Kwartierstaat van Fred (Frederikus) STUART


 
Bestand:C:\PG35\NL\DATA\STUART2
Datum:26-06-2026
Selectie:'Personen in kwartierstaat van Fred (Frederikus) STUART [162]'
Sortering:Kwartiernummer

Generatie I

 
1    Fred (Frederikus) STUART, geboren op 11-01-1895 te Warffum, Groningen, Netherlands, overleden op 20-07-1996 te Whiteside County, Illinois, USA op 101-jarige leeftijd, begraven te Morrison, Whiteside County, Illinois, USA. Fred Stuart, 101, of 303 North Jackson St., Morrison, died Saturday, July 20, 1996, at Morrison Community Hospital.

Services are 2 p.m. Tuesday at Ebenezer Reformed Church, Morrison, preceded by a family prayer service at 1:45. Burial is in Grove Hill Cemetery, Morrison.
Visitation is 2 to 4 and 6 to 8 p.m. Monday at Bosma-Renkes Funeral Home, Morrison. Memorials may be made to the church, where he was a member.

Mr. Stuart was born Jan. 11, 1895, in Gronnigen, Netherlands, Holland, the son of Joseph and Clara DeWitt Stuart. He married Tina Wiersema March 30, 1915, in Morrison. She died Nov. 13, 1967. He farmed in the rural Morrison area his entire life. He was a member of Whiteside County Farm Bureau.

Survivors include daughters, Ruth Walters and Mildred "Millie" Schaver, sons and daughters-in-law, James and Ida May Stuart, Marion and Geneva Stuart and Ervin and Delores Stuart, all of Morrison, and Robert and Arlene Stuart, Fulton; 43 grandchildren; 92 great-grandchildren; 14 stepgreat-grandchildren; 28 great-great-grandchildren; and seven stepgreat-great-grandchildren. A daughter, Dorothy Balk, and sons, Arthur and Donald Stuart, are deceased. Zoon van Siepko (Joseph) STUTE (zie 2) en Klaaske (Clara) de WIT (zie 3).
Gehuwd op 20-jarige leeftijd op 30-03-1915 te Morrison, Whiteside County, Illinois, USA met Tina WIERSEMA, 20 jaar oud, geboren op 01-03-1895 te Morrison, Whiteside County, Illinois, USA, overleden op 13-11-1967 te Morrison, Whiteside County, Illinois, USA op 72-jarige leeftijd, begraven te Morrison, Whiteside County, Illinois, USA.
 
Generatie II

 
2    Siepko (Joseph) STUTE, geboren op 15-08-1867 te Warffum, Groningen, Netherlands, overleden op 02-01-1939 te Morrison, Whiteside County, Illinois, USA op 71-jarige leeftijd, begraven te Morrison, Whiteside County, Illinois, USA. Arriving in NY on 9 jun 1903, ss Rotterdam, are Sipko State, 35 laborer, from Warffum, destination Paterson NJ; wife Klaaske 36, Hennetje 13, Klaas 11, Fredrikus 8, Martje 2 and Goetje 4. [Dat zullen zijn Hindertje, Klaas, Frederikus, Grietje en Martje]

US 1910, Manchester NJ shows head of household Sipka Sutte, 43, born NL; wife Clara 43, 7/6 children; Fred 15, Grace 10, Martha 8, all born NL and imm 1903; Henry 5, Garret 2, both born NJ.
US 1920, Morrison IL. Joseph Stewart 35, imm 1903, factory laborer, born NL; Clara 35, imm 1903, born NL; Henry 14 NJ, George 12 NJ, Joe 6 IL, Martha 18, imm 1903 born NL, John Wit 51 brother-in-law, imm 1891, born NL, single

US 1930, Morrison, IL. Henry Stuart 25, wife Cornelia 25, children Gerald 5 and Edward 4. His parents born NL. Her parents born NL.

US 1940, Morrison IL. shows Henry Stuart and family. He is a milk deliverer. (Just before him on the census is shown Joseph Stuart 27, born IL, with brother George, 35, born NJ) -- those must be his brothers, zoon van Frederik Hendrik STUTE (zie 4) en Hindertje (Hendrikje) Derks STIJFHOORN (zie 5).
Gehuwd op 21-jarige leeftijd op 27-09-1888 te Baflo, Winsum, Groningen, Netherlands met de 21-jarige
3    Klaaske (Clara) de WIT, geboren op 19-10-1866 te Mensingeweer, Groningen, Netherlands, overleden op 20-10-1932 te Morrison, Whiteside County, Illinois, USA op 66-jarige leeftijd, dochter van Klaas de WIT (zie 6) en Grietje DOOT (zie 7).
Uit dit huwelijk:
   1.  Fred (Frederikus) STUART, geboren op 11-01-1895 te Warffum, Groningen, Netherlands (zie 1).

Generatie III

 
4    Frederik Hendrik STUTE, geboren op 18-01-1827 te Warffum, overleden op 01-01-1917 te Breede op 89-jarige leeftijd, zoon van Philip Hendrik STUTE (zie 8) en Geertruid Jurjens GRAVER (zie 9).
Gehuwd op 21-jarige leeftijd op 14-10-1848 te Warffum met de 18-jarige
5    Hindertje (Hendrikje) Derks STIJFHOORN, geboren op 13-11-1829 te Warffum, overleden op 26-02-1913 te Breede op 83-jarige leeftijd, dochter van Derk Tammes STIJFHOORN (zie 10) en Dievertje Jans POT (zie 11).
Uit dit huwelijk:
   1.  Siepko (Joseph), geboren op 15-08-1867 te Warffum, Groningen, Netherlands (zie 2).

6    Klaas de WIT, geboren op 09-03-1843 te Zuurdijk, overleden op 27-01-1902 te Rasquert op 58-jarige leeftijd, zoon van Jan Simons de WIT (zie 12) en Martje Roelfs OOSTEMA (zie 13).
Gehuwd (1) op 22-jarige leeftijd op 22-06-1865 te Leens met Grietje DOOT, 23 jaar oud (zie 7).
Gehuwd (2) op 52-jarige leeftijd op 19-10-1895 te Baflo met Aaltje HAAN, geboren te Obergum.
Uit het eerste huwelijk:
   1.  Klaaske (Clara) de, geboren op 19-10-1866 te Mensingeweer, Groningen, Netherlands (zie 3).
7    Grietje DOOT, geboren op 16-09-1841 te Warfhuizen, overleden op 05-09-1876 te Eenrum op 34-jarige leeftijd, dochter van Pieter Harms DOOD (zie 14) en Klaaske Klasens van DIJK (zie 15).
Uit dit huwelijk: 1 kind (zie onder 6).
 
Generatie IV

 
8    Philip Hendrik STUTE, geboren op 01-12-1796 te Graafschap Ravensberg, Germany, overleden op 07-08-1849 te Warffum, Groningen, Netherlands op 52-jarige leeftijd, zoon van Johann Friedrich STUTE (zie 16) en Anna Margaretha Elizabeth LENGERS (zie 17).
Gehuwd op 32-jarige leeftijd op 05-11-1829 te Warffum met
9    Geertruid Jurjens GRAVER, geboren 10-1799 te Warffum, gedoopt op 27-10-1799 te Warffum, overleden op 01-10-1867 te Warffum, dochter van Jurjen Hendriks GRAVER (zie 18) en Trijntje Everts LAND (zie 19).
Gehuwd (1) op 05-11-1829 te Warffum met Philip Hendrik STUTE, 32 jaar oud (zie 8).
Gehuwd (2) met N.N.
Gehuwd (3) met N.N..
Uit het eerste huwelijk:
   1.  Frederik Hendrik, geboren op 18-01-1827 te Warffum (zie 4).

10    Derk Tammes STIJFHOORN, geboren op 11-12-1806 te Wittewierum, gedoopt op 21-12-1806 te Wittewierum, overleden op 03-01-1853 te Warffum op 46-jarige leeftijd, zoon van Tamme Derks STIJFHOORN (zie 20) en Hendrikje HENDRIKS (zie 21).
Gehuwd op 22-jarige leeftijd op 01-10-1829 te Warffum met de 20-jarige
11    Dievertje Jans POT, geboren op 12-12-1808 te Warffum, gedoopt op 15-01-1809 te Warffum, overleden op 16-09-1871 te Warffum op 62-jarige leeftijd, dochter van Jan Jannes POT (zie 22) en Eltje JANS (zie 23).
Gehuwd (1) op 20-jarige leeftijd op 01-10-1829 te Warffum met Derk Tammes STIJFHOORN, 22 jaar oud (zie 10).
Gehuwd (2) op 48-jarige leeftijd op 04-04-1857 te Warffum met Harm Jakobs WERKMAN, geboren 02-1800, gedoopt op 23-02-1800 te Warffum. {Hij was eerder gehuwd op 03-11-1821 te Warffum. Hij was eerder gehuwd op 19-06-1828 te Warffum. Hij was eerder gehuwd op 16-02-1835 te Warffum. Hij was eerder gehuwd op 14-03-1846 te Warffum.}
Uit het eerste huwelijk:
   1.  Hindertje (Hendrikje) Derks, geboren op 13-11-1829 te Warffum (zie 5).

12    Jan Simons de WIT, geboren op 02-11-1811 te Schouwerzijl, overleden op 10-12-1855 te Mensingeweer op 44-jarige leeftijd. Gedoopt als Jan Boerema, ouders heette Sijmon Jansse Boerema en Marieke Pieters. Zoon van Simon Jans de WIT (zie 24) en Maria Pieters MEIJER (zie 25).
Gehuwd op 21-jarige leeftijd op 15-11-1832 te Leens met de 23-jarige
13    Martje Roelfs OOSTEMA, geboren op 08-11-1809, gedoopt op 26-11-1809 te Hornhuizen, overleden op 26-12-1891 te Rasquert op 82-jarige leeftijd, dochter van Roelf Donkes OOSTEMA (zie 26) en Anje Jacobs HELDER (zie 27).
Uit dit huwelijk:
   1.  Klaas de, geboren op 09-03-1843 te Zuurdijk (zie 6).

14    Pieter Harms DOOD, geboren op 06-07-1797, gedoopt op 09-07-1797 te Mensingeweer, overleden op 16-08-1866 te Mensingeweer op 69-jarige leeftijd, zoon van Harm Claassen DOOD (zie 28) en Pieterke GEUTJES (zie 29).
Gehuwd op 27-jarige leeftijd op 10-03-1825 te Leens met
15    Klaaske Klasens van DIJK, geboren 04-1803 te Warfhuizen, gedoopt op 01-05-1803 te Warfhuizen, overleden op 20-05-1848 te Warfhuizen, dochter van Klaas Omkes van DIJK (zie 30) en Grietje Douwes van SLOTEN (zie 31).
Uit dit huwelijk:
   1.  Grietje DOOT, geboren op 16-09-1841 te Warfhuizen (zie 7).

Generatie V

 
16    Johann Friedrich STUTE, geboren circa 1760 te Berg, North Rhine-Westphalia, Germany.
Gehuwd op 12-10-1785 te Herford, North Rhine-Westphalia, Germany met
17    Anna Margaretha Elizabeth LENGERS.
Uit dit huwelijk:
   1.  Philip Hendrik, geboren op 01-12-1796 te Graafschap Ravensberg, Germany (zie 8).

