Halsemas weduwe de helft van 6 daler moet betalen aan Derck Kremer, waarbij Meerten Doornbusch reeds lang zijn helft betaald had (Opmerking: Meerten Doornbusch was landbouwer op boerderij A-190 te Maarhuizen, Jacob Halsema was landbouwer op boerderij E-370 "Lutke Saaxum" te Baflo).

Citaat uit de kloosterrekeningen van 1595: [1595, 2289/17v] Cornelis Wiersma te Rollingeweer heeft 109 grasen Lants tgras een embder gulden gerekent facit 122-12-4

Grafschrift: "Anno 1609, de 23 junius, is den E. und fromen Kornelius Wiersema christelick in den Heeren entslapen, sin seele leeft in Godt. Alles wat ghi biddet in juw geb edt, soghit gelovet, so wert ghit entfangen. mat.ant.21 c " (Matheus 21:22)

Wapen: rechts: Een omgewende pelikaan met opgeheven vlucht en drie jongen. Links Gedeeld: I een halve adelaar;II drie klaverbladen. Zoon van Garbrandt Dercks WEERSEMA (zie 2592) en N.N. (zie 2593).
Gehuwd op 01-01-1578 te Groot Maarslag met
1297    Anna ABELS, geboren circa 1550 te Groot Maarslag, overleden circa 1600 te Groot Maarslag. Met potlood stond in de genealogie Wiersema/Wiersum hierbij geschreven: "? dv. Luirt Doornbos, meyer op Rollingeweer, oa 1584-1585". en in een an der handschrift: "onzin!" WGD

In de dijkrol van Maarslag komt in 1573 voor: Anne Dorenbusch tot Rollingeweer, 11 roeden (pag 5), idem 37 roeden (pag 8), Anne tho Rollingeweer 37 roeden (pag 9 verso), Anne tho Rollingeweer, Melle Hayes samen 2? roeden. In alle gevallen wordt er opgevolgd door achtereenvolgens Cornelis Wijrsema, Garbrand Wijrsema en Albert Wijrsema. Cornelis komt voor o.a. op: 10 april 1585, 25 augustus 1588 en op 29 november 1588. (Rechtelijke Archieven IIIa)(Bron Henk Nieborg)

Tevens is vermeld op 26-4-1586 (HJK 55, AG), dat Cornellys Weerzumma, Meerten Dorenbusch en Jacob Halsema erfgenamen zijn van Johan Dorenbusch en vrouw Abel tho Rullingeweer, Anno 1580 meyers. (Rollingeweer was toen Aduarder kloosterbezit.) (Bron Henk Nieborg)

1595 Cornelis Weersum to Rollingeweer hefft 109 grasen lantz 122-12-4. (Bron Henk Nieborg), dochter van Abel WIERTS (zie 2594) en Gebbe PAMA (zie 2595).
Gehuwd (1) na 1566 met Johan DOORNBOSCH, overleden ABT 1572/7.
Gehuwd (2) voor 1576 met Johan SYMENS, overleden ABT 1576/7.
Gehuwd (3) op 01-01-1578 te Groot Maarslag met Cornelis WYRSEMA (zie 1296).
Uit het derde huwelijk:
   1.  Garbrand Cornelis, geboren circa 1580 te Maarslag (zie 648).

1298    Wicher van EMDEN.
Gehuwd met
1299    Lysbet Alberts van HASELUNNE NEBELS, dochter van Albert van HASELUNNE (zie 2598) en Claes N.N (zie 2599).
Uit dit huwelijk:
   1.  Claesjen WICHERS, geboren circa 1583 (zie 649).

1304    Syerds LIPPES, Landbouwer op Melkema, Smedemaweg 3 te Huizinge. Geboren circa 1580 te Maarhuizen, overleden circa 1642 te Huizinge, zoon van Lippe SIERTS (zie 2608) en Geele OOMKES (zie 2609).
Gehuwd op 10-02-1606 te Maarhuizen met de 22-jarige
1305    Geertruid JACOBS, geboren op 19-01-1584 te Maarhuizen, overleden op 13-11-1652 te Huizinge op 68-jarige leeftijd, dochter van Jacob DERKS (zie 2610) en Katrina RITSES (zie 2611).
Uit dit huwelijk:
   1.  Lippe SYERTS, geboren 1608 te Huizinge (zie 652).

