Kwartierstaat van Feico Sjoerd van der PLOEG


 
Bestand:C:\PG35\NL\DATA\PLOEG
Datum:23-06-2026
Selectie:'Personen in kwartierstaat van Feico Sjoerd van der PLOEG [49]'
Sortering:Kwartiernummer

Generatie I

 
1    Feico Sjoerd van der PLOEG, Garagehouder, geboren te Beneden Oosterdiep, Veendam, zoon van Leonardus Gerard van der PLOEG (zie 2) en Eilke Henderika BOS (zie 3).
Gehuwd te Wildervank met Teunissina Lammechiena BENTUM, 23 jaar oud, geboren op 10-02-1921 te Veendam, overleden op 08-01-1972 te Groningen op 50-jarige leeftijd.
 
Generatie II

 
2    Leonardus Gerard van der PLOEG, Koopman, garagehouder, geboren op 19-12-1890 te Wildervank, overleden op 14-12-1959 te Gieten op 68-jarige leeftijd, zoon van Feico Sjoerd van der PLOEG (zie 4) en Jacobje de VRIEZE (zie 5).
Gehuwd op 27-jarige leeftijd op 20-06-1918 te Veendam met de 22-jarige
3    Eilke Henderika BOS, geboren op 09-03-1896 te Veendam, overleden op 04-04-1961 te Groningen op 65-jarige leeftijd, dochter van Jozef Franziskus BOS (zie 6) en Gezina SCHUTH (zie 7).
Uit dit huwelijk:
   1.  Feico Sjoerd van der, geboren te Beneden Oosterdiep, Veendam (zie 1).

Generatie III

 
4    Feico Sjoerd van der PLOEG, Fabrikant, geboren op 14-12-1858 te Baard, Baarderadeel, Friesland, overleden op 20-12-1926 te Groningen op 68-jarige leeftijd, zoon van Jan van der PLOEG (zie 8) en Eleonora Geertruida CARBIN (zie 9).
Gehuwd op 26-jarige leeftijd op 28-05-1885 te Wildervank met de 23-jarige
5    Jacobje de VRIEZE, geboren op 01-05-1862 te Bareveld, overleden op 08-07-1937 te Groningen op 75-jarige leeftijd, dochter van Jan de VRIEZE (zie 10) en Fenna Scheppers KRANS (zie 11).
Uit dit huwelijk:
   1.  Leonardus Gerard van der, geboren op 19-12-1890 te Wildervank (zie 2).

6    Jozef Franziskus BOS.
Gehuwd met
7    Gezina SCHUTH.
Uit dit huwelijk:
   1.  Eilke Henderika, geboren op 09-03-1896 te Veendam (zie 3).

Generatie IV

 
8    Jan van der PLOEG, Doopsgezind Predikant Doopsgezind Predikant Doopsgezind Predikant, geboren op 01-01-1834 te Ouddorp, Goedereede, Zuid-Holland, overleden op 09-11-1917 te Wildervank op 83-jarige leeftijd, zoon van Feike Johannis van der PLOEG (zie 16) en Arijaantje MASTENBROEK (zie 17).
Gehuwd op 24-jarige leeftijd op 11-02-1858 te Amsterdam met de 25-jarige
9    Eleonora Geertruida CARBIN, geboren op 04-08-1832 te Nickerie, Suriname, overleden op 27-02-1917 te Wildervank op 84-jarige leeftijd, dochter van Willem CARBIN (zie 18) en Cecilia ABBENSETZ (zie 19).
Uit dit huwelijk:
   1.  Feico Sjoerd van der, geboren op 14-12-1858 te Baard, Baarderadeel, Friesland (zie 4).

10    Jan de VRIEZE.
Gehuwd met
11    Fenna Scheppers KRANS.
Uit dit huwelijk:
   1.  Jacobje de, geboren op 01-05-1862 te Bareveld (zie 5).