18    Jurjen Hendriks GRAVER, geboren 11-1754, gedoopt op 24-11-1754 te Leermens, overleden op 20-10-1808 te Warffum, zoon van Hindrik HEIJNES (zie 36) en Sibrig (Sijben) Jurrijens WYRSEMA (zie 37).
Gehuwd op 07-01-1781 te Warffum met
19    Trijntje Everts LAND, geboren circa 1753 te Menkeweer, overleden op 28-03-1833 te Warffum, dochter van Evert JANS (zie 38) en Geertruid JANS (zie 39).
Uit dit huwelijk:
   1.  Geertruid Jurjens, geboren 10-1799 te Warffum (zie 9).

20    Tamme Derks STIJFHOORN, geboren 05-1784 te Schildwolde, Slochteren, gedoopt op 17-05-1784 te Schildwolde, Slochteren, overleden voor 1853, zoon van Derk Jans STIJFHOORN (zie 40) en Anje TAMMES (zie 41).
Gehuwd (1) op 02-11-1806 te Loppersum met Hendrikje HENDRIKS (zie 21).
Gehuwd (2) op 29-12-1834 te Grootegast met Trijntje (Katrina) Onnoos POST, geboren circa 1788 te Groningen, overleden op 04-09-1857 te Kommerzijl. {Zij was eerder gehuwd op 03-08-1806 te Niekerk, Oldekerk en Faan. Zij was eerder gehuwd op 26-12-1823 te Grootegast.}
Uit het eerste huwelijk:
   1.  Derk Tammes, geboren op 11-12-1806 te Wittewierum (zie 10).
21    Hendrikje HENDRIKS, geboren circa 1786 te Enumatil, overleden op 23-01-1815 te Godlinze.
Uit dit huwelijk: 1 kind (zie onder 20).
 
22    Jan Jannes POT, geboren circa 1769 te Usquert, overleden op 20-04-1843 te Warffum, zoon van Jannes Jakobs POT (zie 44) en Lamge JULLES (zie 45).
Gehuwd op 15-11-1795 te Warffum met
23    Eltje JANS, geboren 02-1771 te Warffum, gedoopt op 28-02-1771 te Warffum, overleden op 18-11-1836 te Warffum, dochter van Jan EVERTS (zie 46) en Etje JANS (zie 47).
Uit dit huwelijk:
   1.  Dievertje Jans, geboren op 12-12-1808 te Warffum (zie 11).

24    Simon Jans de WIT, geboren 03-1789 te Groningen, gedoopt op 22-03-1789 te Groningen, overleden op 26-02-1838 te Eenrum, zoon van Jan Willems de WIT (zie 48) en Ida SIMONS (zie 49).
Gehuwd op 26-05-1811 te Winsum, Groningen met de 20-jarige
25    Maria Pieters MEIJER, geboren op 12-09-1790 te Eenrum, gedoopt op 19-09-1790 te Eenrum, overleden op 27-12-1871 te Eenrum op 81-jarige leeftijd. Is gedoopt als Marieke. Dochter van N.N. (zie 50) en Trijnje Pieters MEIJER (zie 51).
Uit dit huwelijk:
   1.  Jan Simons de, geboren op 02-11-1811 te Schouwerzijl (zie 12).

26    Roelf Donkes OOSTEMA, geboren 10-1768, gedoopt op 30-10-1768 te Hornhuizen, overleden op 08-07-1810 te Leens, begraven op 12-07-1810 te Leens, zoon van Donke ROELOFS (zie 52) en Grietje PIETERS (zie 53).
Gehuwd 02-1794 te Hornhuizen met
27    Anje Jacobs HELDER, geboren 11-1771 te Zuurdijk, gedoopt op 24-11-1771 te Zuurdijk, overleden op 26-09-1849 te Zuurdijk, dochter van Jacob Peters HELLER (zie 54) en Martjen WILLEMS (zie 55).
Uit dit huwelijk:
   1.  Martje Roelfs, geboren op 08-11-1809 (zie 13).

28    Harm Claassen DOOD, geboren circa 1758, overleden op 31-03-1826 te Eenrum.
Gehuwd 11-1780 met
29    Pieterke GEUTJES, geboren circa 1758, overleden op 12-09-1831 te Eenrum, dochter van Geutjes JANS (zie 58) en Bouwke POUWELS (zie 59).
Uit dit huwelijk:
   1.  Pieter Harms, geboren op 06-07-1797 (zie 14).

30    Klaas Omkes van DIJK, geboren 06-1765 te Wehe, gedoopt op 07-07-1765 te Wehe, overleden op 04-03-1836 te Warfhuizen, zoon van Omke JANS (zie 60) en Hillegien KLASENS (zie 61).
Gehuwd 04-1791 met
31    Grietje Douwes van SLOTEN, geboren 06-1772 te Warfhuizen, gedoopt op 28-06-1772 te Warfhuizen, overleden op 19-11-1854 te Houwerzijl, dochter van Douwe CLAASSEN (zie 62) en Aucke HANSEN (zie 63).
Uit dit huwelijk:
   1.  Klaaske Klasens van, geboren 04-1803 te Warfhuizen (zie 15).

Generatie VI

 
36    Hindrik HEIJNES, Arbeider.
Gehuwd op 16-01-1751 te 't Zandt met
37    Sibrig (Sijben) Jurrijens WYRSEMA, geboren circa 1728, overleden 03-1772 te Leermens, begraven op 12-03-1772 te Leermens, dochter van Jurjen WYRSEMA (zie 74) en Tonje DUIRTS (zie 75).
Gehuwd (1) op 16-01-1751 te 't Zandt met Hindrik HEIJNES (zie 36).
Gehuwd (2) op 01-02-1761 te Leermens met Wolter PIETERS, Arbeider, overleden 06-1764 te Leermens, begraven op 15-06-1764 te Leermens. Huwelijk geproclameerd in Leermens op 18 & 25 januari en 1 februari 1761.
Uit het eerste huwelijk:
   1.  Jurjen Hendriks GRAVER, geboren 11-1754 (zie 18).

38    Evert JANS.
Gehuwd met
39    Geertruid JANS.
Uit dit huwelijk:
   1.  Trijntje Everts LAND, geboren circa 1753 te Menkeweer (zie 19).

40    Derk Jans STIJFHOORN.
Gehuwd met
41    Anje TAMMES.
Uit dit huwelijk:
   1.  Tamme Derks, geboren 05-1784 te Schildwolde, Slochteren (zie 20).

44    Jannes Jakobs POT, overleden 02-1803 te Usquert, begraven op 01-03-1803 te Usquert.
Gehuwd op 03-11-1765 te Rottum met
45    Lamge JULLES, geboren 12-1740, gedoopt op 01-01-1741 te Usquert, overleden op 20-06-1819 te Warffum, dochter van Julle JANS (zie 90) en Trijnje N.N (zie 91).
Uit dit huwelijk:
   1.  Jan Jannes, geboren circa 1769 te Usquert (zie 22).

46    Jan EVERTS.
Gehuwd op 24-01-1768 te Warffum met
47    Etje JANS.
Uit dit huwelijk:
   1.  Eltje JANS, geboren 02-1771 te Warffum (zie 23).

48    Jan Willems de WIT, overleden voor 1811.
Gehuwd op 08-06-1788 te Adorp en Harssens met
49    Ida SIMONS.
Uit dit huwelijk:
   1.  Simon Jans de, geboren 03-1789 te Groningen (zie 24).

50    N.N..
Gehuwd met
51    Trijnje Pieters MEIJER.
Uit dit huwelijk:
   1.  Maria Pieters MEIJER, geboren op 12-09-1790 te Eenrum (zie 25).

52    Donke ROELOFS, geboren op 18-04-1740, gedoopt op 24-04-1740 te Bellingeweer, zoon van Roelef MENNES (zie 104) en Voske Alberts WESTERLO (zie 105).
Gehuwd (1) 1768 te Hornhuizen met Grietje PIETERS (zie 53).
Gehuwd (2) circa 1781 met Aaltje SJABBES, geboren 08-1754 te Hornhuizen, gedoopt op 01-09-1754 te Hornhuizen.
Uit het eerste huwelijk:
   1.  Roelf Donkes OOSTEMA, geboren 10-1768 (zie 26).
53    Grietje PIETERS.
Uit dit huwelijk: 1 kind (zie onder 52).
 
54    Jacob Peters HELLER, geboren op 12-03-1743 te Leens, gedoopt op 26-01-1744 te Leens, overleden op 24-08-1820 te Zuurdijk op 77-jarige leeftijd, zoon van Peter JANS (zie 108) en Anje JANS (zie 109).
Gehuwd op 24-jarige leeftijd op 10-05-1767 te Ulrum met
55    Martjen WILLEMS, geboren circa 1740, overleden op 30-08-1811 te Zuurdijk.
Uit dit huwelijk:
   1.  Anje Jacobs HELDER, geboren 11-1771 te Zuurdijk (zie 27).

58    Geutjes JANS.
Gehuwd met
59    Bouwke POUWELS.
Uit dit huwelijk:
   1.  Pieterke GEUTJES, geboren circa 1758 (zie 29).

60    Omke JANS, geboren 12-1735, gedoopt (Ned. Hervormd) op 12-12-1735 te Eenrum, zoon van Jan OMKES (zie 120) en Martjen PETERS (zie 121).
Gehuwd op 11-11-1759 te Mensingeweer met
61    Hillegien KLASENS, geboren 11-1734, gedoopt op 21-11-1734 te Winsum, Groningen Koekange, Drenthe, dochter van Klaas JANS (zie 122) en N.N. (zie 123).
Uit dit huwelijk:
   1.  Klaas Omkes van DIJK, geboren 06-1765 te Wehe (zie 30).

62    Douwe CLAASSEN, geboren 08-1734, gedoopt op 15-08-1734 te Warffum, overleden 01-1794, begraven op 14-01-1794 te Warfhuizen, zoon van Claas DOEWES (zie 124) en Grietje KLASEN (zie 125).
Gehuwd op 25-10-1760 te Mensingeweer met
63    Aucke HANSEN, geboren 02-1738 te Mensingeweer, gedoopt op 26-02-1738 te Mensingeweer, overleden op 10-08-1820 te Warfhuizen, dochter van Hans JANS (zie 126) en Leeuwke POPKES (zie 127).
Uit dit huwelijk:
   1.  Grietje Douwes van SLOTEN, geboren 06-1772 te Warfhuizen (zie 31).