1912    Jan Reyners EIJSINGA, overleden voor 1628 te Burum, Kollumerland C.A., Friesland, zoon van Reyner Gylts EIJSMA (zie 3824) en N.N. (zie 3825).
Gehuwd circa 1621 met
1913    Attje SIJCKEMA, geboren circa 1600 te Surhuizum, Achtkarspelen, Friesland, overleden na 1641 te Burum, Kollumerland C.A., Friesland. Zie Ned. Leeuw 1929, dochter van Eelthje SYCKEMA (zie 3826) en Emme PIETERS (zie 3827).
Uit dit huwelijk:
   1.  Else Jansen SICCEMA, geboren circa 1622 te Burum, Kollumerland C.A., Friesland (zie 956).

1914    Pieter Luwes WIERSMA, geboren circa 1597, overleden op 02-11-1663 te Grijpskerk. Erfgezetene op de Ruigewaard. Zoon van Luwe (Lieuwe) Jansz WIERSMA (zie 3828) en Thee ROELEFFS (zie 3829).
Gehuwd met
1915    Neeltje Jans BAAS, geboren circa 1596 te Grijpskerk, overleden circa 1663 te Grijpskerk.
Uit dit huwelijk:
   1.  Baeucke Peters, geboren circa 1627 (zie 957).

Generatie XII

 
2064    Herman KNOL, geboren circa 1499 te Bayern, Germany, overleden na 1590.
Gehuwd met
2065    N.N..
Uit dit huwelijk:
   1.  Claas Hermans, geboren na 1531 (zie 1032).

2592    Garbrandt Dercks WEERSEMA, Eigenerfde Niebert en Oostum, geboren circa 1525, overleden op 10-07-1570 te Oostum, begraven te Oostum. Wordt genoemd in 1560, 1561, 1565 en 1566. (Archief Groninger Parochiekerken, inv. nr. 34, folio 3,4,9). Op 14-10-1560 wordt huur voor het kerkeland te Oostum voldaan door Garbrand Derks Weersuma. Hij bewoont tevens dit land. (AGP onv. nr. 298, regest 824). Onder nr. 104 (Inventaris Huisarchief van de Nienoord): Als getuige:o.a. Sycke Harckema. Onder nr. 105: Verzegeling , waarbij Sicke Harkema en Garbrandt Derks Weersema, als eigenerfde van Niebert en Tolbert, een stuk veen aan de Zwarte Rijth aan Johan en Wigbolt van Ewsum overgedragen. Tevens wordt nog vermeld op 14-4-15 49: Garbranth Wyrsma, die met enkele anderen, voornamelijk ingezetenen van Vredewolt, ao.Tolbert en Midwolde, afstand doet van zijn aandeel in het kerkgestoelte in het koor ten noorden van het hoogaltaar in de kerk van Tolbert, Garbranth Wyrsma woonde in 1549 volgens het regest op "Hoyeke Volkerts-heerd". (Archief Lewe, regest 104) De "Haye Volkers Heert" wordt in 1540 genoemd in het schatregister voor de jaartax, waarin opgenom en heel Vredewolt. De heerd is gelegen te Niebert(Nybert), is groot 15 roeden en wordt in 1540 gebruikt door Coep,(=Coop dus voor Jacob). De naam Garbrant of Wiersuma komt in de schatting van de jaartax te Niebert niet voor. (Ommelander archief, inv.nr. 39). Op zijn grafzerk (GDW 438): "Ao 1570, 3 dage voer Jacoby, starf Gerbrant Weersema". De steen ligt in de kerk, onder een plankiertje, in of voor een diakenbank. Op die zerk is huismerk no. 53 vermeld. Later verschijnt het wapen met de pelikaan en drie jongen.

"Uiteindelijk zijn de partijen tot elkaar gekomen en is de grens bepaald. Een acte die daarvan getuigt is van 6 nov. 1559, op welke datum een verzegeling is opgemaakt die als volgt begint: "Wij Ewe Awema, Albert Ifftrum, Sicke Harkema, Ee Bunnema, Ilo Gratema, Leo und Dreus Iwema, Hedde Enema, Focko Sappema, Warner Taminga, Garbrant Derk Weersema, Peter Bennema, Menno Hijmersma, mit allen den ingesetenen und gemenen egenerfden in 't Oldbert und Nibert und die daar egen venen hebben in dessen tween kerspelen,". Deze acte verhaalt over dit reeds in 1545 ontstane geschil tussen Vredewold enerzijds en aan de andere kant "den Abt der Godthuises tho Adwert, den ingesetenen in der Helle und den kerspell to Roden". De abt met consorten "vermeenden gerechtiget to sijn van der Hellen an nae Wema busch undt Nijebert deur die Vredewoldener venen to graven", onze Nieberters/Toberters waren het daar natuurlijk niet mee eens. Dankzij onder meer de inspanningen van Johan und Wigbolt van Ewssum is het geschil met de abt cs. uiteindelijk "in vruntschap .. upgenomen und verdragen". Uiteraard hebben de broers van Ewssum daar de nodige kosten voor gemaakt, maar mede dankzij onder meer een "sware timmering eens nien Ziels [nieuwe sluis] om onse water uet tho voeren" zijn de eigenerfden kennelijk een beetje in geldnood gekomen. De onderhavige acte legt vast dat bovenvermelde eigenerfden bijeen zijn geweest in de Olderberder kerk en dat aldaar is besloten dat met veen betaald zal worden, en de gebroeders van Ewssum verklaren: "dat wij ons dien opgelopenen unkosten interesse moetsell und schaden mit specificierde stuck venes hebben affsoenen laeten". " (Bron: P.E. Post, Veenendaal)