Generatie V

 
16    Feike Johannis van der PLOEG, Doopsgezind Predikant Doopsgezind Predikant, geboren circa 1805 te Grouw, Boarnsterhim, Friesland, overleden 1883 te Burgsteinfurt, Steinfurt, Nordrhein-Westfalen, Germany, zoon van Johannes Aeschinus (Feikes) van der PLOEG (zie 32) en Frouwkjen BOUMA (zie 33).
Gehuwd op 24-03-1831 te Ouddorp, Goedereede, Zuid-Holland met
17    Arijaantje MASTENBROEK, geboren circa 1810 te Ouddorp, Goedereede, Zuid-Holland, overleden op 16-02-1869 te Ouddorp, Goedereede, Zuid-Holland, dochter van Jan MASTENBROEK (zie 34) en Jacomijntje van der KLOK (zie 35).
Uit dit huwelijk:
   1.  Jan van der, geboren op 01-01-1834 te Ouddorp, Goedereede, Zuid-Holland (zie 8).

18    Willem CARBIN, geboren op 10-11-1784 te 's-Gravenhage, overleden 1841. Wikipedia:
"Margarethenburg"
Margarethenburg was een koffieplantage aan de Nickerie in het district Nickerie in Suriname. De plantage lag stroomafwaarts naast de plantage Waterloo en stroomopwaarts naast de plantage Waaldijk.

Negentiende eeuw tijdens slavernij
De grond had een grootte van 500 akkers en werd vanaf 1828 met koffie beplant. De eigenaar was Willem Carbin die in 1820 vanuit Den Haag naar Suriname was gekomen. In 1824 kocht hij ook de grond voor de koffieplantage De nieuwe aanleg van 1000 akkers, tegenover Plaisance en Paradise en Krappahoek. De laatste verkocht hij al gauw aan Jan Adam Chardon, maar hij bleef wel enkele jaren directeur. Door zijn huwelijk met Cecilia Abbensetz was hij voor 1/4e deel eigenaar van de plantage Forque. Daarnaast was hij enkele jaren directeur van Longmay. Op Margarethenburg begon hij met de teelt van katoen, maar schakelde al snel over op koffie. Na zijn dood in 1841 ging het eigendom over naar zijn erven. Een familielid, T.G. Carbin, werd directeur en administrateur.

Negentiende eeuw na afschaffing slavernij[bewerken]
Bij de slavenemancipatie in 1863 werden 57 slaven vrijverklaard. Lodewijk Christoffel Carbin was toen directeur. Na de emancipatie schakelde de plantage over op contractarbeid. In totaal werden 101 contractanten uit Brits-Indië geworven en in 1926 arriveerden 167 arbeiders vanuit Java op de plantage. Rond 1880 werd door de overheid naast de plantage de stad Nieuw-Nickerie aangelegd op een perceel dat oorspronkelijk door Carbin was aangekocht. In 1889 was de plantage overgeschakeld op de teelt van cacao en werd door Lodewijk Willem Carbin de plantage Hamptoncourt aangekocht."

Eigenaren
1824: W. Carbin
1863: Lodewijk Christoffel Carbin voor 9/24 aandeel; Willem Carbin voor 5/24 aandeel; Margaretha Henriette Gesina Carbin voor 5/24 aandeel; Leonora Geertruida Carbin voor 5/24 aandeel

De achternamen die de tot slaaf gemaakten kregen na de afschaffing van de slavernijin 1863:
Andrieszoon; Arons; Blijft; Dikmoet; Ekkoo; Erfeld; Garnaat; Goedhart; Goedwil; Herder; Houtman; Keller; Kontrakt; Korter; Kristie; Mannedolf; Middellijn; Nibrac; Opregt; Parijs; Prengel; Rubens; Spruit; Sturker; Veelloop; Wets.
Gehuwd (1) circa 1813 met Cecilia ABBENSETZ (zie 19).
Gehuwd (2) met Wilhelmina Catharina Brix van WAHLBERG, geboren op 17-03-1791 te Breda, overleden op 14-12-1865 te Amsterdam op 74-jarige leeftijd.
Uit het eerste huwelijk:
   1.  Eleonora Geertruida, geboren op 04-08-1832 te Nickerie, Suriname (zie 9).
19    Cecilia ABBENSETZ, geboren circa 1797 te Berbice, Guyana, overleden op 15-01-1851 te Amsterdam, dochter van Lodewijk Christoffel ABBENSETS (zie 38) en Trijntje MEIJER (zie 39).
Uit dit huwelijk: 1 kind (zie onder 18).
 