Generatie VII

 
74    Jurjen WYRSEMA, geboren 12-1682 te Uithuizen, gedoopt (Ned. Hervormd) op 24-12-1682 te Uithuizen, overleden circa 1730, "gedoopt het kint van seekere beslapen meit Siben genaemt, de Dienstmaegh van Garbrant Wijrsema en is genaemt Jurrien Wijrsema"

Akte van verkoop door Abel Frerickx en Geertruijt Roelofs, echtelieden te Ulrum, aan Geertruida en Gratia Susanna Tjaardaas van Starkenborg, te Leens, van 6 jukken land te Leens, waarvan 4 en driekwart jukken bij Jurjen Wijrsema en 1¼ juk bij Jacob Hindrikx in gebruik, 1727 januari 19. (Met afschrift van dezelfde tijd.) (Bron: AG), zoon van Garbrand Jurjens WYRSEMA (zie 148) en Syben SIERTS (zie 149).
Gehuwd (1) op 15-11-1705 te Leens met Bieuwke CORNELIS (gezindte: Ned. Hervormd).
Gehuwd (2) na 1723 met Tonje DUIRTS (zie 75).
Uit het tweede huwelijk:
   1.  Sibrig (Sijben) Jurrijens, geboren circa 1728 (zie 37).
75    Tonje DUIRTS.
Uit dit huwelijk: 1 kind (zie onder 74).
 
90    Julle JANS.
Gehuwd met
91    Trijnje N.N.
Uit dit huwelijk:
   1.  Lamge JULLES, geboren 12-1740 (zie 45).

104    Roelef MENNES.
Gehuwd op 05-05-1737 te Leens met
105    Voske Alberts WESTERLO, geboren 09-1713, overleden te Leens. Komt ook voor als Foske Alberts, Foske Albertus en Voske Lubbertus. Dochter van Albert WESTERLO (zie 210) en Dieuwer TEISMANS (zie 211).
Uit dit huwelijk:
   1.  Donke ROELOFS, geboren op 18-04-1740 (zie 52).

108    Peter JANS, geboren 05-1695 te Pieterburen, gedoopt op 26-05-1695 te Pieterburen, overleden voor 1771, zoon van Jan JACOBS (zie 216) en IJmke SIJGERS (zie 217).
Gehuwd op 11-11-1736 te Leens met
109    Anje JANS, geboren 08-1698, gedoopt op 04-09-1698 te Wehe den Hoorn, overleden 03-1805 te Leens, begraven op 27-03-1805 te Leens, dochter van Jan JANS (zie 218) en Geertien WILLEMS (zie 219).
Uit dit huwelijk:
   1.  Jacob Peters HELLER, geboren op 12-03-1743 te Leens (zie 54).

120    Jan OMKES, geboren 09-1704, gedoopt (Ned. Hervormd) op 07-09-1704 te Eenrum, overleden op 07-11-1771 te Eenrum, 1771 Den 7. 9ber is overleden Jan Omkes, nalatende zijn Vrou en 7 kinder
(Bron: Fred Reenders), zoon van Omke GOSENS (zie 240) en Grietje FOKKES (zie 241).
Gehuwd (1) op 08-04-1725 te Eenrum met Jantjen HINDRIKS.
Gehuwd (2) op 10-04-1730 te Baflo met Martjen PETERS (zie 121).
Uit het tweede huwelijk:
   1.  Omke JANS, geboren 12-1735 (zie 60).
121    Martjen PETERS, overleden op 08-01-1781 te Eenrum.
Uit dit huwelijk: 1 kind (zie onder 120).
 
122    Klaas JANS.
Gehuwd met
123    N.N..
Uit dit huwelijk:
   1.  Hillegien KLASENS, geboren 11-1734 (zie 61).

124    Claas DOEWES, geboren 07-1696, gedoopt op 26-07-1696 te Warffum, zoon van Doewe CLASEN (zie 248) en Greetjen DERX (zie 249).
Gehuwd op 15-11-1733 te Warffum met
125    Grietje KLASEN, geboren circa 1708.
Uit dit huwelijk:
   1.  Douwe CLAASSEN, geboren 08-1734 (zie 62).

126    Hans JANS, geboren circa 1712, overleden op 18-09-1772.
Gehuwd op 09-11-1729 te Mensingeweer met
127    Leeuwke POPKES, geboren 02-1707 te Lettelbert, gedoopt op 27-02-1707 te Lettelbert, overleden op 25-11-1766 te Mensingeweer, dochter van Popke EBES (zie 254) en Renske POPKES (zie 255).
Uit dit huwelijk:
   1.  Aucke HANSEN, geboren 02-1738 te Mensingeweer (zie 63).

Generatie VIII

 
148    Garbrand Jurjens WYRSEMA, Landbouwer op Oldorp bij Uithuizen. Landbouwer te Bellingeweer en/of Ranum, daarna te Breede Landbouwer te Warffum, geboren circa 1650 te Oldorp (gezindte: Ned. Hervormd), overleden te Oldorp. Als lidmaat te Bellingeweer in het jaar 1693 met attestatie van Usquert, aangenomen als lidmaat te Warffum op 6 september 1709 samen met met zijn vrouw, zij kwamen met attestatie van Breede. Zoon van Jurrien Garbrands WYRSEMA (zie 296) en Duircke JACOBS (zie 297).
Gehuwd 1685 met
149    Syben SIERTS, geboren circa 1662, dochter van Sijrt LIPPES (zie 298) en Battruit MINDELTS (zie 299).
Uit dit huwelijk:
   1.  Jurjen, geboren 12-1682 te Uithuizen (zie 74).

210    Albert WESTERLO, geboren circa 1690, overleden op 04-02-1760 te Mensingeweer.
Gehuwd op 13-09-1711 te Mensingeweer met
211    Dieuwer TEISMANS.
Uit dit huwelijk:
   1.  Voske Alberts, geboren 09-1713 (zie 105).

216    Jan JACOBS, geboren 09-1656, gedoopt op 14-09-1656 te Baflo, overleden op 04-03-1738 te Moergestel, Noord-Brabant, zoon van Jacob MELLES (zie 432) en Anna RITZES (zie 433).
Gehuwd op 17-06-1694 te Pieterburen met
217    IJmke SIJGERS, geboren circa 1660 te Rouveen, Overijssel, dochter van Sijger PIETERS (zie 434) en Grietje HENDRIKS (zie 435).
Gehuwd (1) op 17-06-1694 te Pieterburen met Jan JACOBS (zie 216).
Gehuwd (2) met Pieter WICHERS.
Uit het eerste huwelijk:
   1.  Peter JANS, geboren 05-1695 te Pieterburen (zie 108).

218    Jan JANS.
Gehuwd circa 1694 met
219    Geertien WILLEMS.
Gehuwd (1) op 30-05-1685 te Niekerk met Jan GEERTS, geboren circa 1660 te Zuurdijk, overleden 1695 te Leens.
Gehuwd (2) circa 1694 met Jan JANS (zie 218).
Uit het tweede huwelijk:
   1.  Anje, geboren 08-1698 (zie 109).

240    Omke GOSENS, geboren 03-1674, gedoopt op 15-03-1674 te Baflo, 1697 Martij die 28
En sijn na voorgaande ondersoekinge en belijdenisse des geloofs geadmitteert Grietje Fockes huijsvr. van Omke Gosens (Bron: Menne Glas)

1697 Decembr die 12
En is mede na voorgaande ondersoek en belijdenisse des geloofs angenomen Omke Gosens (Bron: Menne Glas), zoon van Gosen OMKES (zie 480) en Marregien CLASEN (zie 481).
Gehuwd op 02-02-1696 te Baflo met
241    Grietje FOKKES.
Uit dit huwelijk:
   1.  Jan OMKES, geboren 09-1704 (zie 120).

248    Doewe CLASEN, geboren 12-1669, gedoopt op 23-12-1669 te Warffum, zoon van Claes Does VOERMAN (zie 496) en Anje WILLEMS (zie 497).
Gehuwd op 22-09-1695 te Warffum met
249    Greetjen DERX.
Uit dit huwelijk:
   1.  Claas DOEWES, geboren 07-1696 (zie 124).

254    Popke EBES, geboren 12-1659 te Noordwijk, gedoopt op 04-12-1659 te Marum, zoon van Ebe GEERTS (zie 508) en N.N. (zie 509).
Gehuwd met
255    Renske POPKES.
Uit dit huwelijk:
   1.  Leeuwke POPKES, geboren 02-1707 te Lettelbert (zie 127).

Generatie IX

 
296    Jurrien Garbrands WYRSEMA, Landbouwer op Oldorp bij Uithuizen. Zijlrechter op Zijlbrugge bij het Schouwerzijlvest. Landbouwer op Ombtedaheerd te Oldorp. Geboren circa 1618 te Klein Maarslag, overleden 1661 te Oldorp, begraven te Usquert. Verhuisde blijkbaar naar Uithuizermeeden. Begraven in de kerk te Usquert.

Uit de scheidingsacte van de nalatenschap van Claesjen Wichers, weduwe van Garbrand Weersema d.d. 14 Juni 1651:
Ten sevenden sall Jurrien Weersema beholden sodane vijff duisent car.gulden als hij te boedel heeft genooten.Ende is hem voor sijn partt van de Landen bij Lottinge te deele gevallen Tijn grasen osseweide bij Munnekedijck gelegen vrij van behuisinge soo Jurrien Roelof aldaermeijerwijse gebruickt ende 3 grasen vrij van behuisinge in Mecken-Campbij Ematil gelegen, soo Wobbichjen Claesen weduwe van wijle Jan Claesenop de Lege-Meeden meijerwijse gebruickt, mede noch ontfangen honderttvijff en 't seventich dealer aen gelt van sijn broeder Albert gelijckboven is schreven.

Jurrien Weersema en zijn broer Eisse Weersema komen voor op de monsterrol van de Landdagcomparanten 1606-1609.Aan het bezit van eene heerd met minstens 30 jukken eigen land, waren verschillende rechten verbonden. Een daarvan was het recht om te verschijnen op den Ommelander Landdag en de vergaderingbij te wonen van de Staten van Stad en Lande,welk recht meest in handenwas van adelijke personen en van slechts enkele "eigen erffde" boeren. Zoon van Garbrand Cornelis WYRSEMA (zie 592) en Claesjen WICHERS (zie 593).
Gehuwd 1648 met
297    Duircke JACOBS, geboren circa 1630 te Usquert, overleden circa 1665 te Oldorp, begraven te Usquert.
Gehuwd (1) 1648 met Jurrien Garbrands WYRSEMA (zie 296).
Gehuwd (2) op 24-05-1663 te Usquert met Albertus AVERES, Predikant te Warffum. Geboren 1639 te Zeerijp. {Hij is later gehuwd op 13-08-1682 te Aduard.}
Uit het eerste huwelijk:
   1.  Garbrand Jurjens, geboren circa 1650 te Oldorp (zie 148).

298    Sijrt LIPPES, geboren circa 1630, zoon van Lippe SYERTS (zie 596) en Trijntje JANS (zie 597).
Gehuwd (1) 03-1656 te Baflo met Battruit MINDELTS (zie 299). BRON: Baflo en Raskwerd, DTBL NH, T:1648-1750 BAF01.
Gehuwd (2) met Swaantie N.N.
Gehuwd (3) met Martjen N.N.
Uit het eerste huwelijk:
   1.  Syben SIERTS, geboren circa 1662 (zie 149).
299    Battruit MINDELTS, geboren 1630, overleden circa 1683.
Gehuwd (1) op 21-10-1632 te Tinallinge met Jan REMGES. BRON: Tinallinge, DTBL NH, T:1607-1750 TIN01.
Gehuwd (2) 03-1656 te Baflo met Sijrt LIPPES (zie 298). BRON: Baflo en Raskwerd, DTBL NH, T:1648-1750 BAF01.
Uit het tweede huwelijk: 1 kind (zie onder 298).
 