"Op 22 april 1549 is een acte opgemaakt waarin Auwe Gratema, Ono Harckema, Sicke Harkama, Albert Iftema, Leo IJwema, Paebe Bousema, Tijaert Berents, Benno Wijema, Bonne Bonnema, Bonno Fossema, Garbrant Wijrsema, Bonne Ebersma, Arent Hinricks en Wisse Dathens hun deel in de kerkstoel in het koor ten noorden van het altaar schenken aan Iwo Auwema." (Bron: P.E. Post, Veenendaal)

Het romaanse kerkje op de, in het begin van de 20e eeuw grotendeels afgegraven, wierde kijkt al sinds de 13e eeuw hoog uit over het vlakke land bij Garnwerd. De wierde zelf is opgeworpen op een oude kwelderwal en is mogelijk al sinds de IJzertijd bewoond.

De toren is in de 14e eeuw tegen de bestaande kerk aan gebouwd. De toren staat dwars op de kerk (de nok van het zadeldak staat haaks op de nok van het schip). De toren is gebouwd op oude fundamenten (mogelijk van een afgebroken travee). Aan de westkant zijn twee kleine steunberen geplaatst tegen het wegzakken.

In de kerk liggen twee grafzerken uit de tijd vóór de Reformatie met als opschriften:

-Ao 1570, 3 dage voor Jacoby starf Gerbrant Weersema (huismerk 53)
-Ao 1579, 14 dage voor Jacobi starf Swewe Weersema

De twee telgen uit het geslacht Weersema stierven beide in juli en wel op 22 en 11. Want er werd gerekend vanaf 25 juli, de naamdag van Jacobus.

Roemeling (2013) concludeert op grond van een pastoorszegel uit 1479 dat de kerk toegewijd is aan Jacobus. Uit zijn gedegen onderzoek blijkt in Groningen het pastoorszegel een goede indicator van de patroonheilige van de kerk te zijn. (Bron: https://www.santiago.nl/jacobalium/kerkje/165240)