Generatie VI

 
32    Johannes Aeschinus (Feikes) van der PLOEG, Doopsgezind Predikant, geboren circa 1778 te Dokkum, overleden op 21-08-1859 te Grouw, Idaarderadeel, Friesland, zoon van Feike Hiddes van der PLOEG (zie 64) en Antie Pieters HOEKSTRA (zie 65).
Gehuwd met
33    Frouwkjen BOUMA, geboren circa 1780 te Grouw, Idaarderadeel, Friesland, overleden op 02-12-1860 te Grouw, Idaarderadeel, Friesland, dochter van Tjalke Barteles BOUMA (zie 66) en Jetske GERBENS (zie 67).
Uit dit huwelijk:
   1.  Feike Johannis van der, geboren circa 1805 te Grouw, Boarnsterhim, Friesland (zie 16).

34    Jan MASTENBROEK.
Gehuwd met
35    Jacomijntje van der KLOK.
Uit dit huwelijk:
   1.  Arijaantje, geboren circa 1810 te Ouddorp, Goedereede, Zuid-Holland (zie 17).

38    Lodewijk Christoffel ABBENSETS, geboren op 19-11-1748 te Jade, Wesermarsch, Niedersachsen, Germany, overleden op 26-01-1827 te Nickerie, Suriname op 78-jarige leeftijd. Beroepen:
rond 1794 Raad van Civiele Justitie in Berbice, Guyana.
rond 1794 administrateur in Plantage Nieuw Sans Soucie, Berbice, Guyana.
rond 1794 asdministrateur in Plantage Mara en Germania, Berbice, Guyana.
rond 1794 administrateur en directeur in Plantage Nieuw Essendam, Berbice, Guyana.
rond 1794 administrateur in Plantage 't Plegt Anker, Berbice, Guyana.
rond 1794 administrateur in Plantage Sans Soucie, Berbice, Guyana.
rond 1794 administrateur in Plantage Schepmoed en Teddy, Berbice, Guyana.
Zie P.Koulen 2011: p.12/26
"Plantagie Schepmoed
Eigenaars J. v. Pool en Wed. Gillissen
Adminis. L. C. Abbensets
Directeur J. M. Deen"
rond 1794 administrateur in Plantage Schepmoed / Anna'szorg, Cottica, Suriname.
rond 1794 mede-administrateur [met J. de Vrij Jacbsz.] in Plantage De Waakzaamheid, Berbice, Guyana.
rond 1794 administrateur [ ook van Lots 40,41 en 42] in Plantage Zeeburg, Berbice, Guyana.
http://sites.rootsweb.com/~nyggbs/Transcriptions/BerbiceColonists1794.pdf
tussen 1809 en 1814 Raad, Hof van Politie en Kriminele Justitie in Berbice, Guyana
rond 1818 directeur in Plantage Planters Welvaren, Berbice, Guyana.
rond 8 februari 1825 kerkmeester, Protstants Kerkgenootschap in Nickerie, Suriname. Zoon van Lodewijks ABBENSETS (zie 76) en Maria ALTHING (zie 77).
Gehuwd (1) met Maria Elisabeth HEIJTMEIJER, geboren voor 1775, overleden op 02-11-1796 te Berbice, Guyana.
Gehuwd (2) met Trijntje MEIJER (zie 39).
Uit het tweede huwelijk:
   1.  Cecilia ABBENSETZ, geboren circa 1797 te Berbice, Guyana (zie 19).
39    Trijntje MEIJER.
Uit dit huwelijk: 1 kind (zie onder 38).
 
Generatie VII

 
64    Feike Hiddes van der PLOEG, Doopsgezind Predikant Literator en boekhandelaar, geboren op 28-01-1736 te Franeker, gedoopt op 20-03-1736 te Franeker, overleden 06-1790 te Dokkum, begraven op 29-06-1790 te Dokkum. Feike Hiddes van der Ploeg studeerde aan de Universiteit te Franeker en het Doopsgezind Seminarium te Amsterdam. Hij was predikant te Hindeloopen van 1767 tot 1772 en te Dokkum van 1772 tot 1787. In 1787 ging hij met pensioen en verliet hij Dokkum, waarschijnlijk vanwege zijn patriottische sympathieën. In 1788 keerde hij terug naar Dokkum, waar hij al zijn tijd en energie stak in de uitgeverij, die hij in 1778 had opgericht. Hij was de auteur van een gedichtenboek voor kinderen, dat toen zeer populair was. Hij publiceerde ook een Naamlijst van alle doopsgezinde gemeenten in Friesland met hun predikanten. Zijn beide zoons Hidde Wibius en Johannes Aeschinus van der Ploeg waren ook doopsgezind predikant.