432    Jacob MELLES, geboren circa 1630 te Uithuizen.
Gehuwd 03-1653 te Baflo met
433    Anna RITZES, geboren circa 1632 te Rasquert, dochter van Ritze JACOBS (zie 866) en Nienke HEERES (zie 867).
Uit dit huwelijk:
   1.  Jan JACOBS, geboren 09-1656 (zie 216).

434    Sijger PIETERS.
Gehuwd met
435    Grietje HENDRIKS.
Uit dit huwelijk:
   1.  IJmke SIJGERS, geboren circa 1660 te Rouveen, Overijssel (zie 217).

480    Gosen OMKES, geboren 12-1651, gedoopt (Ned. Hervormd) op 21-12-1651 te Baflo. Aan genomen als lidmaat 1675 Den iv Julij uijt Baflo Goosen Omkes. (Bron: Menne Glas), zoon van Omke N.N (zie 960) en N.N. (zie 961).
Gehuwd 10-1669 te Baflo met
481    Marregien CLASEN. Aangenomen als lidmaat 1683 Den 18 April uijt Baflo Marritjen Clasen huisvr. van Gosen Omkes. (Bron: Menne Glas).
Uit dit huwelijk:
   1.  Omke GOSENS, geboren 03-1674 (zie 240).

496    Claes Does VOERMAN, overleden voor 1673.
Gehuwd op 05-03-1669 te Warffum met
497    Anje WILLEMS.
Uit dit huwelijk:
   1.  Doewe CLASEN, geboren 12-1669 (zie 248).

508    Ebe GEERTS.
Gehuwd met
509    N.N..
Uit dit huwelijk:
   1.  Popke EBES, geboren 12-1659 te Noordwijk (zie 254).

Generatie X

 
592    Garbrand Cornelis WYRSEMA, Landbouwer en zijlrechter op Rollingeweer. Geboren circa 1580 te Maarslag, overleden op 09-06-1623 te Maarslag, begraven te Maarslag. Garbrand wordt in de dijkrol van Maarslag, opgesteld in 1573, genoemd als opvolger van achtereenvolgens Anna Dorenbusch tho Rollingeweer en Cornelis Wijrsema.(Bron: Henk Nieborg)

Grafschrift: "Anno 1623, den 9 juny, is de eerb. und fr... Garbrant Wiersema, kerckvoogd in der tit, christlick in de Heren gerust, verwachtende eensalige opstandinge in Christo. Gedenck, o mensch, die dit siet of leest, dat ik eertyts ben geweest...........do bist tot alt werden gelickick byn tot stof oneerden." Overleden te Rollingeweer. Scheiding van den nalatenschap: 14-6-1651, waarin de kinderen genoemd worden.

Wapen: Rechts een pelikaan met drie jongen. Links: een aanziende ossekop (Op grafzerk te Maarslacht).

Hun grafstenen lagen in de later afgebroken kerkje van Maarslag. En steentje thans in de gang van het woonhuis is ingemetseld, vertoont hunwapens, van hem de pelikaan, van haar een aanziende ossenkop. Ook geeft deze steen een weergave van het Salomo's oordeel. Een 2e steen vermeldt het jaartal 1618 in welk jaar een nieuw huis gebouwd zal zijn.

Garbrand Wiersema wordt vermeld op de kerkklok van Maarslacht, in het begin van de 20ste eeuw overgebracht uit de klokstoel op het kerkhof van Maarslacht naar de kerktoren van Mensingeweer. Daar sedert 1943 niet meer aanwezig.(Bron: Henk Nieborg)
Henrick Wegewart goet my tot Campen anno 1621, do Garbrant Weersma und Tamme Tammes karckfogden waeren.
Wapen GW: huismerk nr 383
Wapen TT: huismerk nr 384
Op de klok staat o.a. het huismerk van Garbrant: GDW huismerk nr. 383

Garbrand Wiersema wordt, namens jonker Allard Gaickenga, als schepper van Ter Borch beëedigd. (Bron: De Marne, een geschiedkundige beschrijving. J. Zijlma)

Maarslag Aduart Fol:87 vso
Garbrant Wiersema wed: Claasjen tot Rollingeweer gebr: 109 juck:
Ao:1639 de soon Albert Wiersema ende Fockje
Ao:1664 de kinderen
Ao:1668 een van de kinderen met naam Maria getr: an Jacob Iwema
Ao:1689 de wed: Maria getr: an Jacob Ennens
Ao:1692 Eijlke Wijrsema
Ao:1694 getr: an Tiaart Wijrsema
Ao:1719 de kinderen Albert en Abel Wijrsema

Cornelis Doorenbosch bezit veel land en bewoont een grote boerderij bij Oosternieland. Ondanks zijn welvaart plaatst Cornelis niet zijn naam, maar zijn huismerk vermits hij niet schryven kan. Zon merk werd vaak gebruikt door analfabeten. Maar ook mensen die wel konden schrijven bleven hun huismerk gebruiken op bijvoorbeeld grafzerken en als eigendomsteken op vee en gereedschap. De jonkers zetten vrijwel allemaal een stevige en zelfbewuste krabbel. Dat hebben ze vast niet op het plaatselijke dorpsschooltje geleerd.

Wanneer Garbrand Wiersema, een halfbroer van Cornelis, op 25 februari 1617 zijn ganzeveer in de inktpot doopt, is hij druk bezig met de herbouw van zijn boerderij Rollingeweer bij Maarslag. Ten tijde van zijn vader Cornelis was de vorige boerderij in brand gestoken als wraakactie van, nota bene, Staatse troepen. Garbrand laat ook de kerk van Maarslag herstellen en zorgt er door zijn zeven zonen voor dat er vandaag de dag aan Wiersemas bepaald geen gebrek is. (Uit: Pronkjewail, Lijst eed van trouw van Johan Waterborg)
https://www.groningerarchieven.nl/actueel/blog/309-pronkjewail-lijst-van-trouw, zoon van Cornelis WYRSEMA (zie 1184) en Anna ABELS (zie 1185).
Gehuwd op 19-03-1603 te Groningen met
593    Claesjen WICHERS, geboren circa 1583, overleden op 01-04-1650 te Maarslag. In ca. 1635 bezat ze land in Groningen stad. Claesjen Wyrsema, weduwe van Garbrant Wyrsema verkoopt 19 Juni 1642 hare 3 1/3 jucken land,liggende onverscheiden in de plaats Sandfoort te Saaxumhuizen, welke verkoop op drie achtereenvolgende zondagen in de kerkdoor den predikant werd afgekondigd.

Het schatregister van de verponding in 1630 vermeldt onder Maerslacht (Maarslag):
Claesien Wiersema 113 jucken.(Bron: Henk Nieborg)

In het register van kloostermeijers (archief Staten van Stad en Lande) staat:
Klooster Aduard, te Maarslag 109 jucken in gebruik bij Garbrant Wiersema Wed. Claasjen tot Rollingeweer.(Bron: Henk Nieborg)
Ao. 1639 de soon Albert Wiersema ende Fockje
Ao. 1664 de kinderen.

Maarslag Aduart Fol:87 vso
Garbrant Wiersema wed: Claasjen tot Rollingeweer gebr: 109 juck:
Ao:1639 de soon Albert Wiersema ende Fockje
Ao:1664 de kinderen
Ao:1668 een van de kinderen met naam Maria getr: an Jacob Iwema
Ao:1689 de wed: Maria getr: an Jacob Ennens
Ao:1692 Eijlke Wijrsema
Ao:1694 getr: an Tiaart Wijrsema
Ao:1719 de kinderen Albert en Abel Wijrsema

Op haar grafzerk:"anno 1650, den 1 aprilis, is die deuchtsa me Claesien Wichers, weduwe van wijlen Gerbrant Weersema, in den Here ger uist, verwachtende een salige opstandinge in Christo en leicht alhier. Wapen: Rechts: een omgewende pelikaan met drie jongen; Links: een aanzien de ossekop. Begraven. (GDW 2449) Omdat ons levent kort en lichgaem wort tot eerde daerom doetaltit wel, soo blijft u naem in weerde".

SCHEIDINGSACTE van de nalatenschap van Claesjen Wichers, wed. Garbrant Weersema. 1651. (Bron: OG)