OSTUM BIJ GARNWERD N.H. Kerk te Oosturn
In ons gewest komen vele gehuchten en gehuchtjes voor, die vroeger kerkdorpen zijn geweest. Wanneer een dorpje langzamerhand zoo in beteekenis, in welvaart achteruitging, dat de zorg voor een eigen kerk en voor het onderhoud van een eigen predikant te zwaar, te drukkend werd, en wanneer daar tot overmaat van ramp nog bij kwam, dat de oude kerk van dat dorpje beslist om enkele hoognoodige herstellingen vroeg, dan viel die kerk eindelijk ten prooi aan moker en breekijzer. Het dorpje keerde als dan terug tot zn oorspronkelijken gefauchts of buurttoestand.
Op die wijze, soms mede in verband met andere oorzaken, verdwenen o.a. de kerken der vroegere parochies: Beijum, bij Zuidwolde (1475), Bellingweer, bij Winsum (1823), Toornwerd, bij Middelstum (1818), Faan (1820), Harsens, bij Adorp (1785), Lutjesaaksum (1465), Maarslagt (1807), Menkeweer, bij Onderdendam (1843), Onderwierum, bij Onderdendam (1840), Ranum, bij Winsum (1820), Raskwerd, bij Baflo (18e eeuw), Scharmer (1824), Vliedorp, bij Ulrum (1695), Westerdijkshorn, bij Bedum (1802), Wetsinge (1840), Wierurn (1829). Enkele van die gehuchtjes bezitten nog het kerkhof, soms met den toren, dat ook nog gebruikt wordt. Sommigen meenen in dit verdwijnen der vroegere parochies een ontvolking van het platteland te zien als gevolg Van den trek naar de groote steden. Ons Inziens wijst de opheffing der verschillende kerkelijke gemeenten meer op een Centralisatie. Tot de verdwenen parochies behoorden vroeger veelal kleinere boerderijtjes. Deze nu zijn in den loop der tijden langzamerhand opgelost in grootere bedrijven. De kerkelijke gemeenten Verkregen daardoor een geringer aantal leden, die de parochie financieel steunden, zoodat ze tenslotte genoodzaakt waren toevlucht te nemen tot een naburige zustergemeente.
Oostum, oudtijds ook Oestum geheeten, het kleine Oostum, dat ook van dorpje afgedaald is tot een buurtje van twee huizen en eenige boerderijen in de Omgeving, heeft tot dusver echter zijn Oud interessant kerkje weten staande te houden en is dus een uitzondering op den regel. We mogen het Kerkbestuur van Oostum en Garnwerd dankbaar zijn, dat 2e 't kerkje voor ons bewaard hebben. Op een wierde gebouwd, maakt het een aardigen indruk en werd dan ook reeds vaak door schilders op het doek vereeuwigd.
Oostum ligt bij het Reitdiep, in de onmiddellijke nabijheid van het dorp Garnwerd. Het wordt ten Oosten door het Reitdiep en ten westen door het Aduarderdiep ingesloten. Ten zuiden van Oostum vindt men de oude Wierumer afwatering naar het Aduarderdiep.
Wanneer Oostum als nederzetting ontstond, wanneer het kerkje gebouwd werd, valt niet met volkomen zekerheid te zeggen. De naam Oostum wijst er op, dat de stichters, althans de naamgevers, meer haar 't westen gewoond zullen hebben. Misschien, dat de kloosterlingen van Aduard aan den bouw der kerk niet vreemd zijn. Oostum wordt als parochie Vermeld in een 15e eeuwsch decanaatsreglster.
Bij de kerk vindt men tegenwoordig twee huizen en een boerderij. Ongeveer midden vorige eeuw telde Oostum een 20-tal bewoners, terwijl het zielental met de bewoners der negen er bij behoorende boerderijen toen 120 bedroeg. Zooals we reeds opmerkten, staat het kerkje op een wiergedeelte. De wierde in de directe nabijheid der kerk is afgegraven. De heeren Gebrs. Olthoff, eigenaars dier wierde, begonnen in 1905 met het afgraven. Het laatste perceel der wierde, het terrein der voormalige pastorie, verdween in 1913. Daarna werd de westkant der wierden, eigenaar de heer R. Drenth aan de snee gebracht. Opmerkelijk was het - zoo vertelde ons de heer Olthoff - dat na de afgraving van de oostelijke en westelijke perceelen een put van ongeveer 30 voet diepte, toen droog werd. In de wierde werd een gouden Dominusgulden van Filips van Bourgondië, Bisschop van Utrecht (1517-1524), gevonden. Verder vond men gouden en bronzen naalden, een bronzen fibula, een bronzen haardtangetje, bronzen charivari, bronzen spoor, een dito potdeksel, Saksische en Frankische potten en vele grootere en kleinere scherven van geometrisch versierd aardewerk. Een en ander vond een plaatsje bij de interessante verzameling Wierde-vondsten" in ons M. v. O. Door de afgraving der wierde bestond er gevaar voor verzakking der kerk. Door tusschenkomst onzer Provinciale Archeologische Commissie is dit echter gelukkig voorkomen, komen. Eenige jaren nadat de wierde te Oostum was afgegraven, werd het wierdegat" weer gevuld en wel met slijk door baggermachines uit het Reitdiep opgehaald. Oostum kreeg op deze manier een deel van zn wierde terug. Bij die uitbaggering van 't Reitdiep werden een oud kanon en drie kogels naar boven gehaald, die in het M. v. O. geborgen zijn. De kerk en vooral de oude toren vragen dringend om restauratie. In den Zuidoosthoek is de toren hersteld, maar men heeft helaas daarvoor nieuwe steenen gebezigd. In den toren hangt een prachtige klok, die bekend is door den zeer helderen, welluidenden toon. De klok is met vele beelden en beeldgroepen versierd en draagt een eenigszins moeilijk te ontcijferen opschrift. In hedendaagsch Nederlandsch overgebracht luidt het: Heer Johan van Gogkerk, Heer van Rennedoinck, Kunne Luersema en Bole Kerkvoogden van Feerwerd lieten mij gieten. Anno 1465. Maria ben ik geheeten. Hendrik Kokenbakker goot mij."
Onder het beeld van Paulus in den schriftband vindt men een mooi gegoten kruisigingsgroep: Christus aan het kruis, met Maria en Johannes ter zijde. Aan den tegenover gestelden kant is Moeder Maria, met het kindeke Jezus op den arm, aangebracht. Moeder Maria vond hier in het hooge Noorden een groote vereering. Onder aan den slagring bevindt zich een klein, maar prachtig uitgevoerd, Gothisch bladrandje. De klok is 75 c.M. In doorsnee en 76 c.M. hoog. De gieter Hendrik Kokenbakker - een kunstenaar in zijn vak - goot ook de twee prachtige klokken te Zandeweer Van het kerkje is de dakbedekking zeer merkwaardig, voornamelijk het middengedeelte. Wanneer de zon met vollen luister op het dak schijnt ontwaart men duidelijk een kruis. In het middengedeelte vindt men nog de oudste pannen waren halve cylinders, ze bezaten geen mantel. Men bakte een cylinder op de gewenschte grootte en sneed deze dan overlangs in tweeën. Men noemde deze mantellooze pannen monniken" en nonnen" Ze werden om den ander met den ronden kant naar boven op het dak gelegd. De monniken zijn de pannen, die boven liggen.