PLOEG (Feike Hiddes van der), geb. Maart 1736 te Franeker, was de oudste zoon van Hidde Feykes, koopman aldaar en Grijttje Beerts Wassenaar ook uit Franeker. Merkwaardig is, dat deze doopsgezinde leeraar den kinderdoop heeft ontvangen op 20 Maart 1736 in de Herv. Kerk. Zijn vader was eenige dagen tevoren (15 Maart) tot de landskerk overgegaan. De zoon sloot zich later bij de doopsgezinden aan. Op 25 Oct. 1759 werd hij als student aan de Franeker Hoogeschool ingeschreven. Hij bediende de doopsgezinde gemeente van Hindeloopen en later van Dokkum. In laatstgenoemde plaats kwam hij 10 Sept. 1772 en verliet die plotseling 12 April 1787, hetgeen niet onwaarschijnlijk met politieke gevoelens in verband stond. Waar hij verder heeft gewoond, waaren wanneer hij is overleden, heeft men nog niet kunnen opsporen. De voornaam zijner vrouw was Anna. Twee van zijn zoons hebben in de theologie gestudeerd. De oudste Hidde Wibius, geb. 1769 te Hindeloopen was doopsgezind predikant eerst van Crefeld,later van Goch, Kleef, en Emmerik; in 1853 is hij te Goch overleden. De andere zoon, Johannes Aeschinus, was predikant van de Doopsgezinde gemeente te Grouw. Hij werd geboren in 1779 te Dokkum en stierf te Grouw in 1859.
_______________________________________________________________

Feike van der Ploeg (1736-1790) wie foargonger yn de Minniste tsjerke fan de âlde Vlamingen en Wetterlânners fan DOKKUM. Feike wie op 28-1-1736 berne te FRJENTSJER as soan fan in keapman t.w. Hidde Feickes. Hy wie boaske mei Antje Pieters Hoekstra. Hja krigen 5 bern w.û in Hidde Wibius, de lettere Minniste dûmny fan Krefeld en Goch, berne te Hylpen op 12-8-1768 en in Margaretha Albertina, berne te Hylpen op 28-8-1770 en letter boaske mei Godert Hoites Born. Feike stoar te Dokkum op 29-6-1790. It gesin ferhúze dêr nei yn 1795 nei SNITS.
_______________________________________________________________

"Doopsgezind predikant, vermeld in het Nieuw Nederlandsch biografisch woordenboek. Deel 6. Verliet op 12 april 1787 Dokkum en zijn gezin. Was aan de drank. Daarom reeds 3 keer geschorst. Keerde later terug naar Dokkum, maar was geen predikant meer (bron: kwartierstaat van Jan Rinse Wartena).

"Blijkbaar drukten de zorgen hem op den duur zoo zeer, dat hij in 1787 plotseling Dokkum verliet, met achterlating van vrouw en kinderen, die hij aan de zorg van de gemeente overliet; in verband daarmee verzocht in genoemd jaar de Dokkumse kerkeraadaan de gemeente Amsterdam om een nieuwe predikant. In het jaar, daarop volgend, keerde hij weer binnen Dokkums wallen terug, doch niet als voorganger der gemeente."
(Bron: Klaas Pera)