Wolter Clant, ten Buir, Thesinge en Garmerwolde Jonker ende Hovelinck, betuige met desen openen Scheidebrieff, dat voor my in egener personen zijn erschenen Wicher Weersema ende Grietjen Cornelis sijn huisvrouwe woonachtigh op Olde Maarslacht, Cornelis Weersema ende Abeltjen Jacobs sijn huisvrouwe toe Eendrum op de Grede, Albert Weersema ende Fockjen Eltkens sijn huisvrouwe toe Maerslacht op Rollingeweer, Claes Willems ende Annechien Weersema toe Eendrum op Here-Atema Heerdt, Bonne Weersema ende Nanne Eltkens sijn huisvrouwe toe Tinaldigum op Sijrsema, Derck Weersema ende Tonnisjen Nombdes sijn huisvrouwe toe Lutke Saaxum, Jurrien Weersema ende Duircke Jacobs sijn huisvrouwe toe Wthusen op Oldorp ende Eisse Weersema met Aeilke Tjeerts sijn huisvrouwe, woonachtigh in 't Westernijelandt op Zijlbrugge, beleden ende bekanden een ijder in 't besonder voor haer ende haeren erfgenamen, hoe dat sij de Goederen ende Landen soo haer sal. L. vader Garbrandt Weersema ende haer sal. L. Moeder Claesjen Wichers haer hebben nagelaten vriendeliken ende lieffelijken in presentie ende ten overstaen van haer zal. L. moeder hebben gescheiden ende gedeelet gelijck hier nabeschreven.
Eerstelyken, dat Wycher Weersema sall beholden sodane Vier duisent Car. guldens als hij van sijn sal. L. moeder met sijn eerste huisvr. Grietjen Boelens voor sijn boedel heeft ontfangen, ende daer en boven noch hebben ende beholden duisent guldens voor sodane duisent ende tijn guldens, soo hij ende sijn tegenwoordige huisvr. van achterstallige landthuir ende geschenck aen haer zal. L. moeder, ende ?t Starffhuis ten achteren is. Ende is Wicher Weersema voor sijn partt van de Landen toegestaen, de gerechte helfte van de behuisde Landen in de heerdt so hij nu tegenwoordigh gebruickt groot een en twintich Jucken vijff achten deelen min een roede, noch andelhalff Jucken vrij van behuisinge toe Menscheweer op de Valge geleegen, soo hij onlangs aen sijn broeder Albert Weersema heeft verkoft. Noch een halff juck toe Maerslacht in de Meeren gelegen vrij van behuisinge soo hij tegenwoordig selvest gebruickt.
Ten tweeden, dat Cornelis Weersema sal beholden sodane Vier dusent Car. gulden als hij aen sijn plaetse heeft gecortet, soo hij van sijn sal. L. Moeder gekoft, ende daer en boven van sijn Broeder Albert Weersema ontfangen twee hondert vijftich gulden, soo hij te rugge moet keeren van sodane vijf duisent, twee hondert vijftich gulden als hij te boedel heeft genooten, ende van sijn Broeder Derck Weersema vijff hondert Car. guldens als hij te boedel heeft ontfangen, ende dan nog twee hondert vijftich gulden van de resteerende Landthuiren ende geschenken uijt het Starffhuis ofte van de samptlijcke vrienden. Ende is Cornelis voor sijn partt van de Landen bij Lottinge te deele gevallen negende halff jucken vrij van behuisinge toe Menscheweer gelegen, soo sijn Broeder Albert Weersema tegenwoordigh van hem in de huire heeft, noch het heem, huis, hoff, tune ende geboomte, soo Jan Berents toe Menscheweer meijerwijse gebruickt met alle sijne Gerechtigheiden ende toebehoren, ende eendelijcken noch drie Jucken vrij van behuisinge toe Petersburen gelegen, soo Haye Derx meijerwijse gebruickt, ende op dese Landen noch te hebben anderhalff hondert Daler an goedt, soo hij van sijn broeder Derck Weersema sall ontfangen door dien dat Derx part soo vele beter als zijnen is gerekent.
Ten derdes sall Albert Weersema beholden vijff duisent Car. gulden, van sodane vijff duiseat twee hondert vijftich gulden als hij te boedel heeft genooten ende de overige twee hondert vijftich gulden aen sijn broeder Cornlis Weersema gelijck boven verhaelt te rugge keeren. Ende is Albert voor sijn partt van de Landen bij Lottinghe te deele gevallen de gerechte vierde partt van Sickema goedt in 't Westernijelandt gelcegen, waer van Peter Jansen aldaer d'eene, ende Lambert Harmens oock aldaer woonachtich d'ander Helfte gebruicken onverscheijden, waer onder vierdehalff jucken vrij van behuisinghe met sijn Quelder ende Anwas in aller gestalte gelijck haer L. moeder deselve van haer L moeye Lijsbet Nebels sijn aen-gearvet.
Noch de gerechte helffte met de vierde partt van d'ander helffte van een klein Heertjen landes, soo Cornlis Jurcks op 't Westernijelandt meijerwijse gebruickt. Eindelicken een anpartt in een Heemstede, soo Jan Aibes gebruickt, soo groot ende kleen als haer zalige L. moeder daer heeft konnen verdedigen, mits te rugge kerende darde halff hondert daler, waervan sijn Broeder Bonne vijff ende 't seventich ende Broeder Jurrien honder vijff en 't seventich sullen hebben.
Ten vierden sullen Claes Willems ende Annechien Weersema beholden sodane vier dusent Car. guldens als sij voot haer bruitschatt hebben genooten, ende daer-en-boven van haer broeder Eisse ontfangen Negen hondert vijff ende 't seventich Gr. guldens soo Eisse te rugge sal keeren van de halve heerdt Landes, soo sijn Broeders, Swager ende Suster ten overstaen van haer zal. L Moeder hem voor sijn part van de Landen in scheijdinge hebben toegestaen, ende dan noch ontfangen vijff ende twintich gulden van de resteerende Landthuiren.
Ende is haer voor haer partt van de Landen bij Lottinge te deele gevallen acht jucken, met een partt van een heem toe Menscheweer geleegen vrij van behuisinge, soo Eept Willems aldaer meijerwijse, noch vijff Jucken vrij van behuisinghe toe Petersburen soo Duirt Jansen in de Praebende meijerwijse gebruickt, noch drie jucken toe Eendrum onverscheiden in Groesterheerdt gelegen, soo Renje Tammes aldaer meijerwijse gebruickt, eindelicken noch twee jucken vrij van behuisinge bij Schaaphalster zijll gelegen, namentlijken 't eene jaer een stuck uitterdijck buten dyx gelegen, ende 't ander jaer de helffte van een Camp bij Meerten Benens huis, waer van Reinder Berents d'ander helffte gebruickt, in aller gestalte gelijck de nu tegenwoordigh van Wicher Weersema gebruickt worden.
Ten vijfden sall Bonne Weersema beholden sodane vijff dusent Car. gulden als hij te boedel heeft ontvangen, ende is hem bij Lottinge voor sijn partt van de Landen te deele gevallen Negen grasen Osseweide vrij van behuisinge bij Ematil gelegen, soo Sijtse Meinerts weduwe ende Luitjen Jansen bij Ematil meijerwijse gebruiicken, noch sess graesen bij Ematill aen de Mattsloot geleegen vrij van behuisinghe soo Peter Baltzars bij de Munnickedijck in de huire heeft, ende hijr en boven vijff en 't seventich daler soo Peter Baltzars bij de Munnickedijck in de huire heeft, ende hijr en boven vijff en 't seventich daler
van sijn broeder Albert Weersema ontfangen gelijck verhaelt.
Ten sesten sall Derck Weersema beholden vijff dusent Car. gulden van sodane sesste halff duisent Car. guldens als hij te boedel heeft genooten ende de resteerende vijff hondert guldens aen sijn broeder Cornelis Weersema gelijck boven verhaelt te rugge keeren. Ende is Derck voor sijn partt van de Landen door 't Lott te deele gevallen vier jucken de Kengel genaemt vrij van behuisinge toe Maerslacht gelegen aan 't Schouwerzijlster Maer tegen Schouwen over, soo hij tegenwoordigh selvest gebruicket, noch twaalf grasen bij Ematill vrij van behuisinge waer van seven grasen aen de Leegen wegh, ende vijff aen de mattsloott zijn gelegen, soo Ijle Meints meijerwijse gebruickt. Eindelicken noch vijff grasen toe Oostum gelegen vrij van behuisinge soo Simon Oopkes weduwe in de huire heeft, mits te rugge keerende aen sijn broeder Cornlis Weersema anderhalf hondert daler gelijck boven verhaelt.
Ten sevenden sall Jurrien Weersema beholden sodane vijff duisent Car. gulden als hij te boedel heeft genooten. Ende is hem voor sijn partt van de Landen bij Lottinge te deele gevallen Tijn grasen Osseweide bij Munnekedijck gelegen vrij van behuisinge soo Jurrien Roelofs aldaer meijerwijse gebruickt ende 3 grasen vrij van behuisinge in Mecken-Camp bij Ematill gelegen, soo Wobbichjen Claesen weduwe van wijlen Jan Claesen op de Lege-meeden meijerwijse gebruickt, mede noch ontfangen hondertt vijffen 't seventich daler aen gelt van sijn broeder Albert gelijck boven is schreven.
Ten achten ende laetsten sall Eysse Weersema beholden de gerechte helffte van Zijllbrugge, groot sijnde seven en dertigste halve jucken, met sijn Quelder ende aenwas daer en boven, ende alle sijn andere Gerechtigheden ende toebehoren, so sijn zal. L. moeder, broeders, swager ende suster aen hem ende Aylcke sijn huisvrouwe hebben verkoft aen betalinge van Eysse belovede boedel voor vijff duisent twee hondert vijftich gulden, waervan hij de hondert Rijx daler, soo hem nae luit Hijlixvorwoorden sijn geschoncken niet sal in brengen, ende belangende de resteerende Duisent gl. in hilixvoorwoorden belovet, daer van sullen Eisse ende Aylcke opgemelt ofte haer Arffgenaemen nu offte tot geenen tijden ijeets hebben te eisschen, door dien dat de boedels ende bruitschatt op vijff duisent gulden sijn vereffent: ende is Eysse Weersema voor sijn partt van de Landen toegestaen, de andere helffte van Zijlbrugge, groot sijnde gelijck boven verhaelt, met de Queller ende anwas daer en boven ende alle sijn andere Gerechtigheden ende toebehooren, mits dat hij te rugge sal keeren aen sijn swager Claes Willems ende suster Annichjen Weersema negen hondert vijff ende 't seventigh Car. gl., gelijck boven verhaelt, door dien de halve Heerdt grooter ende soo voele beter als een van d'andere parten Landen is geestimeert. Ende sall een jegelick sijn partt van boven gespecificerde Landen, soo groot ende kleen, goed ende quaat die in haer swetten gelegen zijn van nu voortaen in d'eigendom aentasten, ende in alles sijn vrije wille daermeden mogen doen gelijck nae Recht geoirloved is. Belangende de andere goederen, namentlijck geldt, goldt, silver, gemundt ende ongemunted sinnde, linnen ende andere huisraedt dat selves in acht gelijcke parten gedielet ende daer van heeft een ijeder het sijne genooten, gelijck hem 't selve bij 't Lott te deele is gevallen. Beloven derhalve bovengemelde scheidinghe wal te achtervolgen ende daerinne ak vrede-levende Broeders ende susters haer zalige L. moeders wille gehoorsamen. Welverstaende nochtans dat bij aldient buitten vermoeden muchte gebeuren dat eenige actie op voorschr. Landen muchte moveeren, soo sall dieghene op wiens Landen d'actie ofte aensprake wordt gedaen, d'anderen bij tijdes sulx te kennen geven, ende sullen hem alle te samen mainteneeren, ende de schade soo hij daer bij muchte lijden, een jegelijck voor zijn quota vergoeden. Sonder argelist, in oirconde der waerheijt ende tot meerdere vestenisse soo bent hiervan ten versoecke van Comparanten acht gelijckluidende scheijdebrieven gemaeckt, deur mij Joncker ende Hovelinck opgemelt onderteekent ende met mijn angebooren Adelicke zegul confirmeert. In 't Jaer Duisent seshondert een ende vijftich, den veertijnden dagh Junij.

w.g. Wolter Clant. 14 Junij 1651,, dochter van Wicher van EMDEN (zie 1186) en Lysbet Alberts van HASELUNNE NEBELS (zie 1187). Dit huwelijk werd afgekondigd in de St Maartens Kerk (Martinikerk) te Groningen.

In het trouwboek vindt men: "19 merty 1603. Garbrandt Wiersema absedt, daer voer Jurijen Nobels frouwe caverdt, ende Claessijen Wijchers mede absendt, daer voer vr. Aelke Hebels caverdt, is den 19 merty d'publicatioenge accorderth. Landwerts gecopulerth". (op het land getrouwd). Overleden op Rollingeweer.
Uit dit huwelijk:
   1.  Jurrien Garbrands, geboren circa 1618 te Klein Maarslag (zie 296).

596    Lippe SYERTS, Landbouwer op Wilkemaheerd, Wilkemaweg 11 te Startenhuizen, Kantens. Geboren 1608 te Huizinge, overleden op 31-05-1679 te Startenhuizen, Kantens, zoon van Syerds LIPPES (zie 1192) en Geertruid JACOBS (zie 1193).
Gehuwd (1) 1637 met Trijntje JANS (zie 597).
Gehuwd (2) 1655 met Aechtje JANS, geboren 1631, overleden op 27-06-1696 te Startenhuizen, Kantens, begraven op 07-07-1696 te Startenhuizen, Kantens.
Uit het eerste huwelijk:
   1.  Sijrt LIPPES, geboren circa 1630 (zie 298).
597    Trijntje JANS, geboren 1615, overleden op 03-08-1653.
Uit dit huwelijk: 1 kind (zie onder 596).
 