In lange rijen vormen ze als het ware ronde banden over het kerkdak. De nonnen vormen samen de onderbedekking. De monniken en nonnen vormen samen een soliede, een goed sluitende dakbedekking, waarbij lekkage bijna onmogelijk was. Door de zwaarte vroeg deze bedekking echter veel van de kap. Deze eerste panvormen vindt men behalve aan de kerk te Oosturn ook nog aan de kerk te Winsum en aan het aardig kerkje te Sellingen. De ingang der kerk bevond zich blijkbaar vroeger aan de andere zijde van het gebouw. Op den vloer van de Kerkvoogdenbank vindt men twee 16e eeuwsche grafzerken. Op de eene leest men: Ao. 1570 3 dage voer Jacobis starf Gerbrat Weersema". Op de tweede: Ao 1579 14 dage voer Jacobi starf Swewe Weersema".
Eigenaardig, dat de kiok gegoten werd door de Kerkvoogden van Feerwerd (1465). Zou de kiok vroeger ln Feerwerd gehangen hebben? Of moeren we de reden zoeken in het feit, dat Oostum oudtijds, tegelijk met Garnwerd, met Feerwerd gecombineerd was? We weten het niet.. Als eerste predikant der combinatie Oostum-Garnwerd-Feerwerd vonden we vermeid Thomas Stalman op het jaar 1595. In 1609, toen Hajo liberi predikant dezer vereenigde kerkelijke gemeenten was, is Feerwerd weer een zelfstandige parochie geworden. In 1663 bezat Oostum een eigen predikant, n.l. Petrus Groenou. Te Garnwerd was in dienzelfden tijd Marcus Marcius leeraar. Deze was echter in 1665 door zwakheid des verstands tot den predikdienst onbekwaam". Daarom werd Garnwerd toen met Oostum gecombineerd, welke combinatie nog bestaat. Petrus Groenou was de eerste predikant dezer twee vereenigde gemeenten.
Het collatierecht van Oostum behoorde in 1794 voornamelijk aan het Huis van Aduard, evenals dat van Garnwerd. Dit recht zal dus oudtijds hebben berust bij de eigenerfden, de parochianen of - hetgeen ook zeer wel mogelijk is - bij de Abdij van Aduard.
Aan het Aduarderdiep - ruim een half uur gaans van Oostum - waren vroeger een vijftal steenfabrieken, die des zomers veel werkvolk noodig hadden. De zuidelijkste dezer fabrieken stond dicht bij het Groote en het Kleine Waschhuis, twee boerderijen, die oorspronkelijk aan de Abdij van Aduard behoorden. Ten onrechte wordt de naam Waschhuis in verband gebracht met de naburige steenfabrieken. De ticheljongens toch zouden zich hier hebben laten bewasschen"
Op die steenfabrieken werkten voornamelijk Duitschers. Voor deze Duitsche ticheljongens werd een of twee keer in den zomer - den campagnetijd - door een Duitschen predikant gepreekt in het kerkje te Oostum. Dit gebeurde nog voor een halve eeuw. Bij den ingang der kerk werden de jongens Duitsche gezangboekjes uitgereikt. Deze godsdienstoefeningen werden in den regel druk bezocht.
Van de noordelijke steenfabriek liep indertijd een kerkpad naar de kerk te Oostum. Het pad kwam uit bij de boerderij van den heer Drenth aldaar. De steenfabriek behoorde aan den heer Slot, vandaar dat het hek op de uitvaart" of ree" van de fabriek steeds Slotshek werd genoemd. Het Slotshek.. had in vroegere tijden iets geheimzinnigs In de buurt liepen 's nachts twee witte juffers..
Van dit oude kerkpad werd vooral ln den herfst- en wintertijd een druk gebruik gemaakt. De kleiwegen waren in die jaarperioden bijna onbegaanbaar. Toen in 1871 de grintweg tot stand kwam had het kerkpad zn tijd gehad en verdween.
Tegenwoordig preekt de predikant van Garnwerd op geregelde tijden te Oosturn, brj welke gelegenheid de koster van Garnwerd ook als zoodanig dienst doet te Oosturn
Op den dijk langs het Reitdiep bij Oosturn heerschte in den tijd, dat het Reitdiep nog een open rivier was, dus vóór 1876 steeds een 'eigenaardige drukte. Ettelijke mannen uit Oosturn en Garnwerd lagen er aan den dijk. Deze mannen wachtten daar - soms den heelen nacht door - of er ook een schip in aantocht was, welks schipper van hun trekkracht" gebruik wenschte te maken. Sleepbootjes waren hier toen nog niet in gebruik. Vooral bij windstilte en wanneer de schipper met tegenwind te kampen had, was er dikwijls voor de mannen een extra duitje te verdienen. Men onderscheidde af- en opkomende schepen. Was er eindelijk een schip in het zicht, had men dus kans een goeden slag te slaan, dan was de eerste vraag, welke van de mannen de gelukkigen zouden zijn. De schipper kon ze natuurlijk niet allemaal aan de lijn zetten, een 15-tal mannen was voor een schip veelal voldoende. Om ruzie en gekrakeel te vermijden, hadden de trekkers zelf een regeling getroffen. Men ging er om werpen" of gooien", wie de gelukkige trekkers zouden zijn. Dit er om werpen of gooien" geschiedde op een eigenaardige manier. Men bediende zich daarvoor van een vijftal houten messen, waarvan de eene zijde wit, de andere zijde zwart gekleurd was. Deze messen werden omhoog gegooid en kwamen dan natuurlijk weer op den dijk terecht. Hij, die de meeste witte zijden had geworpen, werd het eerst als trekker aangewezen. Zoo ging het opwerpen door, totdat het vereischte aantal trekkers verkregen was.
Oostum met z'n oud interessant kerkje is een aardig gehuchtje aan het Reitdiep. We hopen, dat binnen niet te langen tijd de kerk voor restauratie in aanmerking kan en mag komen.
Hartelijken dank aan de heeren gebr. Olthoff te Oosturn voor de ons verstrekte gegevens. T. (Nadruk verboden). (Bron: Nieuwsblad van het Noorden dd. 10-12-1932), zoon van Derk Jacobs WEERSEMA (zie 5184) en N.N. (zie 5185).
Gehuwd met
2593    N.N..
Uit dit huwelijk:
   1.  Cornelis WYRSEMA, geboren circa 1550 (zie 1296).