------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Feike van der Ploeg werd op 28 januari 1736 geboren te Franeker als zoon van Hidde Feickes, koopman op het Coudal (nu Het Noord Nrdz.) en de Groenmarkt aldaar en Grietie Beerts Wassenaar. Hoewel de vader een doopsgezinde achtergrond had, werd Feike op 20 maart 1736 gereformeerd te Franeker gedoopt. Hidde Feikes overlijdt eind 1745 of begin 1746. Zijn weduwe voorziet in het levensonderhoud van haar gezin met 2 kinderen - Feike en zijn zuster Neeltje - door studenten in de kost te nemen. In 1749
woont zij op de Tweede Noord te Franeker en is reedelijck begoedigt. In dat jaar trouwt zij met de kandidaat Wybe Martens Bosma. Pas in 1759 volgt het eerste beroep van Bosma te Gaast. Voor die tijd had hij een boekwinkel en studentenkosthuis te Franeker. Nauwelijks te Gaast woonachtig of Bosma laat Feike op 23 oktober 1759 te Franeker inschrijven als student in de wiskunde. Hij is dan al 23 jaar en heeft waarschijnlijk een tijd in de winkel van zijn stiefvader als boekbinder gewerkt. Feike is de eerste die de familienaam Van der Ploeg voert. Een ploeg is namelijk ook een stuk gereedschap om boeken mee te snijden. De reden waarom Feike zich in juli 1762 liet inschrijven aan het doopsgezinde seminarium Het Lam te Amsterdam is niet bekend. Met zijn laatste dissertatie over de ongegrondheid van vervolgingen in de godsdienst werd hij in november 1766 proponent. In januari 1767 volgde zijn aanstelling als voorganger van de doopsgezinde gemeente der Oude Vlamingen te Hindeloopen. Deze gemeente diende hij tot juli 1772 toen hij werd beroepen als voorganger van de verenigde doopsgezinde gemeente der Oude Vlamingen en Waterlanders te Dokkum. Feike van der Ploeg trouwde op 24 mei 1767 te Gaast met Antie (Anna) Pieters Hoekstra geboren te Franeker en begraven te Leeuwarden.
Het leven van Feike van der Ploeg te Dokkum verliep turbulent. De doopsgezinde gemeente van Dokkum heeft niet veel plezier van haar
voorganger gehad. Van der Ploeg heeft waarschijnlijk bij zijn aantreden als voorganger te Dokkum al diep in de schulden gezeten. Nauwelijks in functie of hij leende 150 gulden van zijn eigen gemeente gevolgd door een lening van 250 gulden van zijn gemeentelid Marten Binnes, boer te Betterwird. In 1776 tekent hij een schuldbekentenis voor 2.657 gulden aan de erven van Thijs Wepkes Feenstra te Franeker. Allert Scheltinga, een ander gemeentelid, leende hem daarna nog een bedrag van ruim 599 gulden. Ook had Feike Hiddes schulden bij de boekverkopers J.A. de Chalmot te Leeuwarden en P. Conradi te Amsterdam. De schulden liepen tenslotte zo hoog op dat Van der Ploeg de executeur Abe Poutsma machtigde zijn inboedel te verkopen om de schuld aan Conradi te voldoen. Toen lieten de doopsgezinde broeders zien wat zij waard waren. De schande werd hun voorganger bespaard doordat de broeders Frans Alles Claver en Jan Freerks voor hem instonden. Claver had voordien al samen met Lucas Grashuis uit eigen zak het tractement van Feike van der Ploeg
betaald. Toen hun voorganger bovendien aan de drank raakte, was de maat voor de kerkenraad echter vol. Hij zette zijn voorganger op 23 oktober 1780 af na Van der Ploeg een en andermaal vermaant, vervolgens geëxcommuniceert van de bediening van het Heilig Avondmaal, gepaart met nadrukkelijke vermaningen. Door tussenspraak van enige broeders en na sterke beloften van Feike zijn leven te beteren en gelet op de moeilijke omstandigheden waarin zijn gezin verkeerde, werd hij weer tot het ambt toegelaten.