866    Ritze JACOBS, geboren circa 1588 te Maarhuizen, overleden op 13-05-1648 te Maarhuizen, dochter van Jacob DERKS (zie 1732) en Katrina RITSES (zie 1733).
Gehuwd met
Uit dit huwelijk:
   1.  Anna RITZES, geboren circa 1632 te Rasquert (zie 433).

867    Nienke HEERES, geboren circa 1608, overleden op 29-10-1655 te Maarhuizen.
Uit dit huwelijk: 1 kind (zie onder 866).
 
960    Omke N.N.
Gehuwd met
961    N.N..
Uit dit huwelijk:
   1.  Gosen OMKES, geboren 12-1651 (zie 480).

Generatie XI

 
1184    Cornelis WYRSEMA, Landbouwer en zijlrechter op Rollingeweer te Klein Maarslacht. Geboren circa 1550 (gezindte: Gereformeerd), overleden op 23-06-1609 te Maarslag, begraven circa 1609 te Klein Maarslag. Prothocol van den landmeter Gerrit Hopper II. K.K. Anno 1586 den 12 May tho Maerslacht dorch versoeck Johan Peters ende Cornellis Wyrsema de landen gemeten so se mitten ander aldo to scheyden to deelen hadden Witsemaheert under den Klockslach Menscheweer. In den ersten de landen so Johan Peters ten scheydinge gefallen bint. De landen achter upte valge 175 Rode en de anderlant mitte heem 2157 Rode, maken 7 1/4 juck mit 5 Rode Hyr scheelt noch an 146 Rode de maken 1/2 juck mit 6 Rode, so worts mit Jacops lant gelijck. Dese landen heft Cornellis vorss. untfangen: 7 3/4 juck; '* tusschen beyde werde alwaer de herewech ende de notwech beyde sint uogemeten bleven 3/4 juck. (Jacops lant is natuurlijk fout. Moet zijn Johans lant.). (Bron: OG)

Op 26 april 1586 moest Derck Reynerts te Maarhuizen in een zaak over schulden tegen Cornellys Wierzuma, Meerten Dorenbusch en Jacob Halsema als erfgenamen van wijlen Johan Dorenbosch en Abel tho Rollingeweer met beter bewijs komen dan een "olde geschoerde rekenschop" van 16 april 1571. In januari 1588 blijkt, dat Jacob Halsemas weduwe de helft van 6 daler moet betalen aan Derck Kremer, waarbij Meerten Doornbusch reeds lang zijn helft betaald had (Opmerking: Meerten Doornbusch was landbouwer op boerderij A-190 te Maarhuizen, Jacob Halsema was landbouwer op boerderij E-370 "Lutke Saaxum" te Baflo).

Citaat uit de kloosterrekeningen van 1595: [1595, 2289/17v] Cornelis Wiersma te Rollingeweer heeft 109 grasen Lants tgras een embder gulden gerekent facit 122-12-4

Grafschrift: "Anno 1609, de 23 junius, is den E. und fromen Kornelius Wiersema christelick in den Heeren entslapen, sin seele leeft in Godt. Alles wat ghi biddet in juw geb edt, soghit gelovet, so wert ghit entfangen. mat.ant.21 c " (Matheus 21:22)

Wapen: rechts: Een omgewende pelikaan met opgeheven vlucht en drie jongen. Links Gedeeld: I een halve adelaar;II drie klaverbladen. Zoon van Garbrandt Dercks WEERSEMA (zie 2368) en N.N. (zie 2369).
Gehuwd op 01-01-1578 te Groot Maarslag met
1185    Anna ABELS, geboren circa 1550 te Groot Maarslag, overleden circa 1600 te Groot Maarslag. Met potlood stond in de genealogie Wiersema/Wiersum hierbij geschreven: "? dv. Luirt Doornbos, meyer op Rollingeweer, oa 1584-1585". en in een an der handschrift: "onzin!" WGD

In de dijkrol van Maarslag komt in 1573 voor: Anne Dorenbusch tot Rollingeweer, 11 roeden (pag 5), idem 37 roeden (pag 8), Anne tho Rollingeweer 37 roeden (pag 9 verso), Anne tho Rollingeweer, Melle Hayes samen 2? roeden. In alle gevallen wordt er opgevolgd door achtereenvolgens Cornelis Wijrsema, Garbrand Wijrsema en Albert Wijrsema. Cornelis komt voor o.a. op: 10 april 1585, 25 augustus 1588 en op 29 november 1588. (Rechtelijke Archieven IIIa)(Bron Henk Nieborg)

Tevens is vermeld op 26-4-1586 (HJK 55, AG), dat Cornellys Weerzumma, Meerten Dorenbusch en Jacob Halsema erfgenamen zijn van Johan Dorenbusch en vrouw Abel tho Rullingeweer, Anno 1580 meyers. (Rollingeweer was toen Aduarder kloosterbezit.) (Bron Henk Nieborg)

1595 Cornelis Weersum to Rollingeweer hefft 109 grasen lantz 122-12-4. (Bron Henk Nieborg), dochter van Abel WIERTS (zie 2370) en Gebbe PAMA (zie 2371).
Gehuwd (1) na 1566 met Johan DOORNBOSCH, overleden ABT 1572/7.
Gehuwd (2) voor 1576 met Johan SYMENS, overleden ABT 1576/7.
Gehuwd (3) op 01-01-1578 te Groot Maarslag met Cornelis WYRSEMA (zie 1184).
Uit het derde huwelijk:
   1.  Garbrand Cornelis, geboren circa 1580 te Maarslag (zie 592).

1186    Wicher van EMDEN.
Gehuwd met
1187    Lysbet Alberts van HASELUNNE NEBELS, dochter van Albert van HASELUNNE (zie 2374) en Claes N.N (zie 2375).
Uit dit huwelijk:
   1.  Claesjen WICHERS, geboren circa 1583 (zie 593).

1192    Syerds LIPPES, Landbouwer op Melkema, Smedemaweg 3 te Huizinge. Geboren circa 1580 te Maarhuizen, overleden circa 1642 te Huizinge, zoon van Lippe SIERTS (zie 2384) en Geele OOMKES (zie 2385).
Gehuwd op 10-02-1606 te Maarhuizen met de 22-jarige
1193    Geertruid JACOBS, geboren op 19-01-1584 te Maarhuizen, overleden op 13-11-1652 te Huizinge op 68-jarige leeftijd, dochter van Jacob DERKS (zie 1732) en Katrina RITSES (zie 1733).
Uit dit huwelijk:
   1.  Lippe SYERTS, geboren 1608 te Huizinge (zie 596).

1732    Jacob DERKS, Landbouwer op De Groote Meeren, Maarhuizen 6 te Winsum. Leraar bij de Doopsgezinden te Rasquert. Geboren circa 1557 te Huizinge, overleden op 13-07-1620 te Maarhuizen, zoon van Derk PIETERS (zie 3464) en Katrina THOMAS (zie 3465).
Gehuwd circa 1583 met
1733    Katrina RITSES, overleden op 31-01-1619 te Maarhuizen, dochter van Reitze RENGERS (zie 3466) en Geertruid N.N (zie 3467).
Uit dit huwelijk:
   1.  Geertruid JACOBS, geboren op 19-01-1584 te Maarhuizen (zie 1193).
   2.  Ritze JACOBS, geboren circa 1588 te Maarhuizen (zie 866).

Generatie XII

 
2368    Garbrandt Dercks WEERSEMA, Eigenerfde Niebert en Oostum, geboren circa 1525, overleden op 10-07-1570 te Oostum, begraven te Oostum. Wordt genoemd in 1560, 1561, 1565 en 1566. (Archief Groninger Parochiekerken, inv. nr. 34, folio 3,4,9). Op 14-10-1560 wordt huur voor het kerkeland te Oostum voldaan door Garbrand Derks Weersuma. Hij bewoont tevens dit land. (AGP onv. nr. 298, regest 824). Onder nr. 104 (Inventaris Huisarchief van de Nienoord): Als getuige:o.a. Sycke Harckema. Onder nr. 105: Verzegeling , waarbij Sicke Harkema en Garbrandt Derks Weersema, als eigenerfde van Niebert en Tolbert, een stuk veen aan de Zwarte Rijth aan Johan en Wigbolt van Ewsum overgedragen. Tevens wordt nog vermeld op 14-4-15 49: Garbranth Wyrsma, die met enkele anderen, voornamelijk ingezetenen van Vredewolt, ao.Tolbert en Midwolde, afstand doet van zijn aandeel in het kerkgestoelte in het koor ten noorden van het hoogaltaar in de kerk van Tolbert, Garbranth Wyrsma woonde in 1549 volgens het regest op "Hoyeke Volkerts-heerd". (Archief Lewe, regest 104) De "Haye Volkers Heert" wordt in 1540 genoemd in het schatregister voor de jaartax, waarin opgenom en heel Vredewolt. De heerd is gelegen te Niebert(Nybert), is groot 15 roeden en wordt in 1540 gebruikt door Coep,(=Coop dus voor Jacob). De naam Garbrant of Wiersuma komt in de schatting van de jaartax te Niebert niet voor. (Ommelander archief, inv.nr. 39). Op zijn grafzerk (GDW 438): "Ao 1570, 3 dage voer Jacoby, starf Gerbrant Weersema". De steen ligt in de kerk, onder een plankiertje, in of voor een diakenbank. Op die zerk is huismerk no. 53 vermeld. Later verschijnt het wapen met de pelikaan en drie jongen.

"Uiteindelijk zijn de partijen tot elkaar gekomen en is de grens bepaald. Een acte die daarvan getuigt is van 6 nov. 1559, op welke datum een verzegeling is opgemaakt die als volgt begint: "Wij Ewe Awema, Albert Ifftrum, Sicke Harkema, Ee Bunnema, Ilo Gratema, Leo und Dreus Iwema, Hedde Enema, Focko Sappema, Warner Taminga, Garbrant Derk Weersema, Peter Bennema, Menno Hijmersma, mit allen den ingesetenen und gemenen egenerfden in 't Oldbert und Nibert und die daar egen venen hebben in dessen tween kerspelen,". Deze acte verhaalt over dit reeds in 1545 ontstane geschil tussen Vredewold enerzijds en aan de andere kant "den Abt der Godthuises tho Adwert, den ingesetenen in der Helle und den kerspell to Roden". De abt met consorten "vermeenden gerechtiget to sijn van der Hellen an nae Wema busch undt Nijebert deur die Vredewoldener venen to graven", onze Nieberters/Toberters waren het daar natuurlijk niet mee eens. Dankzij onder meer de inspanningen van Johan und Wigbolt van Ewssum is het geschil met de abt cs. uiteindelijk "in vruntschap .. upgenomen und verdragen". Uiteraard hebben de broers van Ewssum daar de nodige kosten voor gemaakt, maar mede dankzij onder meer een "sware timmering eens nien Ziels [nieuwe sluis] om onse water uet tho voeren" zijn de eigenerfden kennelijk een beetje in geldnood gekomen. De onderhavige acte legt vast dat bovenvermelde eigenerfden bijeen zijn geweest in de Olderberder kerk en dat aldaar is besloten dat met veen betaald zal worden, en de gebroeders van Ewssum verklaren: "dat wij ons dien opgelopenen unkosten interesse moetsell und schaden mit specificierde stuck venes hebben affsoenen laeten". " (Bron: P.E. Post, Veenendaal)

"Op 22 april 1549 is een acte opgemaakt waarin Auwe Gratema, Ono Harckema, Sicke Harkama, Albert Iftema, Leo IJwema, Paebe Bousema, Tijaert Berents, Benno Wijema, Bonne Bonnema, Bonno Fossema, Garbrant Wijrsema, Bonne Ebersma, Arent Hinricks en Wisse Dathens hun deel in de kerkstoel in het koor ten noorden van het altaar schenken aan Iwo Auwema." (Bron: P.E. Post, Veenendaal)

Het romaanse kerkje op de, in het begin van de 20e eeuw grotendeels afgegraven, wierde kijkt al sinds de 13e eeuw hoog uit over het vlakke land bij Garnwerd. De wierde zelf is opgeworpen op een oude kwelderwal en is mogelijk al sinds de IJzertijd bewoond.