2594    Abel WIERTS, Landbouwer op Rollingeweer te Maarslag. Overleden voor 1576 te Maarslag, zoon van Wiert N.N (zie 5188) en N.N. (zie 5189).
Gehuwd (1) circa 1530 met Gebbe PAMA (zie 2595).
Gehuwd (2) circa 1555 met Catharina DOORNBOS, overleden voor 1576.
Uit het eerste huwelijk:
   1.  Anna ABELS, geboren circa 1550 te Groot Maarslag (zie 1297).
2595    Gebbe PAMA.
Uit dit huwelijk: 1 kind (zie onder 2594).
 
2598    Albert van HASELUNNE.
Gehuwd met
2599    Claes N.N.
Uit dit huwelijk:
   1.  Lysbet Alberts van HASELUNNE NEBELS (zie 1299).

2608    Lippe SIERTS, Landbouwer op Ter Borg, Kerkeweg 41 te Wirdum. Overleden 1605 te Wirdum, Groningen.
Gehuwd voor 1580 met
2609    Geele OOMKES, geboren circa 1555, overleden op 16-07-1607, dochter van Oemke SIERTS (zie 5218) en Anna N.N. (zie 5219).
Uit dit huwelijk:
   1.  Syerds LIPPES, geboren circa 1580 te Maarhuizen (zie 1304).

2610    Jacob DERKS, Landbouwer op De Groote Meeren, Maarhuizen 6 te Winsum. Leraar bij de Doopsgezinden te Rasquert. Geboren circa 1557 te Huizinge, overleden op 13-07-1620 te Maarhuizen, zoon van Derk PIETERS (zie 5220) en Katrina THOMAS (zie 5221).
Gehuwd circa 1583 met
2611    Katrina RITSES, overleden op 31-01-1619 te Maarhuizen, dochter van Reitze RENGERS (zie 5222) en Geertruid N.N (zie 5223).
Uit dit huwelijk:
   1.  Geertruid JACOBS, geboren op 19-01-1584 te Maarhuizen (zie 1305).