Helaas verviel Van der Ploeg in zijn oude gedrag. Dat het niet goed ging blijkt uit de gepubliceerde brief van 4 juni 1787 van de Dokkumer gemeente aan Amsterdam voor financiële steun bij de benoeming van een nieuwe voorganger. Feike van der Ploeg had Dokkum inmiddels op 12 april 1787 verlaten, zijn gezin in kommervolle omstandigheden achterlatend. Het blijkt dat hij naar Amsterdam is gegaan en uit deze stad op 28 november 1787 naar Dokkum terugkeerde. Echter niet naar zijn gezin. Nadien trachtte Feike in zijn onderhoud te voorzien door samen met ene Gosse Thomas school te houden. Dat werd een volledige mislukking. Bovendien verbood de Dokkumer magistraat hem het schoolhouderschap. De beide officiële schoolmeesters T. van der Elst en L. Huisinga hadden zich acht dagen tevoren bij de gereformeerde kerkenraad beklaagd dat Van der Ploeg als doopsgezinde de Kerkenordening gegrond op s Lands wetten schond.
Toen na benoeming van een nieuwe voorganger in 1788 de vrouw van Feike van der Ploeg de pastorie moest verlaten, trok zij met haar kinderen weer bij haar man in. Feike overleed te Dokkum op 29 juni 1790. Inkomsten waren er niet en het gezin Van der Ploeg werd door de stedelijke armvoogden onderhouden. Antie Pieters Hoekstra verhuisde in mei 1795 met haar kinderen naar Sneek. Daar woonde het gezin eerst op het Skarn nr. 126 en daarna buiten t Noord in een pand dat bijna zeker een armhuis was. Toch zijn de kinderen van Feike Hiddes van der Ploeg en Antie Pieters Hoekstra erin geslaagd een goede positie verwerven. Zonder financiële steun -mogelijk van doopsgezinde broeders- zal dat waarschijnlijk niet mogelijk zijn geweest. Wellicht is ook de broer van Antie, Sipke Pieters Hoekstra, slager te Franeker, bijgesprongen. Hij en zijn vrouw kochten zich in 1799 in het St. Anthonygasthuis te Leeuwarden. In 1798 was Antie Pieters hen daar al voorgegaan door inkoop van een onbekende voor een bedrag van 1600 gulden. Feike van der Ploeg begon waarschijnlijk in de loop van 1773 samen met Harmannus Groenia en de drukker Rombartus Dijkstra een boekhandel te Dokkum. Zo gaven zij onder meer uit: Het eigen geschrift van David of Davids jeugd in een vloeibaar vers door een Gereformeerde godgeleerde van naam, op psalmnoten gebracht door G.J.G. liefhebber der muzyk voor 2 stuiver. Ook bij Van der Ploeg en Groenia werd uitgegeven een verhandeling over t zingen in openbaare bijeenkomsten, opgesteld door een Gereformeerd predikant 8 stuiver. Op 8 oktober 1874 hebben F. v.d. Ploeg en H. Groenja te Dokkum onder de pers: De Burkerij, een Vriesch boers vers; op 29 oktober 1774 verscheen bij dezelfde uitgevers:
Huwelijksche zegenwensch aan Franciscus Hendricus Bekius en Mej. Geeske Suidema als bruydegom en bruyd egtelijk vereenigd binnen
Dokkum 16 Oct. 1774 door ds. François Bekius te Ilpendam. Jawel de bekende duivel-dominee uit de Friese Wouden die op 7 april 1803 te Dokkum overleed. De activiteiten van Van der Ploeg als boekverkoper en -uitgever hebben vermoedelijk maar tot eind 1777 begin 1778 geduurd. Zijn compagnon Groenja raakte ook diep in de schulden en heeft het tot 1782 volgehouden.
Volgens prof. dr. Ph.H. Breuker, biograaf van Feike van der Ploeg en aan wie dit overzicht grotendeels ontleend is, was 1777 het begin van een korte maar heftige beweging in de Friese letterkunde. Volgens Breuker is Feike van der Ploeg daarin de centrale figuur en kan deze beweging niet los worden gezien van zijn persoon. De Dokkumer voorganger der mennisten en boekverkoper is als literator een vrij wat onbekende figuur gebleven. Vooral op zijn stukken in het Fries ontbreekt zijn naam. Een groot deel van zijn werk is verdwaald geraakt in verschillende almanakken. Pas in 1830 worden zijn grote stukken herdrukt. Door de opkomst van de gebroeders Halbertsma, die stukken in hetzelfde genre schreven, raakte Feike op de achtergrond. Hoewel zij met het werk van Van der Ploeg bekend waren
hebben de Halbertsma s nagelaten hem bekend te maken. Misschien uit eigen wetenschap over de persoon van Feike van der Ploeg en uit respect voor diens zoon Johannes Aeschines van der Ploeg, hun doopsgezinde voorganger te Grouw.