De toren is in de 14e eeuw tegen de bestaande kerk aan gebouwd. De toren staat dwars op de kerk (de nok van het zadeldak staat haaks op de nok van het schip). De toren is gebouwd op oude fundamenten (mogelijk van een afgebroken travee). Aan de westkant zijn twee kleine steunberen geplaatst tegen het wegzakken.

In de kerk liggen twee grafzerken uit de tijd vóór de Reformatie met als opschriften:

-Ao 1570, 3 dage voor Jacoby starf Gerbrant Weersema (huismerk 53)
-Ao 1579, 14 dage voor Jacobi starf Swewe Weersema

De twee telgen uit het geslacht Weersema stierven beide in juli en wel op 22 en 11. Want er werd gerekend vanaf 25 juli, de naamdag van Jacobus.

Roemeling (2013) concludeert op grond van een pastoorszegel uit 1479 dat de kerk toegewijd is aan Jacobus. Uit zijn gedegen onderzoek blijkt in Groningen het pastoorszegel een goede indicator van de patroonheilige van de kerk te zijn. (Bron: https://www.santiago.nl/jacobalium/kerkje/165240)

OSTUM BIJ GARNWERD N.H. Kerk te Oosturn
In ons gewest komen vele gehuchten en gehuchtjes voor, die vroeger kerkdorpen zijn geweest. Wanneer een dorpje langzamerhand zoo in beteekenis, in welvaart achteruitging, dat de zorg voor een eigen kerk en voor het onderhoud van een eigen predikant te zwaar, te drukkend werd, en wanneer daar tot overmaat van ramp nog bij kwam, dat de oude kerk van dat dorpje beslist om enkele hoognoodige herstellingen vroeg, dan viel die kerk eindelijk ten prooi aan moker en breekijzer. Het dorpje keerde als dan terug tot zn oorspronkelijken gefauchts of buurttoestand.
Op die wijze, soms mede in verband met andere oorzaken, verdwenen o.a. de kerken der vroegere parochies: Beijum, bij Zuidwolde (1475), Bellingweer, bij Winsum (1823), Toornwerd, bij Middelstum (1818), Faan (1820), Harsens, bij Adorp (1785), Lutjesaaksum (1465), Maarslagt (1807), Menkeweer, bij Onderdendam (1843), Onderwierum, bij Onderdendam (1840), Ranum, bij Winsum (1820), Raskwerd, bij Baflo (18e eeuw), Scharmer (1824), Vliedorp, bij Ulrum (1695), Westerdijkshorn, bij Bedum (1802), Wetsinge (1840), Wierurn (1829). Enkele van die gehuchtjes bezitten nog het kerkhof, soms met den toren, dat ook nog gebruikt wordt. Sommigen meenen in dit verdwijnen der vroegere parochies een ontvolking van het platteland te zien als gevolg Van den trek naar de groote steden. Ons Inziens wijst de opheffing der verschillende kerkelijke gemeenten meer op een Centralisatie. Tot de verdwenen parochies behoorden vroeger veelal kleinere boerderijtjes. Deze nu zijn in den loop der tijden langzamerhand opgelost in grootere bedrijven. De kerkelijke gemeenten Verkregen daardoor een geringer aantal leden, die de parochie financieel steunden, zoodat ze tenslotte genoodzaakt waren toevlucht te nemen tot een naburige zustergemeente.
Oostum, oudtijds ook Oestum geheeten, het kleine Oostum, dat ook van dorpje afgedaald is tot een buurtje van twee huizen en eenige boerderijen in de Omgeving, heeft tot dusver echter zijn Oud interessant kerkje weten staande te houden en is dus een uitzondering op den regel. We mogen het Kerkbestuur van Oostum en Garnwerd dankbaar zijn, dat 2e 't kerkje voor ons bewaard hebben. Op een wierde gebouwd, maakt het een aardigen indruk en werd dan ook reeds vaak door schilders op het doek vereeuwigd.
Oostum ligt bij het Reitdiep, in de onmiddellijke nabijheid van het dorp Garnwerd. Het wordt ten Oosten door het Reitdiep en ten westen door het Aduarderdiep ingesloten. Ten zuiden van Oostum vindt men de oude Wierumer afwatering naar het Aduarderdiep.
Wanneer Oostum als nederzetting ontstond, wanneer het kerkje gebouwd werd, valt niet met volkomen zekerheid te zeggen. De naam Oostum wijst er op, dat de stichters, althans de naamgevers, meer haar 't westen gewoond zullen hebben. Misschien, dat de kloosterlingen van Aduard aan den bouw der kerk niet vreemd zijn. Oostum wordt als parochie Vermeld in een 15e eeuwsch decanaatsreglster.
Bij de kerk vindt men tegenwoordig twee huizen en een boerderij. Ongeveer midden vorige eeuw telde Oostum een 20-tal bewoners, terwijl het zielental met de bewoners der negen er bij behoorende boerderijen toen 120 bedroeg. Zooals we reeds opmerkten, staat het kerkje op een wiergedeelte. De wierde in de directe nabijheid der kerk is afgegraven. De heeren Gebrs. Olthoff, eigenaars dier wierde, begonnen in 1905 met het afgraven. Het laatste perceel der wierde, het terrein der voormalige pastorie, verdween in 1913. Daarna werd de westkant der wierden, eigenaar de heer R. Drenth aan de snee gebracht. Opmerkelijk was het - zoo vertelde ons de heer Olthoff - dat na de afgraving van de oostelijke en westelijke perceelen een put van ongeveer 30 voet diepte, toen droog werd. In de wierde werd een gouden Dominusgulden van Filips van Bourgondië, Bisschop van Utrecht (1517-1524), gevonden. Verder vond men gouden en bronzen naalden, een bronzen fibula, een bronzen haardtangetje, bronzen charivari, bronzen spoor, een dito potdeksel, Saksische en Frankische potten en vele grootere en kleinere scherven van geometrisch versierd aardewerk. Een en ander vond een plaatsje bij de interessante verzameling Wierde-vondsten" in ons M. v. O. Door de afgraving der wierde bestond er gevaar voor verzakking der kerk. Door tusschenkomst onzer Provinciale Archeologische Commissie is dit echter gelukkig voorkomen, komen. Eenige jaren nadat de wierde te Oostum was afgegraven, werd het wierdegat" weer gevuld en wel met slijk door baggermachines uit het Reitdiep opgehaald. Oostum kreeg op deze manier een deel van zn wierde terug. Bij die uitbaggering van 't Reitdiep werden een oud kanon en drie kogels naar boven gehaald, die in het M. v. O. geborgen zijn. De kerk en vooral de oude toren vragen dringend om restauratie. In den Zuidoosthoek is de toren hersteld, maar men heeft helaas daarvoor nieuwe steenen gebezigd. In den toren hangt een prachtige klok, die bekend is door den zeer helderen, welluidenden toon. De klok is met vele beelden en beeldgroepen versierd en draagt een eenigszins moeilijk te ontcijferen opschrift. In hedendaagsch Nederlandsch overgebracht luidt het: Heer Johan van Gogkerk, Heer van Rennedoinck, Kunne Luersema en Bole Kerkvoogden van Feerwerd lieten mij gieten. Anno 1465. Maria ben ik geheeten. Hendrik Kokenbakker goot mij."
Onder het beeld van Paulus in den schriftband vindt men een mooi gegoten kruisigingsgroep: Christus aan het kruis, met Maria en Johannes ter zijde. Aan den tegenover gestelden kant is Moeder Maria, met het kindeke Jezus op den arm, aangebracht. Moeder Maria vond hier in het hooge Noorden een groote vereering. Onder aan den slagring bevindt zich een klein, maar prachtig uitgevoerd, Gothisch bladrandje. De klok is 75 c.M. In doorsnee en 76 c.M. hoog. De gieter Hendrik Kokenbakker - een kunstenaar in zijn vak - goot ook de twee prachtige klokken te Zandeweer Van het kerkje is de dakbedekking zeer merkwaardig, voornamelijk het middengedeelte. Wanneer de zon met vollen luister op het dak schijnt ontwaart men duidelijk een kruis. In het middengedeelte vindt men nog de oudste pannen waren halve cylinders, ze bezaten geen mantel. Men bakte een cylinder op de gewenschte grootte en sneed deze dan overlangs in tweeën. Men noemde deze mantellooze pannen monniken" en nonnen" Ze werden om den ander met den ronden kant naar boven op het dak gelegd. De monniken zijn de pannen, die boven liggen.
In lange rijen vormen ze als het ware ronde banden over het kerkdak. De nonnen vormen samen de onderbedekking. De monniken en nonnen vormen samen een soliede, een goed sluitende dakbedekking, waarbij lekkage bijna onmogelijk was. Door de zwaarte vroeg deze bedekking echter veel van de kap. Deze eerste panvormen vindt men behalve aan de kerk te Oosturn ook nog aan de kerk te Winsum en aan het aardig kerkje te Sellingen. De ingang der kerk bevond zich blijkbaar vroeger aan de andere zijde van het gebouw. Op den vloer van de Kerkvoogdenbank vindt men twee 16e eeuwsche grafzerken. Op de eene leest men: Ao. 1570 3 dage voer Jacobis starf Gerbrat Weersema". Op de tweede: Ao 1579 14 dage voer Jacobi starf Swewe Weersema".
Eigenaardig, dat de kiok gegoten werd door de Kerkvoogden van Feerwerd (1465). Zou de kiok vroeger ln Feerwerd gehangen hebben? Of moeren we de reden zoeken in het feit, dat Oostum oudtijds, tegelijk met Garnwerd, met Feerwerd gecombineerd was? We weten het niet.. Als eerste predikant der combinatie Oostum-Garnwerd-Feerwerd vonden we vermeid Thomas Stalman op het jaar 1595. In 1609, toen Hajo liberi predikant dezer vereenigde kerkelijke gemeenten was, is Feerwerd weer een zelfstandige parochie geworden. In 1663 bezat Oostum een eigen predikant, n.l. Petrus Groenou. Te Garnwerd was in dienzelfden tijd Marcus Marcius leeraar. Deze was echter in 1665 door zwakheid des verstands tot den predikdienst onbekwaam". Daarom werd Garnwerd toen met Oostum gecombineerd, welke combinatie nog bestaat. Petrus Groenou was de eerste predikant dezer twee vereenigde gemeenten.
Het collatierecht van Oostum behoorde in 1794 voornamelijk aan het Huis van Aduard, evenals dat van Garnwerd. Dit recht zal dus oudtijds hebben berust bij de eigenerfden, de parochianen of - hetgeen ook zeer wel mogelijk is - bij de Abdij van Aduard.
Aan het Aduarderdiep - ruim een half uur gaans van Oostum - waren vroeger een vijftal steenfabrieken, die des zomers veel werkvolk noodig hadden. De zuidelijkste dezer fabrieken stond dicht bij het Groote en het Kleine Waschhuis, twee boerderijen, die oorspronkelijk aan de Abdij van Aduard behoorden. Ten onrechte wordt de naam Waschhuis in verband gebracht met de naburige steenfabrieken. De ticheljongens toch zouden zich hier hebben laten bewasschen"
Op die steenfabrieken werkten voornamelijk Duitschers. Voor deze Duitsche ticheljongens werd een of twee keer in den zomer - den campagnetijd - door een Duitschen predikant gepreekt in het kerkje te Oostum. Dit gebeurde nog voor een halve eeuw. Bij den ingang der kerk werden de jongens Duitsche gezangboekjes uitgereikt. Deze godsdienstoefeningen werden in den regel druk bezocht.
Van de noordelijke steenfabriek liep indertijd een kerkpad naar de kerk te Oostum. Het pad kwam uit bij de boerderij van den heer Drenth aldaar. De steenfabriek behoorde aan den heer Slot, vandaar dat het hek op de uitvaart" of ree" van de fabriek steeds Slotshek werd genoemd. Het Slotshek.. had in vroegere tijden iets geheimzinnigs In de buurt liepen 's nachts twee witte juffers..
Van dit oude kerkpad werd vooral ln den herfst- en wintertijd een druk gebruik gemaakt. De kleiwegen waren in die jaarperioden bijna onbegaanbaar. Toen in 1871 de grintweg tot stand kwam had het kerkpad zn tijd gehad en verdween.
Tegenwoordig preekt de predikant van Garnwerd op geregelde tijden te Oosturn, brj welke gelegenheid de koster van Garnwerd ook als zoodanig dienst doet te Oosturn
Op den dijk langs het Reitdiep bij Oosturn heerschte in den tijd, dat het Reitdiep nog een open rivier was, dus vóór 1876 steeds een 'eigenaardige drukte. Ettelijke mannen uit Oosturn en Garnwerd lagen er aan den dijk. Deze mannen wachtten daar - soms den heelen nacht door - of er ook een schip in aantocht was, welks schipper van hun trekkracht" gebruik wenschte te maken. Sleepbootjes waren hier toen nog niet in gebruik. Vooral bij windstilte en wanneer de schipper met tegenwind te kampen had, was er dikwijls voor de mannen een extra duitje te verdienen. Men onderscheidde af- en opkomende schepen. Was er eindelijk een schip in het zicht, had men dus kans een goeden slag te slaan, dan was de eerste vraag, welke van de mannen de gelukkigen zouden zijn. De schipper kon ze natuurlijk niet allemaal aan de lijn zetten, een 15-tal mannen was voor een schip veelal voldoende. Om ruzie en gekrakeel te vermijden, hadden de trekkers zelf een regeling getroffen. Men ging er om werpen" of gooien", wie de gelukkige trekkers zouden zijn. Dit er om werpen of gooien" geschiedde op een eigenaardige manier. Men bediende zich daarvoor van een vijftal houten messen, waarvan de eene zijde wit, de andere zijde zwart gekleurd was. Deze messen werden omhoog gegooid en kwamen dan natuurlijk weer op den dijk terecht. Hij, die de meeste witte zijden had geworpen, werd het eerst als trekker aangewezen. Zoo ging het opwerpen door, totdat het vereischte aantal trekkers verkregen was.
Oostum met z'n oud interessant kerkje is een aardig gehuchtje aan het Reitdiep. We hopen, dat binnen niet te langen tijd de kerk voor restauratie in aanmerking kan en mag komen.
Hartelijken dank aan de heeren gebr. Olthoff te Oosturn voor de ons verstrekte gegevens. T. (Nadruk verboden). (Bron: Nieuwsblad van het Noorden dd. 10-12-1932), zoon van Derk Jacobs WEERSEMA (zie 4736) en N.N. (zie 4737).
Gehuwd met
2369    N.N..
Uit dit huwelijk:
   1.  Cornelis WYRSEMA, geboren circa 1550 (zie 1184).