3824    Reyner Gylts EIJSMA.
Gehuwd met
3825    N.N..
Uit dit huwelijk:
   1.  Jan Reyners EIJSINGA (zie 1912).

3826    Eelthje SYCKEMA, geboren circa 1555 te Surhuizum, Achtkarspelen, Friesland, overleden 1621.
Gehuwd met
3827    Emme PIETERS, overleden circa 1633.
Uit dit huwelijk:
   1.  Attje SIJCKEMA, geboren circa 1600 te Surhuizum, Achtkarspelen, Friesland (zie 1913).

3828    Luwe (Lieuwe) Jansz WIERSMA, geboren circa 1562 te Burum, Kollumerland C.A., Friesland, overleden voor 1600, zoon van Jan Claesz WYERSMA (zie 7656) en Griet N.N (zie 7657).
Gehuwd met
3829    Thee ROELEFFS, geboren circa 1560, overleden voor 1622, dochter van Roeleff JACOBS (zie 7658) en Thee N.N (zie 7659).
Uit dit huwelijk:
   1.  Pieter Luwes, geboren circa 1597 (zie 1914).

Generatie XIII

 
5184    Derk Jacobs WEERSEMA, Landbouwer en veehouder te Bedum en Ellerhuizen. Geboren circa 1500, overleden circa 1560. Schatregister voor de jaartax van 1540 onder Bedum vermeldt: Derck Wyersum 75 gras (Familie-archief Van Ewsum, inventarisnr. 136) (zie ook Gruoninga jaargang 1991, pag. 58-89)

Hoge justitie Kamer inv. nr. 170 dd 13 mei 1558: Is sprake van 75 grazen land te Ellerhuizen gelegen en bewoond door Derk Jacobs offte Weersema.

Nog een vermelding uit 1558: "Uth frouwe van Ewsums heert to Elderhuesen in Bemer Kaspel ano 58 daer Derck Werssuma up woent (AHS inv. nr. 18 folio 9)

Reeds voor 23 augustus 1569 blijkt Derck Weersema te zijn overleden, wanneer
Clara van Ewsum een rente verkoopt uit haar heerd te Ellerhuizen, bewoond en
gebruikt door "Derck Wyrsums weduwe" (HJK, inv. nr. 1702)

Op 12 maart 1572 wordt zijn weduwe, door mandaat van de Hoofdmannen, gesommeerd een schuld te voldoen. Dit mandaat is gericht aan de weduwe van "Derck Weersema op Elderdehues" (Ellerhuizen) (AHS, inv. nr 275.)
(Bron: Henk Nieborg), zoon van Jacob WEERSEMA (zie 10368) en N.N. (zie 10369).
Gehuwd met
5185    N.N..
Uit dit huwelijk:
   1.  Garbrandt Dercks, geboren circa 1525 (zie 2592).

5188    Wiert N.N. Mogelijk een zoon van Wypko Popkema alias Wypke tho Vliedorp. Zijn vrouw zou dan een docter zijn van Abel Hindriks Waelkens. Het kan ook andersom zijn, Wiert is een zoon van Abel en zijn vrouw een dochter van Wypko Popkema.
Gehuwd met
5189    N.N..
Uit dit huwelijk:
   1.  Abel WIERTS (zie 2594).

5218    Oemke SIERTS.
Gehuwd met
5219    Anna N.N..
Uit dit huwelijk:
   1.  Geele OOMKES, geboren circa 1555 (zie 2609).

5220    Derk PIETERS, Landbouwer op De Groote Greden te Maarhuizen. Landbouwer op Melkema, Smedemaweg 3 te Huizinge. Geboren circa 1525 te Huizinge, overleden circa 1566 te Huizinge. Landbouwer op Melkema (Huizinge). Met zijn echtgenote de stamouders in het boek 'Het nageslacht van Derk Pieters en Katrina Thomas op Melkema bij Huizinge'.
Gehuwd 1556 met
5221    Katrina THOMAS, geboren circa 1531 te Huizinge, overleden circa 1580 te Huizinge, dochter van Thomas CLASEN (zie 10442) en Sytie JACOBS (zie 10443).
Gehuwd (1) 1556 met Derk PIETERS (zie 5220).
Gehuwd (2) na 1566 met Bonne RAANGS.
Uit het eerste huwelijk:
   1.  Jacob DERKS, geboren circa 1557 te Huizinge (zie 2610).