Bronnen:
Breuker, Ph.H. Feike van der Ploeg (1736-1790) Libben, wurk en plak yn e
Fryske letterkunde in De Vrije Fries, LXVI (1986) 7-23;
Nederlands Patriciaat 17 (1927, zoon van Hidde FEIKES (zie 128) en Grietje Beerts WASSENAAR (zie 129).
Gehuwd op 31-jarige leeftijd op 24-05-1767 te Gaast, Wonseradeel, Friesland met
65    Antie Pieters HOEKSTRA, geboren 10-1738, gedoopt op 19-10-1738 te Birdaard, Ferwerderadeel, Friesland, overleden op 16-09-1801 te Leeuwarden, dochter van Pieter HAEIJES (zie 130) en Antje YPES (zie 131).
Uit dit huwelijk:
   1.  Johannes Aeschinus (Feikes) van der, geboren circa 1778 te Dokkum (zie 32).

66    Tjalke Barteles BOUMA.
Gehuwd met
67    Jetske GERBENS.
Uit dit huwelijk:
   1.  Frouwkjen, geboren circa 1780 te Grouw, Idaarderadeel, Friesland (zie 33).

76    Lodewijks ABBENSETS, Administrateur op Plantage De Vogelzang Lid van de raad van het Hof van Civiele Justitie in Fort Nassau, geboren circa 1714 te Varel, Rotenburg, Niedersachsen, Germany, overleden circa 1767 te Berbice, Guyana. Eigendommen:
voor 1758 erfdeel Anthony Abbensets, Plantage Schepmoed en Teddy, Berbice, Guyana
voor 1767 erfdeel Anthony Abbensets, Plantage Mara en Germania, Berbice, Guyana.
Gehuwd (1) met Susanna Maria AUDRIE.
Gehuwd (2) met Maria ALTHING (zie 77).
Uit het tweede huwelijk:
   1.  Lodewijk Christoffel, geboren op 19-11-1748 te Jade, Wesermarsch, Niedersachsen, Germany (zie 38).
77    Maria ALTHING.
Uit dit huwelijk: 1 kind (zie onder 76).
 
Generatie VIII

 
128    Hidde FEIKES, Koopman, geboren circa 1700 te Franeker (gezindte: NH), overleden 04-1745 te Franeker. Waarschijnlijk stamt hij af van Hidde Feyckes, chirurgijn te Berlikum en Sneek (vermeld in 1579 en 1589). (Bron: Klaas Pera)

Hiddee Feikes woont in september 1730 samen met Grietie Beerts Wassenaar, zoon van Feicke CLASES (zie 256) en Hancke HIDDES (zie 257).
Ondertrouwd op 26-02-1735 te Franeker, gehuwd op 16-03-1735 te Franeker met
129    Grietje Beerts WASSENAAR, geboren 01-1710 te Franeker, gedoopt op 21-01-1710 te Franeker, dochter van Beert Arjens WASSENAAR (zie 258) en Neeltje Hoites van BUIREN (zie 259).
Ondertrouwd (1) op 26-02-1735 te Franeker, gehuwd op 16-03-1735 te Franeker met Hidde FEIKES (zie 128).
Ondertrouwd (2) op 19-07-1749 te Franeker, gehuwd op 03-08-1749 te Franeker met Wybe (Wybius) BOSMA.
Uit het eerste huwelijk:
   1.  Feike Hiddes van der PLOEG, geboren op 28-01-1736 te Franeker (zie 64).

130    Pieter HAEIJES.
Gehuwd met
131    Antje YPES.
Uit dit huwelijk:
   1.  Antie Pieters HOEKSTRA, geboren 10-1738 (zie 65).

Generatie IX

 
256    Feicke CLASES, Meester pottenbakker, geboren circa 1655, overleden voor 1718. Was in 1707 eigenaar van het huis "de Roode Rompot" op Coudal (Nederlands Patriciaat 17 (1927), p. 282-293: Van der Ploeg, doopsgezind.). Zoon van Claes FEICKES (zie 512) en N.N (zie 513).
Gehuwd op 03-12-1681 te Franeker met
257    Hancke HIDDES, geboren circa 1660 te Harlingen, overleden 1727-1733.
Uit dit huwelijk:
   1.  Keunske FEYKES, geboren circa 1695 te Franeker, gedoopt te Franeker, overleden op 24-02-1754 te Franeker.
Ondertrouwd op 11-05-1715 te Franeker, gehuwd op 02-06-1715 te Franeker met Beert Arjens WASSENAAR (zie 258).
   2.  Hidde FEIKES, geboren circa 1700 te Franeker (zie 128).