2370    Abel WIERTS, Landbouwer op Rollingeweer te Maarslag. Overleden voor 1576 te Maarslag, zoon van Wiert N.N (zie 4740) en N.N. (zie 4741).
Gehuwd (1) circa 1530 met Gebbe PAMA (zie 2371).
Gehuwd (2) circa 1555 met Catharina DOORNBOS, overleden voor 1576.
Uit het eerste huwelijk:
   1.  Anna ABELS, geboren circa 1550 te Groot Maarslag (zie 1185).
2371    Gebbe PAMA.
Uit dit huwelijk: 1 kind (zie onder 2370).
 
2374    Albert van HASELUNNE.
Gehuwd met
2375    Claes N.N.
Uit dit huwelijk:
   1.  Lysbet Alberts van HASELUNNE NEBELS (zie 1187).

2384    Lippe SIERTS, Landbouwer op Ter Borg, Kerkeweg 41 te Wirdum. Overleden 1605 te Wirdum, Groningen.
Gehuwd voor 1580 met
2385    Geele OOMKES, geboren circa 1555, overleden op 16-07-1607, dochter van Oemke SIERTS (zie 4770) en Anna N.N. (zie 4771).
Uit dit huwelijk:
   1.  Syerds LIPPES, geboren circa 1580 te Maarhuizen (zie 1192).

2386 =    1732 Jacob DERKS.
2387 =    1733 Katrina RITSES.
 
3464    Derk PIETERS, Landbouwer op De Groote Greden te Maarhuizen. Landbouwer op Melkema, Smedemaweg 3 te Huizinge. Geboren circa 1525 te Huizinge, overleden circa 1566 te Huizinge. Landbouwer op Melkema (Huizinge). Met zijn echtgenote de stamouders in het boek 'Het nageslacht van Derk Pieters en Katrina Thomas op Melkema bij Huizinge'.
Gehuwd 1556 met
3465    Katrina THOMAS, geboren circa 1531 te Huizinge, overleden circa 1580 te Huizinge, dochter van Thomas CLASEN (zie 6930) en Sytie JACOBS (zie 6931).
Gehuwd (1) 1556 met Derk PIETERS (zie 3464).
Gehuwd (2) na 1566 met Bonne RAANGS.
Uit het eerste huwelijk:
   1.  Jacob DERKS, geboren circa 1557 te Huizinge (zie 1732).

3466    Reitze RENGERS.
Gehuwd met
3467    Geertruid N.N.
Uit dit huwelijk:
   1.  Katrina RITSES (zie 1733).

Generatie XIII

 
4736    Derk Jacobs WEERSEMA, Landbouwer en veehouder te Bedum en Ellerhuizen. Geboren circa 1500, overleden circa 1560. Schatregister voor de jaartax van 1540 onder Bedum vermeldt: Derck Wyersum 75 gras (Familie-archief Van Ewsum, inventarisnr. 136) (zie ook Gruoninga jaargang 1991, pag. 58-89)

Hoge justitie Kamer inv. nr. 170 dd 13 mei 1558: Is sprake van 75 grazen land te Ellerhuizen gelegen en bewoond door Derk Jacobs offte Weersema.

Nog een vermelding uit 1558: "Uth frouwe van Ewsums heert to Elderhuesen in Bemer Kaspel ano 58 daer Derck Werssuma up woent (AHS inv. nr. 18 folio 9)

Reeds voor 23 augustus 1569 blijkt Derck Weersema te zijn overleden, wanneer
Clara van Ewsum een rente verkoopt uit haar heerd te Ellerhuizen, bewoond en
gebruikt door "Derck Wyrsums weduwe" (HJK, inv. nr. 1702)

Op 12 maart 1572 wordt zijn weduwe, door mandaat van de Hoofdmannen, gesommeerd een schuld te voldoen. Dit mandaat is gericht aan de weduwe van "Derck Weersema op Elderdehues" (Ellerhuizen) (AHS, inv. nr 275.)
(Bron: Henk Nieborg), zoon van Jacob WEERSEMA (zie 9472) en N.N. (zie 9473).
Gehuwd met
4737    N.N..
Uit dit huwelijk:
   1.  Garbrandt Dercks, geboren circa 1525 (zie 2368).

4740    Wiert N.N. Mogelijk een zoon van Wypko Popkema alias Wypke tho Vliedorp. Zijn vrouw zou dan een docter zijn van Abel Hindriks Waelkens. Het kan ook andersom zijn, Wiert is een zoon van Abel en zijn vrouw een dochter van Wypko Popkema.
Gehuwd met
4741    N.N..
Uit dit huwelijk:
   1.  Abel WIERTS (zie 2370).

4770    Oemke SIERTS.
Gehuwd met
4771    Anna N.N..
Uit dit huwelijk:
   1.  Geele OOMKES, geboren circa 1555 (zie 2385).

4772 =    3464 Derk PIETERS.
4773 =    3465 Katrina THOMAS.
 
4774 =    3466 Reitze RENGERS.
4775 =    3467 Geertruid N.N.
 
6930    Thomas CLASEN, Landbouwer op Melkema, Smedemaweg 3 te Huizinge. Geboren 1490 te Huizinge, overleden 1568 te Huizinge.
Gehuwd met
6931    Sytie JACOBS, geboren 1495, overleden 1571 te Huizinge.
Uit dit huwelijk:
   1.  Katrina THOMAS, geboren circa 1531 te Huizinge (zie 3465).

Generatie XIV

 
9472    Jacob WEERSEMA, geboren circa 1475, zoon van Derck WEERSUMA (zie 18944) en N.N. (zie 18945).
Gehuwd met
9473    N.N..
Uit dit huwelijk:
   1.  Derk Jacobs, geboren circa 1500 (zie 4736).

9546 =    6930 Thomas CLASEN.
9547 =    6931 Sytie JACOBS.
 
Generatie XV

 
18944    Derck WEERSUMA, geboren circa 1450, overleden circa 1520. Wordt genoemd op 31-10-1485: Derck is getuige bij de verkoop van een perceel land uit een erf te Enumatil onder Lettelbert. Kloosterarchief Selwerd.(Inventarisnr 20 , regest 734, folio 85).
Gehuwd met
18945    N.N..
Uit dit huwelijk:
   1.  Jacob WEERSEMA, geboren circa 1475 (zie 9472).

Homepage | E-mail


gemaakt met PRO-GEN 'Genealogie à la Carte' software