5222    Reitze RENGERS.
Gehuwd met
5223    Geertruid N.N.
Uit dit huwelijk:
   1.  Katrina RITSES (zie 2611).

7656    Jan Claesz WYERSMA, geboren 1535 te Burum, Kollumerland C.A., Friesland, overleden voor 1595 te De Pomp, Kollumerland C.A., Friesland, 1) Op 22-06-1595 werd in Kollumerland (Fr) een boedelinventaris opgemaakt. 951
Betreft de sterfhuis beschrijving van wijlen Gerrijt Reijers. Zijn weduwe: Marichie Jansdr die weer getrouwd is met Gerrijt Paulusz.

Onder Onschulden het sterffhuijs te laste comende:
Trijn Jans dochter weduwe van wijlen Jan Claesz comt van 't sterffhuijs de somma van vijftehalff hondert Cargls: volgens twee brieven daaraff zijnde, de eene van date den 29e Decembris 1589 ende de ander van date den 2e Augusti 1594.

2) Boedelscheiding: 02-11-1602, Kollumerland (Fr).
Taecke Hommes te Kollum, curator;
Aeuck Jans, weeskind;
Jan Jans, weeskind;
w: Jan Claes [Wiersma?] bij de Pomp, vader;
Sape Rinties te Burum, geadjungeerde, toegevoegd gedurende de boedelscheiding.

3) Erfscheiding: 08-11-1602, Kollumerland (Fr). 952
Inventarisatie en beschrijvinge gedaen en genoomen van sterffhuijse en goederen, alwaer Jan Claesz bij de Pomp versturven is en de erffgenaemen van deselve Jan en Trijn Jansdr, in levene echteluijden, de welcke Trijn haer nu in echte begeven heeft met Taecke Wijbetsz, en dit alles ten versoecke van Taecke Hommesz als voormondt over Aeff Jansdr en Jan Jansz, de jonxte naegelaten kinderen van w: Jan Claes voorschreven, geadsisteert met Saepe Rintiesz, curator geduirende de ontscheijdinge tot en over deselve kinderen, sampt Claes Jansz voor hem selven, deur aengeven van Trijn Jansdr voorschreven en ter presentie van Taecke Hommes en Saepe Rinties ende Claes Jansz voorschreven, opten 8e Novembris 1602.

In den eersten is te noteren dat w: Jan Claesz naegelaten heeft drie kinderen, namentlijcken Claes Jansz, Aef Jansdr olt in haer 20e jaar ende Jan Jansz, olt in sijn 18e jaer.
(Bron: https://www.schripsema.nl/voorouders/a14.htm#i11404 ), zoon van Claes WYERSMA (zie 15312) en N.N. (zie 15313).
Gehuwd (1) circa 1560 met Griet N.N (zie 7657).
Gehuwd (2) circa 1579 met Trijn JANSDR.
Uit het eerste huwelijk:
   1.  Luwe (Lieuwe) Jansz WIERSMA, geboren circa 1562 te Burum, Kollumerland C.A., Friesland (zie 3828).
7657    Griet N.N.
Uit dit huwelijk: 1 kind (zie onder 7656).
 
7658    Roeleff JACOBS.
Gehuwd met
7659    Thee N.N.
Uit dit huwelijk:
   1.  Thee ROELEFFS, geboren circa 1560 (zie 3829).

Generatie XIV

 
10368    Jacob WEERSEMA, geboren circa 1475, zoon van Derck WEERSUMA (zie 20736) en N.N. (zie 20737).
Gehuwd met
10369    N.N..
Uit dit huwelijk:
   1.  Derk Jacobs, geboren circa 1500 (zie 5184).

10442    Thomas CLASEN, Landbouwer op Melkema, Smedemaweg 3 te Huizinge. Geboren 1490 te Huizinge, overleden 1568 te Huizinge.
Gehuwd met
10443    Sytie JACOBS, geboren 1495, overleden 1571 te Huizinge.
Uit dit huwelijk:
   1.  Katrina THOMAS, geboren circa 1531 te Huizinge (zie 5221).

15312    Claes WYERSMA, geboren circa 1480.
Gehuwd met
15313    N.N..
Uit dit huwelijk:
   1.  Jan Claesz, geboren 1535 te Burum, Kollumerland C.A., Friesland (zie 7656).

Generatie XV

 
20736    Derck WEERSUMA, geboren circa 1450, overleden circa 1520. Wordt genoemd op 31-10-1485: Derck is getuige bij de verkoop van een perceel land uit een erf te Enumatil onder Lettelbert. Kloosterarchief Selwerd.(Inventarisnr 20 , regest 734, folio 85).
Gehuwd met
20737    N.N..
Uit dit huwelijk:
   1.  Jacob WEERSEMA, geboren circa 1475 (zie 10368).

Homepage | E-mail


gemaakt met PRO-GEN 'Genealogie à la Carte' software