258    Beert Arjens WASSENAAR, Vroedsman, burgemeester en meester bakker, geboren 1674 te Sint Jacobiparochie, Het Bildt, Friesland, overleden op 07-04-1747 te Franeker. Beert Arjens Wassenaar; mr. bakker te Franeker, burger-sergeant 1715, burgemeester 1740, overl. Franeker 7 april 1747, tr. 1. St. Jacobipar. 16 mei 1701 Neeltje Hoites van Buiren, geb. St. Jacobip., overl. Franeker maart 1714 (dr v Hoite IJsbrands en Trijntje Willems van Buren); tr. 2. Franeker 2 juni 1715 Kunskje Feikes; ki. (ged. Franeker), ex 1: Antje, 31 dec. 1702 (overl.); Antje, 3 juni 1704 (overl.); Antje, 19 mei 1705 (overl.); Antje, 13 juli 1706 (overl.); Antje, 8 dec. 1707 (tr. Franeker 14 juli 1748 ds. Johannes Herfst, geb. Leeuwarden, predikant, overl. Schingen 9 april 1770); Hoite, 13 dec. 1708; Grietje, 21 jan. 1710 (tr. Hidde van der Ploeg); Arjen, 28 juli 1712; Neeltje, 20 maart 1714; ex 2: Feikje, 9 feb. 1719 (tr. Fran. 18 aug. 1743 Gerrit van der Mey); Feike, 26 feb. 1722, zoon van Arjen BARTHOUTS (zie 516) en Antje GERBENS (zie 517).
Gehuwd (1) op 16-05-1701 te Sint Jacobiparochie, Het Bildt, Friesland met Neeltje Hoites van BUIREN (zie 259).
Ondertrouwd (2) op 11-05-1715 te Franeker, gehuwd op 02-06-1715 te Franeker met Keunske FEYKES, geboren circa 1695 te Franeker, gedoopt te Franeker, overleden op 24-02-1754 te Franeker.
Uit het eerste huwelijk:
   1.  Grietje Beerts, geboren 01-1710 te Franeker (zie 129).
259    Neeltje Hoites van BUIREN, geboren te Sint Jacobiparochie, Het Bildt, Friesland, overleden 03-1714 te Franeker, dochter van Hoite IJSBRANDS (zie 518) en Trijntje Willems van BUREN (zie 519).
Uit dit huwelijk: 1 kind (zie onder 258).
 
Generatie X

 
512    Claes FEICKES, geboren circa 1615, zoon van Feicke N.N (zie 1024) en N.N (zie 1025).
Gehuwd met
513    N.N.
Uit dit huwelijk:
   1.  Feicke CLASES, geboren circa 1655 (zie 256).

516    Arjen BARTHOUTS, overleden voor 1684.
Gehuwd met
517    Antje GERBENS.
Uit dit huwelijk:
   1.  Beert Arjens WASSENAAR, geboren 1674 te Sint Jacobiparochie, Het Bildt, Friesland (zie 258).

518    Hoite IJSBRANDS.
Gehuwd met
519    Trijntje Willems van BUREN.
Uit dit huwelijk:
   1.  Neeltje Hoites van BUIREN, geboren te Sint Jacobiparochie, Het Bildt, Friesland (zie 259).

Generatie XI

 
1024    Feicke N.N. Bron: Nederlands Patriciaat 17 (1927), p. 282-293: Van der Ploeg, doopsgezind.
Bron: https://www.genealogieonline.nl/kwartierstaat-johannes-zijlstra/I1071470020.php
Bron: Stamboom Tigler Wijbrandi.
Gehuwd met
1025    N.N.
Uit dit huwelijk:
   1.  Claes FEICKES, geboren circa 1615 (zie 512).

Homepage | E-mail


gemaakt met PRO-GEN 'Genealogie à la Carte' software